Zo denkt de jeugd over asiel

Enquête onder jongeren Hoe kijken kinderen aan tegen vluchtelingen? Dat je veel van ze kunt leren, maar dat ze niet met te veel moeten komen, is ongeveer de samenvatting.

Zelfportretten van asielkinderen, gemaakt in het taalklasje van basisschool De Baarzen in Vught. Foto Marcel van den Bergh

Ze weten zeker dat Nederlanders iets kunnen leren van vluchtelingen, maar ze zijn ook bang dat er te veel naar Nederland komen. Ze voelen zich niet geroepen hen te helpen, sommigen zeggen erbij: „Je krijgt er toch niets voor terug?” En ze hebben er nauwelijks of geen behoefte aan om meer jonge vluchtelingen te leren kennen. Wie dacht dat kinderen van de Jeugdjournaalgeneratie alleen maar zoet en lief over vluchtelingen zouden denken, komt lezend in het rapport Wij denken mee bedrogen uit.

De Missing Chapter Foundation van prinses Laurentien van Oranje presenteerde gisteren aan staatssecretaris Martin van Rijn (Welzijn, PvdA) een landelijk onderzoek naar „Nederland en vluchtelingen door de ogen van kinderen en jongeren”. Meer dan 1.300 kinderen (gemiddelde leeftijd 13 jaar) deden mee aan een schriftelijke, anonieme enquête van weekblad Kidsweek en de Nationale Jeugdraad. Meer dan 95 leerlingen van drie scholen, waaronder een op het asielzoekerscentrum in Heerhugowaard, werden daarnaast geïnterviewd.

In het rapport staan tal van positieve en constructieve uitspraken. Suggesties voor de opvang („laat ze in lege V&D-winkels slapen”), voor integratie („zwemmen, yoga, een museum bezoeken”), voor samenleven („luisteren naar Nederlandse liedjes”). Kinderen stelden nieuwsgierige vragen. „Hoe is het om in gevaar te leven?” „Hoe vinden jullie zelf dat we moeten omgaan met vluchtelingen?”

42% wil álle vluchtelingen opvangen

Maar er klonken ook scherpe oordelen. Op de vraag „ben je bang dat er te veel vluchtelingen in Nederland komen wonen” zegt 43 procent van de kinderen zonder meer ‘ja’, 18 procent zegt ‘weet ik niet’. Een minderheid van 35 procent wil „alle vluchtelingen” in Nederland opvangen. Acht procent wil „geen enkele” vluchteling opvangen en 42 procent „een deel”.

Kinderen willen vooral iets dóen voor vluchtelingen, zoals kleren inzamelen

Op de vraag „waarom zou je vluchtelingen niet willen helpen, antwoordt veruit de grootste groep (34 procent) „ik voel me niet geroepen iets voor hen te doen”. Respectievelijk tien en twaalf procent heeft „geen zin zich hiervoor in te spannen” of „ze moeten het zelf uitzoeken”. Acht procent zegt: „Ik krijg er niets voor terug.”

Michiel Steegers, vicevoorzitter van de Jeugdraad onderstreept dat niet elk antwoord dat negatief lijkt, ook negatief is. Als 54 procent van de ondervraagden zegt dat vluchtelingen weer zouden moeten vertrekken als de situatie in hun eigen land niet meer gevaarlijk is, hoeft daar geen barse houding achter te zitten. Dat bleek volgens hem uit de diepte-interviews. „Kinderen bedenken zich dat vluchtelingen in hun eigen huis misschien gelukkiger zijn dan in een ver land. Ze verplaatsen zich in hun heimwee.”

„Hoe jonger de kinderen, hoe positiever over vluchtelingen”, zag Jacqueline Ancona, coördinator van Kidsweek, tijdens het onderzoek. Het grote verschil met volwassenen, vindt ze, is dat kinderen vooral iets willen dóen: kleren ophalen, flessen inzamelen. Op de vraag: zou jij iets voor vluchtelingen willen doen, antwoordt 58 procent ‘ja’ en 13 procent ‘nee’. De vraag of Nederlanders iets kunnen leren van vluchtelingen wordt door 73 procent van de kinderen met ‘ja’ beantwoord.

De antwoorden zijn kortom divers, kritisch en autonoom. „Naïef zijn ze niet”, zei prinses Laurentien na de presentatie van het rapport aan staatssecretaris Van Rijn, en dat is precies hoe haar stichting het wil. Missing Chapter spant zich ervoor in dat bij lastige maatschappelijke kwesties kinderen worden gehoord als een volwaardige stem in het debat.

Van Rijn had in elk geval een belangrijke boodschap opgevangen in de opmerkingen van de kinderen bij de presentatie. „Wij praten in Den Haag vooral over hoe we iets goed moeten regelen. De kinderen beginnen meteen over menselijke waarden – dat is heel mooi.”

    • Bas Blokker