Is Bulgarije voor migranten de nieuwe route naar Europa?

Het lange en bosrijke grensgebied met Servië is dankbaar werkterrein voor Bulgaarse smokkelbendes.

De grensplaats Vidin, van waaruit Bulgaarse smokkelbendes opereren. Foto; screenshot YouTube

Nu zowel de Westelijke Balkanroute als de Turks-Griekse grens voor vluchtelingen zijn afgesloten, is het de vraag welke routes naar West-Europa er voor migranten overblijven. Volgens de BBC zou Bulgarije wel eens het antwoord kunnen zijn op die vraag.

BBC-verslaggever Nick Thorpe reisde af naar de Bulgaarse hoofdstad Sofia en ging in gesprek met migranten en Bulgaarse overheidsfunctionarissen:

Volgens Thorpe zijn de goed georganiseerde smokkelbendes de belangrijkste reden voor de toenemende populariteit van Bulgarije onder migranten. Er zouden volgens een anonieme bron van de BBC ongeveer zeven bendes actief zijn in het land. In 2015 alleen zouden zij 60.000 mensen illegaal de grens over hebben geholpen. Vooral vanuit grensplaats Vidin zouden migranten ‘s nachts illegaal de grens met Servië oversteken.

In een gesprek met Thorpe laat een migrant, die door de Servische politie werd teruggestuurd, weten dat hij door smokkelaars in Sofia werd opgehaald en naar de grens werd gebracht. Daarna volgde een urenlange voettocht door de bossen.

Grensplaats Vidin:

In de reportage komt ook de Bulgaarse viceminister van Binnenlandse Zaken, Philip Gounev, aan het woord. Hij geeft toe dat Bulgarije grote moeite heeft met het tegenhouden van de migranten:

“Het grensgebied is erg lang, bosrijk en moeilijk te verdedigen. Er zijn veel mogelijkheden om de grens over steken.”

NRC-correspondent Roeland Termote schreef in maart al dat de rol van Bulgarije in de migrantencrisis aan het veranderen is:

“De Bulgaarse regering zegt de aanleg te overwegen van een hek langs de grens indien vluchtelingen uit Griekenland naar Bulgarije gaan. De Oostenrijkse autoriteiten meldden ondertussen dat de route vanuit Turkije langs Bulgarije en Hongarije weer aan populariteit lijkt te winnen onder smokkelaars.”

    • Etienne Verschuren