Brussel wil Brexit pijnlijk maken

Europese tegenstanders van een Brits vertrek uit de EU roeren zich, al kan dat zich tegen hen keren.

Rutte, Merkel, Juncker, Tusk, Draghi – het rijtje EU-prominenten dat zich bemoeit met het ‘Brexit-referendum’ groeit snel. De vrees dat dit averechts kan uitpakken is bepaald niet verdwenen, maar de ergernis over de Britse kwestie is intussen groter. Want kun je wel blijven zwijgen als er onzin wordt verkondigd?

De Europese Commissie kwam maandag in het geweer tegen claims van Boris Johnson, het gezicht van de Vote Leave-campagne. Hij voorziet een „driedubbele whammy aan rampspoed” als de Britten EU-lid blijven, omdat ze in een grotere EU-begroting dreigen te worden gerommeld bij een volgende eurocrisis. Een Commissie-woordvoerder verwierp dat stellig: Londen heeft een veto over EU-uitgaven. „We willen ons niet mengen in het Britse debat, maar we doen wel aan feiten.”

Verstandig? Londen drukte de EU lang op het hart vooral niets te zeggen. Het risico was te groot dat woorden worden verdraaid door tegenstanders van EU-lidmaatschap of vijandige tabloids. Maar zwijgen is moeilijk als ook voor de EU zelf zo veel op het spel staat. Zaterdag nog waarschuwde de Europese Centrale Bank (ECB) dat een Brexit kan leiden tot financiële instabiliteit en een run op veilige staatsobligaties, ten koste van bijvoorbeeld Zuid-Europese eurolanden.

Bovendien is het referendum allesbehalve een gelopen race. Met twee weken te gaan staat het nee-kamp op voorsprong, terwijl voor de Britse overheid de verplichte campagnestilte geldt. Volgens nieuwssite Politico zou de Britse EU-ambassadeur, Ivan Rogers, Europarlementariërs en diplomaten dan ook hebben „aangemoedigd” alsnog stelling te nemen.

Eerder zei Commissievoorzitter Juncker al dat het Verenigd Koninkrijk bij een nee niet op veel clementie hoeft te rekenen. „Dat is geen dreigement, maar onze relaties zullen niet meer dezelfde zijn als nu.” De Amerikaanse president Obama waarschuwde in april dat de Britten bij een Brexit niet zomaar een nieuw handelsakkoord met de VS tegemoet kunnen zien. Ze moeten „achteraan in de rij” aansluiten.

Nu spreken ook EU-regeringschefs zich uit. Bondskanselier Merkel zei vorige week dat de Britten buiten de EU „nooit een echt goed resultaat in onderhandelingen” zullen krijgen. Premier Rutte reageerde fel op een plan om na een Britse uittreding strengere migratieregels in te voeren voor EU-burgers. Een onzalig idee, waarop Nederland, en volgens hem de hele EU, keihard zal moeten reageren met minstens zo strenge regels voor Britten. „Het zou een race naar de bodem veroorzaken, en dat is precies wat je wilt voorkomen”, zei hij tegen de BBC.

EU-landen zijn al weken met elkaar in gesprek over de nasleep van een eventuele Brexit. Volgens minister Dijsselbloem (Financiën, PvdA) moet daar niet de conclusie uit worden getrokken dat er ook echt een plan B klaarligt. „Ik denk niet dat er een antwoord zal zijn waarover iedereen het eens is wat een plan genoemd kan worden”, zei hij donderdag tijdens een conferentie.

Maar waar iedereen het wel over eens lijkt, is dat het Verenigd Koninkrijk na een Brexit niet in een gespreid bedje terecht mag komen. De angst voor een domino-effect van soortgelijke referenda en uiteindelijk Europese desintegratie is groot. Het moet daarom duidelijk zijn dat een vertrek uit de EU alleen kan tegen een hoge prijs, en wat Juncker, Rutte en Merkel het liefst nu meteen al zeggen. Of zoals een EU-functionaris het in de Financial Times zei: „Een succesvolle Brexit zou het einde van de EU betekenen. Dat mag niet gebeuren.”

    • Juurd Eijsvoogel
    • Stéphane Alonso
    • Peter Vermaas