Met wie gaat Brussel bellen om migratie uit Afrika te stoppen?

Ontwikkelingsgeld Plannen van de Europese Commissie stuiten op de weerbarstige werkelijkheid in migratielanden.

Twee migranten uit Burkina Faso wisselen telefoonnummers uit in Agadez, de laatste stop in Niger voor de Libische grens. Foto Getty Images

De plannen van de Europese Commissie om Afrikaanse landen financieel te belonen, of te straffen, voor het tegenhouden en terugnemen van migranten halen niet de voorpagina’s in de landen waar het om gaat. „Niemand praat er hier over, de bevolking weet van niets”, zegt journalist Issif Djibo vanuit Niamey, de hoofdstad van Niger.

Het land geldt als het kruispunt voor migranten uit West-Afrika die via Libië Europa proberen te bereiken. Hier trekken jaarlijks meer dan 120.000 migranten doorheen. Hier wonen de smokkelaars die Europa wil stoppen. Hoe gaat Europa de bevolking bereiken van de falende staten waarmee het zaken wil doen? Waar komen de miljarden terecht die Brussel wil besteden?

Niger behoort met Mali, Senegal, Nigeria en Ethiopië tot de vijf Afrikaanse landen waarmee Europa een deal wil sluiten zoals in maart met Turkije. Nu nauwelijks nog migranten via Turkije Europa bereiken hoopt Brussel ook de zeeroute via Libië te kunnen stilleggen.

„We moeten in het zuiden van de Middellandse Zee hetzelfde doen als in de Egeïsche Zee”, zei de vicepresident van de Europese Commissie, Frans Timmermans. De Commissie wil de komende vijf jaar 8 miljard euro ontwikkelingsgeld en handelsinitiatieven koppelen aan de samenwerking met de vijf landen in Afrika – en met Jordanië en Libanon in het Midden-Oosten – om de instroom van migranten te stoppen. Het voorstel moet nog worden goedgekeurd door de Europese lidstaten en het Europees Parlement.

Maakbaarheid en werkelijkheid

In Brussel stuitte Timmermans al op verzet. „Nu gaan we met ontwikkelingsgeld muren bouwen om Fort Europa te versterken”, zegt Judith Sargentini, Europarlementariër voor GroenLinks.

„Het doel van onze ontwikkelingssamenwerking was altijd armoedebestrijding. Dat is niet hetzelfde als migratiebestrijding. Dit is bovendien geen nieuw geld, dit is geld dat al voor ontwikkelingssamenwerking was vrijgemaakt maar nu een nieuw doel krijgt. Een sigaar uit eigen doos.”

Hoe zullen de plannen de smokkelaars en migranten bereiken om wie het gaat? Sargentini gelooft dat de beelden van vliegtuigen vol migranten die worden teruggestuurd als afschrikking kunnen werken. Ze noemt het „psychologische oorlogsvoering”. „De boodschap is: als je de Middellandse Zee al overleeft, dan sturen we je alsnog terug.”

De Britse regering kondigde vorig jaar aan 29.000 Nigerianen op het vliegtuig te willen zetten: iedere twee weken 500. Sindsdien zijn er slechts enkele tientallen teruggekeerd. Veel illegale migranten zijn onvindbaar of verzetten zich zo fel dat piloten weigeren ze mee te nemen.

Het heilige geloof van Europese leiders in de maakbare samenleving loopt met deze deal stuk op de werkelijkheid van de migratielanden in West-Afrika. Hier is de staat geen hulp, maar een obstakel in de verwezenlijking van de dromen van de rusteloze jeugd. Migranten in Niger zeiden in januari tegen NRC op grote schaal te worden beroofd door politieagenten op de route naar Libië, met name in Burkina Faso. Smokkelaars vertelden hoe ze hun verdiensten moeten delen met de agenten bij wegversperringen.

„Ze hebben er geen belang bij ons tegen te houden, ze verdienen aan ons”, zei Musa, een van de succesvolste smokkelaars in Agadez, de laatste halte voor Libië. Die agenten zijn onderdeel van de staat waarmee Europa zaken wil doen.

Migratie als businessmodel

Zelfs het hoofd van het Europese agentschap belast met het stoppen van de georganiseerde misdaad gaf toe niet de intentie te hebben de migratie te stoppen. „In Agadez is migratie een businessmodel geworden. We gaan zeker niet de boodschap brengen de migratie te willen stoppen”, verklaarde Filip De Ceuninck, hoofd van de Eucap-missie in Niger. Hij gaf toe onder grote druk te staan van collega’s in Brussel om resultaten te laten zien.

Migratie wordt in West-Afrika gezien als investering: het risico van de verdrinkingsdood, of teruggestuurd te worden, wordt weggestreept tegen het gevaar van blijven. Vrijwel alle dorpen in de regio van Tambacounda, in het oosten van Senegal, verloren jonge mannen op zee. „Reizen zit in ons bloed. Je móét gaan als je vooruit wil en als je een vrouw wilt kunnen trouwen”, zegt Issaga Sy, hoofd van een middelbare school in Tambacounda.

Vrijwel ieder dorp in de regio kent ontwikkelingsprojecten die worden gefinancierd door de Europese Unie. Bij de entree van die dorpen staat vaak een woud aan borden van organisaties. De projecten bleken tot nu toe weinig reden om thuis te blijven.

Dan is Senegal nog een van de beste en meest democratische partners waarmee Europa hoopt samen te werken. In een land als Nigeria is zoiets bijna ondenkbaar. Volgens Transparency International staat Nigeria op plaats 138 van de 168 landen die als het meest corrupt worden gezien. Onder de vorige regering van Goodluck Jonathan verdween 20 miljard dollar uit de kas.

Zijn opvolger Muhammadu Buhari heeft veel corrupte ambtenaren en ministers ontslagen. Maar er is nog steeds geen openheid over de overheidsuitgaven. Organisaties die zich bekommeren om migranten zijn er niet in het volkrijkste land van Afrika, behalve de Internationale Organisatie voor Migratie.

    • Bram Vermeulen