Opinie

    • Bas van Putten

Heroïsch sereen

Jaguar heeft nu een SUV, net als Audi, BMW en Porsche. Kolossaal is de mode, schrijft Bas van Putten.

De Jaguar F-Pace bij Romijn in Den Haag. Foto Peter de Krom

Als ik hem ophaal, verkeert de Jaguar-importeur net in gespannen afwachting van een commercieel aantrekkelijke prominent. De eerste F-Pace van het land, tevens de eerste Sports Utility Vehicle van Jaguar, is aangeschaft door dj Armin van Buuren, die zijn auto hoogstpersoonlijk in ontvangst komt nemen. Ik maak me met mijn test-Jag tijdig uit de voeten. Die jongen zou spontaan zijn koopcontract verscheuren als hij mijn oude kop zag in zíjn wagen. Maar ik feliciteer hem met zijn auto, en Jaguar met de perfecte ambassadeur voor het product, beschaafd en toch gelikt.

Een suv van Jaguar mag vloeken in de kerk zijn, hij was onvermijdelijk. Porsche heeft er twee, Audi en BMW wel drie van klein tot groot en binnenkort komt zelfs Maserati met zo’n doos. Ze gaan als warme broden van de hand, hoe sneller en duurder hoe beter.

Dat is om drie redenen merkwaardig. Ten eerste is op terrein- en transportvaardigheden van deze offroad-derivaten dusdanig beknibbeld dat je ze voor hun veelzijdigheid niet hoeft te kopen. Ten tweede is zo’n vleeshomp met zijn hoge zwaartepunt en massa de beroerdst denkbare basis voor sportieve rijeigenschappen. Ten derde wordt zijn omvang duur betaald op urban hotspots waar de nieuwe van Van Buuren in het oog moet lopen, want daar is hij voor. Alleen zo’n treurig Smartje past daar met een beetje persen net tussen de F-Pace-concurrenten. Maar kolossaal is de mode.

Onderzoeken wij gelaten nut en potentieel.

Eerst de U van Utility. Achterin gaat het goed met voldoende been- en hoofdruimte en significant meer kofferruimte dan de Porsche Macan, uitdager nummer één. De ruimtewinst met neergeklapte achterbank is niet overweldigend. De rails in de laadvloer, met verschuifbare verankeringsogen voor lastige vracht, spotten met de modieuze ambiance als een gereedschapskist in een schoonheidssalon. Voor de ruimte nam je net zo lief een Jaguar XF. Maar daar reikt de honingraatgrille in Gloss Black niet tot je middel, die heeft niet dit massale – en de U van Uitgekookt wordt in dit genre tegenwoordig weggeblazen door de S van Sport. De F-Pace moet een Macan kunnen bijhouden. Jaguar belooft een „performance-suv met het dna van een sportauto”.

Opkrikken

Van de drie leverbare motoren zijn er twee, beide zescilinders, die een familie-Porsche kunnen behappen; de drieliter diesel met 300 pk en de van de Jaguar F-Type bekende 3.0 Supercharged benzinemotor met 380 pk, die van Armin. Zakelijke pragmatici worden bediend met een viercilinder diesel voor een startprijs van iets onder de 54.000 euro. Ja, zo kan ik ook goedkoop doen, wetend dat zo’n uitgeklede F-Pace toch de manneneer te na is. Met de voor ego en zichtbaarheid vereiste velgmaten, displays, panoramadaken en premium geluidssystemen zullen de gemiddelde verkoopprijzen de zeventig mille snel overstijgen. „Pas bij 75 wordt het een beetje leuk”, mailde een ambitieuze leasevogel mij al verslagen.

De F-Pace oogt als een verlengde Macan met zijn romig afgeronde zijruitpartijen en de schuin aflopende daklijn die het al te blokkendozerige moet verzachten. Zijn betrekkelijke laagte kan via een extra kapitaalinjectie worden bestreden met 22 inch-velgen die hem van onderaf een beetje opkrikken. De stoere kwaliteitsslag is gemaakt. In raffinement en afwerkingsniveau doet het interieur nauwelijks voor de Duitse voorhoede onder. Afgezien van wat rare onbedoelde vouwen in de zitting achter is het helemaal premium.

Ik heb de V6-diesel in luxe Portfolio-uitvoering met leer en hemelbekleding in light oyster, bloedgeile sierdelen van donker ebbenhout en een voluptueus panoramadak. Met dat ontaard sterke maar gewichtige blok voorin rijdt hij heel goed, al zie ik hem op circuits nog geen Macan verslaan. Bochten neemt hij in hoog tempo, maar een fractie minder strak dan de intimiderend stabiele Angstgegner.

Ik sluit niet uit dat de dik 200 kilo lichtere viercilinder, als enige leverbaar met achterwielaandrijving en handbak, ondanks zijn veel lagere vermogen van 180 pk meer stuurplezier oplevert. Anderzijds is de 3.0 d de motor die het best past bij de comfortabele reiswagen die de F-Pace achter dat rookgordijn van grote stoere woorden echt is; zo gemakkelijk snel, zo stil, zo heroïsch sereen met die onwaarschijnlijke, altijd parate trekkracht van 700 Newtonmeter. Hij is Arnold Schwarzenegger in een film voor het hele gezin, die het alleen nog op een knokken zet om de kerstman te redden. Ik gok dat de maidentrip van de familie Van Buuren linea recta naar de Efteling voerde, naar het sprookje dat de auto ook is; doorgestoken kaart waar je met open ogen intrapt, walgelijk heerlijk.

    • Bas van Putten