Viktor de ontembare

‘Havermout”, zei Viktor Kortchnoi toen ik vroeg naar het geheim van zijn kracht op hoge leeftijd. Soms zei hij ook dat het kwam doordat hij het beleg van Leningrad had overleefd. Wie dat had doorstaan, kon overal tegen.

Hij had een alles overheersende liefde voor schaken. „Wollt ihr das totale Schach?” schreef Hein Donner boven een verslag over het NK van 1977 dat Viktor won met 12 uit 13, 3½ punt meer dan Donner en Timman, die de tweede plaats deelden.

Genna Sosonko, die hem goed kende, besloot in 2001 een artikel ter gelegenheid van Viktors zeventigste verjaardag met de woorden: „Viktor Kortchnoi will fight on for ever, and ever, and ever.” Wie wil er als hij in 1978 op een haartje na wereldkampioen is geweest, in 2009 nog kampioen van Zwitserland worden? Kortchnoi wel, hij kon niet ophouden.

In dat artikel uit 2001 vertelde Sosonko ook dat Kortchnoi tijdens het Corustoernooi van 1997 in Wijk aan Zee tegen hem zei dat hij had opgemerkt dat Timman in het laatste uur van een partij moe werd, en dat hij daarom van plan was hem uit te putten door de spanning lang te handhaven. Kortchnoi was toen 65, Timman 45.

In zijn autobiografie Mein Leben für das Schach schreef hij dat hij in 1985 voor het eerst merkte dat schaken hem moeilijk afging, tijdens een kandidatentoernooi in Montpellier.

Hij schreef: „Mijn schaakleven ging natuurlijk verder, maar nu wist ik dat er een lat is waar ik niet meer overheen kan springen.”

Zoiets moet hij ook gevoeld hebben na de sensationele partij hier onder, waarin hij huizenhoog gewonnen stond, maar zich door Kasparovs geniale bluf nog liet bedotten. Hij schreef, ongewoon deemoedig: „Waarschijnlijk had de wereldkampioen me van zijn onfeilbaarheid en onoverwinnelijkheid overtuigd. Daarna verloor ik tegen Kasparov zeven demoraliserende partijen.”

Vorig jaar speelde hij, enigszins hersteld van zijn beroerte in 2012, vanuit een rolstoel nog een korte rapidmatch tegen Wolfgang Uhlmann, die toen 80 was. Het werd 2-2 en Viktors commentaar was dat Uhlmann de openingen niet begreep.

Garri Kasparov - Viktor Kortchnoi, Ohra-toernooi Brussel 1986

1. d4 Pf6 2. c4 e6 3. Pf3 Lb4+ 4. Ld2 c5 5. g3 Db6 6. Lg2 Pc6 „Er zijn nog maar een paar zetten gespeeld en wit verliest al een pion’’ schreef Kortchnoi. Helemaal waar is dat niet, want met 7. e3 kan wit zijn pion redden. 7. d5 Maar Kasparov offert graag. 7...exd5 8. cxd5 Pxd5 9. 0-0 Pde7 10. e4 d6 11. Le3 Dc7 12. a3 La5 13. Lf4 Pe5 14. b4 cxb4 15. axb4 Lxb4 16. Da4+ P7c6 17. Pd4 a5 18. Pc3 Ld7 19. Pd5 Dd8 20. Pf5 0-0 21. Dd1 Lc5 22. Tc1 Met twee pionnen minder gaat wit met deze blufzet all-in. Hij voorziet grote daden voor zijn toren en neemt het voor lief dat zwart een dame haalt. 22...a4 23. g4 a3 24. g5 a2 25. Dh5 Lxf5 26. exf5 Ld4 27. Lxe5 Pxe5 28. Le4 Te8 29. Tc7 a1D 30. Txa1 Txa1+ 31. Kg2 Ta2

Zie diagram

Met een toren minder staat wit glad verloren. Wat kan hij nog doen? Beide spelers hadden nog minder dan een minuut bedenktijd. 32. Te7 Een geniale truc. De verborgen dreiging is 33. Pf6+ gxf6 34. g6 met remisekansen. 32...Txf2+ 33. Kg3 Nu wint bijna alles voor zwart. 33...Txe7 Maar hiermee maakt hij het zich moeilijk. 34. f6 Pg6 35. Pxe7+ Kf8 36. Dxh7 Lxf6 Nog steeds zou zwart na 36...gxf6 gewonnen staan. 37. Pxg6+ fxg6 38. Kxf2 Ook wit grijpt mis. Hij moest met 38. Dh8+ eerst de dames ruilen. 38...Db6+ 39. Kg2 Db2+ 40. Kh3 Lxg5 Laatste zet voor de tijdcontrole. Na 40...Le5 wint zwart. 41. Dxg6 Df6 42. Dxf6+ Remise

    • Hans Ree