Ontmoedigen en verleiden

De Europese Commissie wil Afrikaanse landen met „een mix van positieve en negatieve prikkels” ertoe overhalen de migratie onder controle te brengen. En tegelijk de lidstaten bij de les houden.

Meer doden dit jaar

Een heuse Europese migratiepolitiek: komt het er ooit nog van? Als het aan de Europese Commissie ligt wel. Dinsdag presenteerde Frans Timmermans een nieuw plan, dat „met een mix van positieve en negatieve prikkels” moet leiden tot minder rampen op de Middellandse Zee. De hamvraag, inmiddels een constante in de vluchtelingencrisis: krijgt de Commissie de EU-lidstaten mee?

Sinds begin dit jaar zijn op de Middellandse Zee ruim 2.800 migranten op weg naar de EU verdronken, bijna duizend meer dan in dezelfde periode vorig jaar, meldde de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) dinsdag. Het Commissieplan, geënt op de in maart gesloten vluchtelingendeal met Turkije, draait in de kern om het indammen van de illegale migratie, door het leven in Afrika te verbeteren en migranten die de oversteek toch maken zonder pardon terug te sturen. Ontmoediging en verleiding.

Maar wat is het woord van Europa waard? Op een top in Malta, in november vorig jaar, werd Afrika ook al een fonds van 3,6 miljard euro beloofd, maar EU-landen zijn op minder dan 100 miljoen euro blijven steken.

Garanties dat het ditmaal wel gaat lukken zijn er niet, erkennen Commissie-ambtenaren. „Zonder steun van de lidstaten hebben onze instrumenten minder vuurkracht en zijn we minder geloofwaardig”, zegt een van hen. Dat er toch weer een poging wordt gedaan, heeft te maken met de Turkijedeal. Die kent de nodige problemen – het terugsturen van Syriërs blijkt juridisch lastig – maar heeft wel geleid tot een spectaculaire daling van het aantal migranten naar Griekenland. In mei verdronk, voor het eerst in vele maanden, geen enkele vluchteling in de Egeïsche Zee. In de ogen van de Commissie is de deal daarmee een blauwdruk geworden voor hoe het moet.

De vertaling naar de Afrikaanse situatie is niet eenvoudig. In de Turkije-deal spelen de Griekse eilanden een sleutelrol. Het is daar dat vluchtelingen, cru gezegd, de pas wordt afgesneden voordat ze het Europese vasteland kunnen bereiken, en van daaruit worden ze, in principe allemaal, weer teruggestuurd naar Turkije. Bij de Noord-Afrikaanse kust zijn zulke ‘hotspots’ niet mogelijk. Dat leidde in de Brusselse wandelgangen onder meer tot het wat wilde en meteen al omstreden idee om vliegdekschepen in te zetten, als een soort drijvende hotspots.

Voor wat hoort wat

De Commissie stelt nu iets anders voor: een soort contracten, eerst met Jordanië en Libanon, uiteindelijk ook met Niger, Nigeria, Senegal, Mali, Ethiopië, Tunesië en Libië. Door slim gebruik te maken van de EU-begroting en met nationale bijdragen denkt Brussel 62 miljard euro te kunnen genereren aan investeringen in die landen, in onder meer infrastructuur, grensbewaking en arbeidskansen. In ruil moeten zij de EU helpen bij het onder controle krijgen van de migratiestroom en vooral: migranten terugnemen. Nu doen die landen dat maar in 40 procent van de gevallen.

Het devies is duidelijk: voor wat hoort wat. „Zonder concrete resultaten van onze partners bij het beter managen van de migratie moeten we collectief bereid zijn om onze betrokkenheid en financiële steun aan te passen”, zegt Timmermans.

Daar kwam meteen kritiek op. „Ontwikkelingshulp afhankelijk maken van prestaties op het gebied van migratie is onacceptabel”, vindt Europarlementariër Sophie in ’t Veld (D66). Zij vreest ook dat landen misbruik maken van de situatie. „In deze uitzonderlijke tijden is het onontkoombaar afspraken te maken met ondemocratische regimes, maar mensenrechten zijn niet onderhandelbaar.”

Volgens Timmermans vragen de Afrikaanse landen zelf om investeringen in plaats van de traditionele ontwikkelingshulp, en wil de Commissie strafmaatregelen vermijden. Sancties zouden in sommige gevallen ook ronduit potsierlijk zijn. Libië is bij lange na geen functionerende staat te noemen – wie stel je daar verantwoordelijk? Of kijk naar Jordanië: dat piepkleine land herbergt 650.000 Syrische vluchtelingen en heeft zijn staatsschuld sinds het begin van het Syrische conflict zien oplopen van 50 naar 93 procent van het bbp. Water- en elektriciteitsvoorzieningen staan op springen, op de arbeidsmarkt is het dringen. „Zij zeggen terecht: wij nemen onze verantwoordelijkheid al”, aldus een Commissie-ambtenaar.

EU-landen bij de les houden

Het Commissieplan lijkt dan ook vooral bedoeld om de EU-lidstaten zelf bij de les te houden. Volgens de afspraken met Ankara zou de EU beginnen met het overnemen van een deel van de 2,7 miljoen vluchtelingen die al in Turkije zijn, zodra de stroom naar Griekenland wezenlijk zou zijn teruggebracht. Dat is al twee maanden het geval, maar van een legale, humanitaire luchtbrug wordt, behalve door de Turken zelf, weinig meer gerept. De paniek van vorig jaar is deels veranderd in zelfgenoegzaamheid, en de opgelaaide ruzies met de Turkse president Erdogan – over onder meer visumliberalisatie, de Armeense genocide en Duitse komieken – dreigen een excuus te worden om alleen het minimale te doen.

    • Stéphane Alonso