Opinie

Ons zelfbeeld is aan revisie toe maar vergeet niet te genieten van het EK

Hij wilde voor het „mozaïek van Europese landen” een modern voetbaltoernooi creëren, een sportieve uitlaatklep die de andere sporten in Europa al hadden. De Fransman Henri Delaunay, een van de grondleggers van de Europese voetbalbond, bedacht het Europees kampioenschap in de jaren dertig. In 1960, vier jaar na zijn dood, werd zijn droom werkelijkheid.

Deze vrijdag is de ouverture van de vijftiende editie van het Europees kampioenschap in het Frankrijk van Delaunay. Het land, nog volop bezig met de verwerking van de terreuraanslagen in Parijs, is hard aan succes toe. Het EK kan daaraan zeker een bijdrage leveren, met hulp van 90.000 agenten, gendarmes en privébeveiligers.

Ook het internationale voetbal kan een positieve impuls gebruiken, na alle onthullingen over zwaar gecorrumpeerde machtsstructuren bij de internationale voetbalorganisaties. Als zich in Frankrijk geen noemenswaardige incidenten voordoen, gaat het de komende weken eindelijk weer over de bal en het spel en hebben de 24 deelnemende landen hun voetbalfeest. De acht extra plaatsen moet het eindtoernooi zowel voor gevestigde voetbalmachten als kleine landen aantrekkelijker maken. Of dat zo is, valt nog te bezien. De groepsfase van het toernooi waarin ook de meeste nummers drie doorgaan naar de volgende ronde, dreigt sportief te verwateren. De eindstrijd moet exclusief blijven om sportief attractief te blijven.

Tegen de achtergrond van de uitbreiding van het aantal deelnemers is het zuur dat Nederland als een van de voetbalgrootmachten in Europa – negen keer EK-deelnemer – nu niet meedoet. De Europees kampioen van 1988 is voor het eerst sinds 32 jaar niet op het eindtoernooi aanwezig.

Voetbal heeft een niet te onderschatten betekenis voor het nationale zelfbewustzijn. Als voetbalnatie is Nederland na de uitschakeling van de nationale elf verweesd. In de straten ontbreekt vlak voor het EK de traditionele Oranjegekte, sportliefhebbers zijn in andere sporten op zoek naar nieuwe helden om zich mee te identificeren: Max Verstappen, Kiki Bertens, Steven Kruijswijk. En op de Spelen in augustus zijn het weer anderen.

Nederland likt zijn wonden. De KNVB is bezig met zijn tot Hollandse School 2.0 omgedoopte masterplan. Bezinning op de toekomst van het Nederlandse voetbal is zinvol, ook het zelfbeeld dat nog altijd aan de historische successen van de ‘Hollandse school’ wordt ontleend, is aan revisie toe: Nederland is even geen topland meer.

Maar laten de liefhebbers de komende weken vooral niet vergeten te genieten. Al is het van anderen.