Opinie

    • Jan Kuitenbrouwer

Trump: salsa, humus en knijen maar

Nu Trump dé kandidaat van de Grand Old Party is, probeert de partij hem op te voeden tot een ‘echte’ politicus. In deze My Fair Lady is de rol van Henry Higgins, de taalprof die dakloze Eliza Doolittle moet klaarstomen voor de society, toebedeeld aan GOP-fractieleider Mitch McConnell. „Heb je een script?”, vroeg hij onlangs aan Trump voordat hij opging voor een speech. Trump toonde hem zijn lege zakken: „Ik gebruik nooit scripts. It’s boring.” Gevraagd naar het gebruik van autocue verklaart Trump afwisselend dat hij er niet in gelooft en dat ze geweldig zijn. Hij ridiculiseert Hillary Clinton omdat zij altijd autocue gebruikt en doet het de volgende dag zelf ook.

Als íets mensen ergert aan de politiek dan is het dat politici het ene moment dit zeggen en het volgende moment iets anders. Inconsistentie doet afbreuk aan de geloofwaardigheid van een politicus, zo wil de conventionele wijsheid. Luister langer dan tien minuten naar Donald Trump en de kamer hangt vol vraagtekens. Vrouwen moeten werken én thuis blijven. Hij maakt de zaken graag ‘zo simpel mogelijk’, maar ook ‘zó ingewikkeld dat niemand ze begrijpt’. Hij is ‘geen politicus’, maar ook ‘gewoon een politicus’. Hij is pro choice én pro life.

Ijverig zet de politieke pers al die tegenstrijdigheden op een rij, en gestaag stijgt Trump in de peilingen.

Nog zelfdestructiever voor een politicus is het beledigen van minderheden, ook iets waar Trump volgens Mitch – Higgins – McConnell echt mee op moet houden. Trump is verwikkeld in een rechtszaak over een van zijn ondernemingen. De rechter is van Mexicaanse afkomst. „En dus kan hij mijn zaak niet berechten”, zei Trump, „want ik ga een muur tussen Amerika en Mexico bouwen.” Peilingen wezen direct uit dat het Amerikaanse publiek dit een racistische opmerking vindt. Een ‘echte’ politicus zou direct door het stof gaan. Het is de strategie die elke expert adviseert: snel een ondubbelzinnig excuus, niet meer op terugkomen en de kwestie overschaduwen met iets positiefs. Vooral niet ‘wrijven in de vlek’, zoals het heet.

Wat deed Trump? Hij nam niets terug en bleef maar op de kwestie terugkomen. Tijdens een opnieuw volledig geïmproviseerde verkiezingsspeech nam hij tien minuten voor een warrige uiteenzetting over die uiterst gecompliceerde rechtszaak, inclusief, wederom, de etnische achtergrond van de rechter. Kort daarop gooide hij er in het veelbekeken Face The Nation nog een schepje bovenop met de stelling dat zijn bezwaar uiteraard ook zou gelden voor een ‘moslimrechter’. Dit was geen wrijven in de vlek meer, dit was een gorefest! Als een volleerd Tell Sell-verkoper pakte Trump een pot salsa en een bakje humus, kiepte ze om in zijn schoot en begon te knijen als een kind met vingerverf. Politieke deskundigen knepen zich in de arm. Het was alsof ze bakstenen omhoog zagen vallen. Gebeurt dit echt? „Ik begrijp er geen snars van”, sprak een campagnestrateeg, „als strateeg, als echtgenoot, als huizenbezitter en als mens.”

Al die ‘deskundigen’ die Trump nu gevraagd en ongevraagd advies geven, die van deze „gifted amateur” (Newt Gingrich) een heuse professional proberen te maken – het doet denken aan 2001, toen de begaafde amateur Pim Fortuyn lijsttrekker werd van Leefbaar Nederland en ervaren vaklui als Kay van de Linde en Jan Nagel hem gingen uitleggen wat hij wel en niet kon zeggen. Fortuyn hield het al gauw voor gezien en trok zijn eigen plan. En precies zoals Trump nu, liet Fortuyn zien dat het handboek sommige politici misschien beschermt tegen mislukking, maar andere weerhoudt van succes. Een lastige verslaggeefster klampt hem aan en tegenover tientallen camera’s en microfoons zegt Fortuyn: „Ach mevrouw, ga toch koken. Dat is beter.” Einde loopbaan, zegt het handboek, maar voor Pim was het de start van een onstuitbare opmars.

    • Jan Kuitenbrouwer