Hoe de donder van het onweer rolt en knalt

Tweeëntachtig gewonden door blikseminslag, vorige week bij een festival in Duitsland. Trekken mensenmassa’s de bliksem aan met hun lichaamswarmte?

Hevige onweersbuien trekken over Ede (Gelderland). Foto ANP / Stefan Koops

Tweeëntachtig gewonden vielen er vorige week vrijdag op het Rock am Ring-festival in Duitsland toen daar de bliksem insloeg. 15 festivalgangers raakten zwaargewond, 2 moesten er wiederbelebt worden. Het ene moment luister je naar gezellige muziek, even later lig je in de modder.

Heel Europa heeft er kennis van genomen, want Rock am Ring, genoemd naar de Nürburgring, is het grootste rockfestival van Duitsland. Tientallen gewonden zijn per ambulance afgevoerd, sommigen met de Rettungshubschrauber die werd ingezet omdat het zo’n modderbende was. Het is in detail beschreven.

Ook dat het festival een dag later, op zaterdag, opnieuw werd afgebroken omdat er wéér onweer dreigde en dat het zondag helemaal niet doorging en dat er nu kwestie is over de vraag of het geld voor de kaartjes voor het festival dat dit jaar 92.500 bezoekers trok en vorig jaar 90.000 en dat al sinds 1985 in de Vulkaneifel gehouden wordt, maar niet steeds op dezelfde plek, of dat geld terug moet worden betaald. Want de kaartjes kostten 170 euro. Gemeld is ook dat het niet voor het eerst was dat het mis ging op het vliegveld van Mendig, niet ver van de Rijn. Vorig jaar vielen op dezelfde plaats door 2 blikseminslagen 33 gewonden.

Wat hadden ze eigenlijk?

Geen feit is lezers, luisteraars en kijkers onthouden. Maar over de gewonden vernam je weinig. Wat hàdden die 82 Verletzten van dit jaar en die 33 Verletzten van vorig jaar? Er is bijna niets over te vinden. Niet in de kranten, niet op internet. YouTube laat filmpjes zien van aanstormende ambulances, van brancards die worden klaargezet en van lachende mensen die ziekenwagens door de modder duwen, maar van de gewonden: niets. Wat hàdden die? Waren er baarden weggerukt en hoofden gespleten? Ontbraken er ledematen? Was kleding verbrand, waren misboeken uit handen geslagen?

In de negentiende eeuw is dit allemaal waargenomen, de Franse astronoom Camille Flammarion heeft het rond 1888 nauwgezet geïnventariseerd. Maar of het vaak voorkwam? Ook in de Vulkaneifel? Dat weten we niet. Na lang zoeken levert internet één stuk waarin wordt vermeld dat de Verletzten van Mendig vooral leden aan Herz-Rhythmus-Störungen en Schock en dat velen op eigen kracht het ziekenhuis wisten te bereiken.

Zo begint men te twijfelen aan oude onweerwijsheden. Onweer schuwt het water en trekt niet over rivieren heen. Dat soort dingen. Onweer zoekt warme lucht op, daarom slaat de bliksem zo vaak in in schoorstenen. Grote groepen wandelaars die door het veld trekken en onweer zien naderen moeten zich verspreiden om het risico te verkleinen. Vooral niet hard lopen! Zuid-Afrikaanse boeren spanden hun ossen uit als er onweer dreigde. De hete runderlijven konden het hemelvuur aantrekken.

Speelt temperatuur een rol?

Trekken de verhitte mensenmassa’s van de zomerfestivals de bliksem aan met hun lichaamswarmte? Die vraagt leeft al lang bij de AW-redactie.

Elk mens is een kachel van ruim 100 watt, 5 mensen per vierkante meter, levert een warmteproductie van 500 watt/m2.

Dat komt aardig overeen met de zomerse instraling van de zon op onze geografische breedte. Het is een stevig effect. Je mag aannemen dat de lucht boven de festivalmenigte warmer is dan verderop.

Maar KNMI-onderzoeker en onweerexpert Rob Groenland heeft geen aanwijzingen gevonden voor de invloed van luchttemperatuur op de blikseminslagkans. Schoorstenen worden nogal eens getroffen omdat het de hoogste objecten zijn in de omgeving, hoewel bliksem bij lange na niet altijd de hoogste punten opzoekt. Het is een grillig fenomeen. De temperatuur van de lucht speelt geen rol. Ja, de vervuiling, die wel.

Groenland gaf een telefonisch onweercollege dat drie kwartier duurde en dat hier niet is samen te vatten. Het deed deugd van hem te horen dat je het verschil tussen ‘horizontale’ ontladingen (binnen en tussen wolken) en ‘verticale’ (van wolken naar de grond) inderdaad kunt horen. Het één bestaat uit dat karakteristieke gerommel, het rollen van de donder, het ander is meer de krakende knal.

Vertraging van het geluid

Op het onweersgeluid zoals dat tot ons komt is de warmte wel van invloed. Het rollen en rommelen wordt veroorzaakt door verschillen in temperatuur en vochtigheid van de luchtlagen tussen de bliksem en de waarnemer. Die leiden tot verbuigingen en zelfs weerkaatsingen van geluidsgolven en die weer tot verzwakkingen, versterkingen en vertragingen van het geluid.

Vooral in de bergen kan zich een spectaculair warmte-effect voordoen. Het kan voorkomen dat men ’s avonds vanuit een dal naar een heel nabije grote wolk kijkt waarin het onophoudelijk bliksemt zonder dat enig gerommel klinkt. De spookachtige sensatie vindt zijn verklaring, zegt Groenland, in een tijdelijke inversie. In een dal kan het ’s avonds zó sterk afkoelen dat de lucht er kouder wordt dan de lucht hogerop. Dan bereikt het onweergeluid de aarde niet.

Warmte is ook van invloed op het ontstaan van onweer. In de tropen onweert het meer dan hier, maar ook de luchtvochtigheid is hierop van invloed, en nog andere zaken. En de moderne bliksemdetectiesystemen, die ook het KNMI gebruikt, hebben bevestigd wat al heel lang werd aangenomen: boven zeeën en oceanen onweert het heel weinig. Onweer schuwt water. Ja, zelfs doen zich weerssituaties voor waarbij je zou kunnen zeggen dat een brede, koude rivier een onweersbui tegen houdt. Maar meestal doet een rivier niets tegen naderend onweer, zelfs de Rijn niet.

    • Karel Knip