Duitse politici met dood bedreigd na aanval Erdogan

Armeense genocide Turks-Duitse leden van de Bondsdag vrezen voor hun veiligheid, nu Erdogan boos is. over erkenning genocide.

Demonstranten in Berlijn voorafgaande aan de stemming over de Armeense genocide. Foto AP / Michael Sohn x

Elf Duitse parlementariërs van Turkse komaf vrezen voor hun veiligheid, en die van hun familieleden, na een stroom van haatmails en doodsbedreigingen uit Duitsland en Turkije. De bedreigingen komen nadat de Turkse president Erdogan vorige week had gezegd dat deze Bondsdagleden „verdorven bloed” hebben en een verlengstuk zijn van de Koerdische terreurbeweging PKK.

Erdogan viel de Bondsdagleden aan omdat ze begin deze maand voor een resolutie stemden waarin de Turkse massamoord op Armeniërs van 1915-1916 werd aangeduid als „volkerenmoord”. De volksvertegenwoordigers zouden een bloedtest moeten ondergaan, aldus Erdogan, „want niemand die het bloed van deze natie door de aderen vloeit, kan dit land beschuldigen van de zogenaamde volkerenmoord”.

In Duitsland zijn deze uitspraken opgevat als een ernstige vorm van intimidatie van leden van het parlement. „Iedereen die met dreigementen probeert druk uit te oefenen op individuele volksvertegenwoordigers, moet weten dat hij het hele parlement aanvalt”, zei Bondsdagvoorzitter Norbert Lammert vorige week. Bondskanselier Merkel, die aanvankelijk alleen had gezegd dat ze „de uitspraken van Turkse zijde onbegrijpelijk” vond, applaudisseerde nu van de regeringsbankjes voor de woorden van Lammert, wat in Duitsland heel ongebruikelijk is.

De betrekkingen tussen Duitsland en Turkije zijn de afgelopen maanden sterk verslechterd. Erdogan zette veel kwaad bloed in Duitsland met zijn juridische klacht tegen de komiek Jan Böhmermann. Bij veel Duitsers bestaat het gevoel dat Merkel zich met het Europese vluchtelingenakkoord met Turkije veel te afhankelijk heeft gemaakt van de Turkse president.

Dit weekeinde hebben de bedreigde parlementariërs gesproken met de Duitse federale politie over de penibele situatie waarin ze verkeren. Ze hebben inmiddels extra politiebewaking gekregen. Het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft ze aangeraden voorlopig niet naar Turkije te reizen. Sommige van hen mijden nu de publiciteit en hebben openbare bijeenkomsten afgezegd.

Taxichauffeur

In de Frankfurter Allgemeine Sonntagszeitung vertelt een van de Turks-Duitse parlementariërs hoe een taxichauffeur, ook met Turkse achtergrond, haar tijdens een ritje tussen haar huis en het parlement er fel van beschuldigde deel te zijn van een samenzwering tegen Turkije. Toen ze uitstapte dacht ze: „Scheiße, hij weet waar ik woon.” Een collega durft na een vloed van dreigementen zijn kinderen niet meer van school te halen, uit angst dat hun iets zal worden aangedaan als de dreigers erachter komen dat zij hun moeder is.

Voorzitter Cem Özdemir van de Groenen, initiatiefnemer van de resolutie en zoon van Turkse immigranten, moest in een dreigmail lezen:

„Ooit zullen je Duitse vrienden het vergeten zijn, maar wij niet. We zullen je altijd weten te vinden.”

Minister van Binnenlandse Zaken De Maizière noemt de bedreigingen onacceptabel. Hij wijst erop dat de meeste van de 3,5 miljoen mensen met Turkse wortels in Duistland „goede buren en een belangrijk deel van onze samenleving” zijn.

    • Juurd Eijsvoogel