Ibiza aan het Grevelingenmeer

Luxe resorts in nieuwe natuur moeten er in Zeeland komen volgens projectontwikkelaar Matthijs Zeelenberg. Natuur als de nieuwe ballenbak.

Inspiratiecentrum Grevelingen

Als Matthijs Zeelenberg vanaf zijn zeilboot naar de Nederlandse kust kijkt, kan hij niet begrijpen waar de discussie over kustbebouwing vandaan komt. Een prachtig lege kust ziet hij, nergens die „Belgische taferelen” waar natuurorganisaties het tegenwoordig over hebben. Ja, in Scheveningen en Zandvoort misschien. Maar voor de rest: lege stranden, ongerepte duinen, hier en daar een mooie beachclub. Zo hoort het, vindt Zeelenberg.

De Zeeuwse boerenzoon Zeelenberg (64) is projectontwikkelaar, vooral aan de kust. Hij ontwierp en bouwde meer dan 40 duizend vakantiewoningen aan zee. Zo’n 2.500 daarvan staan in Nederland, de rest in Duitsland, China en op Curaçao.

Het vakantiedorp Port Zélande aan de Brouwersdam, op de grens van Zeeland en Zuid-Holland, vormde meer dan vijfentwintig jaar geleden zijn doorbraak als leisure-architect. Hij bouwde er meer dan zevenhonderd woningen, die tot op de dag van vandaag door Centerparcs verhuurd worden. „Daarna kwamen de Chinezen en de grote exotische opdrachten”, zegt hij.

Zeelenbergs ambities zijn net zo avontuurlijk als de spreuken aan de muur van zijn kantoor, dat uitkijkt over de jachthaven van Ouddorp. ‘Dream big’, ‘Colour outside the lines’ en, naar Christopher Columbus: ‘You’ll never cross the ocean, unless you have the courage to lose sight of the shores’. De filosofie van Zeelenberg: maak eerst nieuwe natuur en bouw daar vervolgens huizen in.

Precies zo ging hij te werk bij zijn laatste project: Punt West, een ‘Eco Hotel’ aan het Grevelingenmeer. „Dat stukje was totaal verpauperd”, zegt Zeelenberg, „een verlaten parkeerterrein en een failliete strandtent.” Sinds een maand staan er 100 luxe villa’s aan een aangelegde baai in het duingebied, omringd door recent aangeplant groen.

In de bijbehorende beachclub kunnen gasten op beige leren bedjes liggen, een fles gekoelde rosé en inbegrepen handdoeken bij de hand. Je kunt er met de boot voor anker gaan, je naar de club laten varen en daar een flesje Amarone della Valpolicella Le Salette bestellen à 339 euro, of een drieliterfles champagne.

Het is ‘Ibiza aan de Grevelingen’, zegt Zeelenberg. Luxe die we in Nederland niet gewend zijn. Daar is volop vraag naar: „De enige klacht die we hier krijgen, is dat het altijd vol is.”

Zeelenbergs nieuwste project is Brouwerseiland, the next step in leisure, volgens de site en het bijbehorende drie kilo zware fotoboek. Hij heeft samen met baggerbedrijf Boskalis al miljoenen geïnvesteerd in een plan om in het Grevelingenmeer een aantal eilanden op te spuiten, met duinen tot wel acht meter hoog. Op die eilanden aan de Brouwersdam moeten driehonderd luxe vakantiewoningen verrijzen, allemaal met een eigen aanlegsteiger. De vraagprijzen: 300 duizend tot 1,2 miljoen euro, en „bijna alles is al gereserveerd”.

Sandwich met natuur

Brouwerseiland wordt volgens Zeelenberg the best of both worlds, een sandwich van natuur en leisure, luxe en rust. A once in a lifetime opportunity.

Op Brouwerseiland moet naast huizen ook een dorpscentrum komen: een haven met een visafslag waar je een kreeftje of oestertje kan eten; een foodmarket met lokale producten; een theatertje voor vermaak in de avond. Alleen vakantiewoningen bouwen is niet genoeg, vindt Zeelenberg. Hij wil duindorpen creëren, met een echt centrumgevoel en goeie horeca.

Voor de gasten komt er verder passend dag-entertainment: niet met z’n tachtigen in een bus naar het bloemencorso, maar geïndividualiseerde programma’s, in luxe busjes. Op de Centerparc-activiteiten – het tropisch zwembad en de midgetgolf – is de gemiddelde vakantieganger wel uitgekeken, zegt Zeelenberg. Liever gaan ze „op de juiste manier georganiseerd” met een eigen bootje dolfijnen of walvissen kijken. Natuur als de nieuwe ballenbak.

Zeelenbergs doel is om Zeeland zo mooi mogelijk te maken. Het moet „het Florida van Nederland” worden, waar recreatie en wonen natuurlijk in elkaar overlopen. De vergunningen voor Brouwerseiland zijn nog niet rond, maar Zeelenberg vertrouwt erop dat dat goed zal komen. Brouwerseiland kan organisaties als Roompot en Landal, die de kust volbouwen met „meer van hetzelfde” een spiegel voorhouden. „Het zou toch jammer zijn als de manier waarop het juist wél moet, wordt tegengehouden?”

Tegenstanders

Niet iedereen is zo enthousiast. Luc Schoutten en Ad van Iersel zijn bijvoorbeeld uitgesproken tegenstanders. De mannen van middelbare leeftijd komen al jaren met vrouw en klein hondje naar het Grevelingenmeer, om er te windsurfen. Schoutten woont in België, maar staat jaarlijks van maart tot november op een minicamping in de buurt. Elke ochtend rijdt hij twee keer op en neer vanaf de camping om zijn aanhanger met surfplanken en caravan aan het meer te parkeren, recht tegenover de plek waar straks de oude Delta-werkhaven zou moet wijken voor de Dubai-achtige eilanden.

Hij surft er tot de avond valt. Op het beste meer van Europa, zegt hij. „Uit heel de wereld komen surfers hierheen”, beaamt Van Iersel. Maar met de komst van Brouwerseiland zal het gedaan zijn met hun surfplek, vrezen de mannen.

En zij niet alleen. Op Facebook heeft de actiegroep ‘Save Our Surfspot’ meer dan drieduizend sympathisanten. Zij doen er alles aan om de aanleg van Brouwerseiland te dwarsbomen. Dat zou met zijn hoge aangelegde duinen de unieke zuidwestenwind in de weg zitten, de parkeerplekken aan het meer wegkapen, en voor een „file van dure motorboten” zorgen.

Zij vinden het een speeltje voor de rijken. „Zo’n luxeresort is niets voor Zeeland”, zegt Van Iersel. „De kleine man koopt hier een ijsje in de buurt, en is sociaal bezig. Die trekt zich niet terug in een resort.” Hij gelooft weinig van de belofte dat de nieuwbouw tientallen miljoenen inkomsten voor de regio zouden genereren. Hij wijst naar het van verre zichtbare nieuwe inspiratiecentrum op de dam. „Dat zou ook duizenden bezoekers trekken, zeiden ze. Maar je kan er een kanon afschieten.”

Schoutten is strijdbaarder. „Ik kom speciaal uit België hierheen gereden,” zegt hij. „Bij ons is er geen leeg plekje langs de kust te vinden. Nederland moet slim genoeg zijn om niet die kant op te gaan.”

    • Merijn Rengers en Doortje Smithuijsen