Opinie

    • Pia de Jong

Aoma Mater

Wanneer ik aan mijn afstuderen in de jaren tachtig terugdenk, zie ik een helverlichte collegezaal voor me, mijn ouders ergens in een bank gepropt. Ik ging naar voren om een handtekening op de bul te zetten en daarna stonden we vrij snel op straat, op zoek naar een restaurant. Van mijn alma mater hoorde ik zelden meer iets en mijn medestudenten verloor ik, op een hecht vriendenclubje na, uit het oog.

Daar dacht ik aan terug toen ik gisteren de commencement, de afstudeerceremonie bijwoonde van de Universiteit van Princeton. Een voltallig orkest speelde toen de hoogleraren aan kwamen lopen gevolgd door de 1.300 studenten van de ‘Great Class of 2016’, gehuld in toga met baret.

Een uitverkoren student, de valedictorian, gaf een speech die niet onderdeed voor die van menig politicus. Ze vertelde welke levenslessen ze hier geleerd had. Refererend aan haar grootvader, die zijn seksuele geaardheid een leven lang geheim had gehouden, koos ze ervoor zich in te zetten voor een wereld waarin iedereen geaccepteerd wordt zoals hij is.

Drie leraren van middelbare scholen uit de omgeving werden geëerd, omdat, zo legde de voorzitter uit, zij de kern van waar Princeton voor staat, namelijk goed onderwijs, uitdragen.

Een eredoctoraat ging naar een chirurg, een rolmodel op het gebied van diversiteit. De vader van deze statige man was zijn leven lang conciërge op de universiteit geweest, zijn moeder inwonend huishoudster voor een hoogleraarsgezin. Zelf was hij een van de eerste Afrikaans-Amerikaanse studenten die werd aangenomen. Tranen van ontroering bij de zwarte vrouw naast me, die 35 jaar lang in de universiteitsmensa had gewerkt, en wiens dochter nu afstudeerde.

Daarna ging iedereen rechtop zitten voor de toespraak van de voorzitter. In een sfeer van positief optimisme waar Amerikanen patent op hebben, riep hij op tot een hernieuwing van betrokken burgerschap. Als middel tegen de polarisatie in dit land, als tegengif tegen racisme. „Om als gemeenschap beslissingen te nemen over de toekomst, moeten we elkaar begrijpen, oog hebben voor elkaars standpunt, en ruimte scheppen om het oneens te kunnen zijn. Daarvoor is het nodig om op nieuwe manieren naar de geschiedenis te kijken, die verschillende mensen en groepen op verschillende manieren geraakt heeft en nog steeds raakt. Voor de meesten van jullie, zal de voortdurende relatie met elkaar en deze universiteit, de belangrijkste erfenis zijn van jullie studententijd.”

Tenslotte sprak hij de hoop uit hen nog vaak terug te zien.

Terugkomen zullen ze zeker, deze studenten, voor de druk bezochte reünies: met 25.000 bezoekers verdubbelde afgelopen week het inwonertal van Princeton. De jaarlijkse parade van oud-studenten werd aangevoerd door een stramme man die trots een bord droeg: Class of 1923. Princetonian ben je voor je leven.

Wij Nederlanders zijn voor een dergelijk vertoon misschien te nuchter. Het kostte me een paar jaar om dergelijke rituelen niet een tikje belachelijk te vinden. Maar steeds meer zie ik de waarde ervan in. Het lijkt me geweldig om terug te keren naar de plek die me heeft gevormd en die de toon zette voor de rest van mijn leven. En daar te luisteren naar een verhaal waarbij ik tranen van ontroering krijg. Het liefst met een lied dat nog lang in mijn hoofd blijft hangen.

    • Pia de Jong