Hier is het gevaarlijk voor blauwhelmen

Mali Weer kwamen vorige week vredessoldaten om in Mali, nu de gevaarlijkste VN-missie. Waar opereren zij?

Foto Marielle van Uitert

Zelden heeft een vredesmissie van de Verenigde Naties zo vaak in het zand moeten bijten als die in Mali. De missie van bijna 12.000 man opereert in een brandend heet land, onder onveilige omstandigheden en in een gecompliceerde context. De missie, afgekort Minusma, is de dodelijkste van alle VN-operaties op dit moment. Tot nu kwamen 86 VN-medewerkers om in Mali: blauwhelmen, politie en burgerpersoneel. Vorige week nog, toen in totaal negen mannen omkwamen door aanslagen en een landmijn.

Dit zijn de omstandigheden waaronder fotografe Marielle van Uitert een VN-bataljon uit Niger in april een week lang vergezelde op patrouille. Ze reisden door de gebieden waar Toeareg-stammen wonen, die worden aangevallen door talloze milities. In de dorpen waar zij kwamen, ten oosten van Gao, vermoordden rebellen kort daarvoor vrouwen en kinderen.

Afrikaanse soldaten, zoals die van het Nigerese bataljon, vormen het merendeel van de militaire vredesmacht. Tsjadiërs, de ‘woestijnratten’ van de missie, kennen het terrein en worden gezien als de beste soldaten. Maar de Afrikaanse soldaten zijn slecht uitgerust en dus een gemakkelijk doelwit bij hinderlagen en landmijnen. Mede daardoor is het aantal slachtoffers zo hoog.

Ook Nederlandse soldaten maken deel uit van Minusma. Ze kunnen slecht tegen de hitte in Gao, die kan oplopen tot 50 graden, en missen de kennis van de plaatselijke cultuur en taal. Maar met hun moderne helikopters en andere apparatuur verzamelen ze onmisbare en onder hun collega’s zeer gewaardeerde inlichtingen voor de moeilijke vredesmissie.

 Foto Marielle van Uitert

Foto Marielle van Uitert

Het conflict in Mali vindt zijn oorsprong in een opstand van de Toearegs in het noorden. Dit Berbervolk maakte eeuwenlang de dienst uit op de eindeloze zandvlaktes van de Sahel en de Sahara: eerst met hun kamelenkaravanen vol zout en goud, later met vrachtauto’s vol handelswaar. Sinds de Malinese onafhankelijkheid van Frankrijk in 1960 namen ze het verscheidene malen op tegen de centrale regering in Bamako, de laatste keer in 2012. Hun opstand werd echter gekaapt door moslimfundamentalisten uit de Arabische wereld, Algerije in het bijzonder. Zij veranderden Noord-Mali in een streng islamitisch tuchthuis, tot ergernis van de gematigde Malinese moslims. Nadat een Franse interventiemacht de fundamentalisten een jaar later had verdreven, gaven de Malinezen de Toearegs de schuld van de bezetting van het noorden.

De taak van Minusma is om het land te stabiliseren. Met de Toearegs hebben ze enig succes: zij sloten vorig jaar een vredesverdrag met de regering. Ook sloten de twee grootste Toeareg-facties onderling vrede. Maar de terreurgroepen, zoals Al-Qaeda in de Islamitische Maghreb, laten steeds regelmatiger van zich horen. Het hoort alleen niet in het mandaat van de blauwhelmen om hen uit het noorden te verdrijven. Zij zijn slechts doelwit.

    • Koert Lindijer