Veel ervaring, nooit ziek, geen werk

Deze maand komt het kabinet met een nieuw plan om de werkloosheid onder ouderen te bestrijden. Hoe is het om als 55-plusser op straat te staan? „Je denkt dat je middenin de maatschappij staat. Ineens sta je erbuiten.”

Annemarieke Koelewijn, communicatieonderzoeker. „Je krijgt geen kans te laten zien dat je waardevol bent.”

De laatste werkdag van Ella IJzerman was 30 augustus 2013. Twaalf jaar had ze gewerkt als receptioniste in een klooster. Van haar 37 maanden WW zijn er 33 verstreken. Als ze geen baan vindt moet ze vanaf oktober van haar spaargeld leven. Als dat op is, komt ze in de bijstand.

De laatste werkdag van Annemarieke Koelewijn was 1 januari 2014. Ze werkte 32 jaar bij een bank, eerst in een commerciële functie en later in de communicatie. Na een reorganisatie werd ze boventallig. Ze heeft recht op 36 maanden WW.

Beide vrouwen gingen meteen op zoek naar een andere baan. Koelewijn heeft tot nu toe ongeveer tweehonderd keer gesolliciteerd, netwerkgesprekken meegeteld. Ze is twee keer uitgenodigd voor een gesprek. IJzerman is één keer uitgenodigd voor een gesprek, na meer dan twee jaar solliciteren. Toen ze er was bleek het te gaan om een informatief gesprek, voor een baan die nog niet bestond.

De kans dat deze vrouwen nog een baan vinden is klein. Volgens het Centraal Planbureau is de kans dat een 55-plusser vanuit een WW-uitkering weer aan het werk komt 10 procent. Voor een 60-plusser is dat nog maar 3 procent.

Koelewijn (56) en IJzerman (61) zijn slagvaardige vrouwen met een positief en realistisch beeld van hun capaciteiten. Maar, gegeven de statistiek: doet dat ertoe? Had hun leven er anders uitgezien als ze na hun ontslag nooit één sollicitatie hadden verstuurd?

Jaren zijn ze al tegen de klippen op aan het zoeken. Met hen duizenden anderen, in hun eentje, onzichtbaar, overal in het land. Mensen met veelal goede kwalificaties, die er altijd vanuit zijn gegaan te zullen doorwerken tot hun pensioen. 188.000 vijftigplussers zijn volgens de laatste CBS-cijfers op zoek naar werk. 88.000 55-plussers waren vorig jaar langer dan een jaar werkloos. Hoe is het om te behoren tot die groep? En kan hun lot iemand iets schelen? Een dubbelportret.

Ella IJzerman woont in een dijkhuisje in Heijningen, Noord-Brabant. Ze heeft mulo en een middenstandsdiploma en schoolde zich op latere leeftijd bij tot receptioniste-telefoniste en secretaresse. Haar man was loodgieter, hij is vorige maand overleden. Ze heeft geen kinderen.

Ze verloor haar baan omdat het klooster waar ze werkte moest bezuinigen en de receptie werd afgeschaft. De refterdames, die voor het eten zorgen, kregen een mobieltje om bellers door te verbinden met de bewoners. Andere dingen die de receptie deed werden gewoon niet meer gedaan. Dat haar werk verdwijnt ziet IJzerman ook op andere plaatsen, zoals in een verzorgingshuis in de buurt waar de receptie wordt bemand door vrijwilligers. Ze vindt dat „heel krom”. Als ze bijstand krijgt van de gemeente kan ze verplicht worden als ‘tegenprestatie’ weer haar oude werk te doen.

Elke dag stromen de vacatures haar mailbox binnen, van de uitzendbureaus en vacaturesites waar ze zich geregistreerd heeft: Jobbird, Indeed, Inventus Etten-Leur, Studentenwerk.nl, Brabantwerkt.nl, Jobsquare Nederland, Trovit, Nationale Vacaturebank.nl, Kom bij de Politie.nl, de Banen Site.nl. Het bekijken kost haar één à anderhalf uur. Meestal zit er wel een baan tussen die haar wat lijkt, soms een waar ze echt enthousiast van wordt. Dan is ze een ochtend bezig met een sollicitatiemail.

In het begin stuurde ze ook veel open sollicitaties. Las ze bijvoorbeeld dat er in Roosendaal een nieuw crematorium werd geopend, dan solliciteerde ze als gastvrouw of uitvaartbegeleider. Twee keer solliciteerde ze bij andere kloosters. Een paar keer stapte ze op de fiets om sollicitaties persoonlijk af te geven bij bedrijven op het plaatselijke industrieterrein. Ze werd lid van enkele groepen op LinkedIn en bezoekt maandelijks een netwerkcafé dat een werkloze plaatsgenoot heeft opgericht. Ze hoopten dat er ook werkgevers op af zouden komen, dat is niet gebeurd. Eén keer was er een zzp’er die iets met voedsel deed en anderen zocht die dat ook wilden doen. Eerst zou ze dan op eigen kosten een opleiding moeten volgen. Zonder zekerheid van inkomsten daarna. IJzerman heeft 28 jaar met haar broer de bakkerij van hun ouders gerund. Zzp’er zijn wordt onderschat, zegt ze. Het is zwaar. Ze wil daar niet naar terug.

Het dichtst bij een baan was ze eind 2014. Ze werd getipt over een vacature op de receptie van een plaatselijk veredelingsbedrijf, door iemand die er al werkte. Maar op haar sollicitatie hoorde ze niets. Uiteindelijk kreeg ze te horen dat was gekozen voor iemand anders. Iemand, hoorde ze via via, die al bij dat bedrijf in de kassen had gewerkt. Ja zo werkt het. Het was wel een klap. Ze heeft een week niet omgekeken naar de vacatures.

Annemarieke Koelewijn woont in Krommenie, Noord-Holland. Ze heeft communicatiewetenschap gestudeerd aan de Universiteit van Amsterdam. Haar man is kunstenaar, ze hebben een studerende dochter van 22. Koelewijn werkte lang bij Fortis. Bij de reorganisaties die volgden op de overname door ABN Amro werd haar functie geschrapt. Ze werd een jaar door uitzendbureau Randstad begeleid. De bank betaalde een basisopleiding tot coach en ze kreeg een vertrekpremie mee.

Koelewijn dacht niet dat het moeilijk zou zijn een andere baan te vinden. Mensen zeiden wel dat het op haar leeftijd niet meer zou lukken, maar dat geloofde ze niet. Als ze solliciteerde was ze altijd uitgenodigd voor een gesprek. Dat bleek niet meer zo te zijn. Ze is gespecialiseerd in communicatieonderzoek, maar onderzoeksbureaus nemen liever jongeren aan, hoorde ze informeel van de directeur van zo’n bureau. Ze solliciteerde ook buiten haar vakgebied, bij de gemeente Zaanstad, waar ze mensen kent. „Maar als je van sector wilt veranderen op mijn leeftijd heb je zóveel concurrentie. Dat lukt niet.”

Een headhunter vroeg of ze ervaring heeft met het schrijven van speeches voor directies. Ze antwoordde van niet – daar had haar bank een andere afdeling voor. Maar ze zou het wel kunnen, zei ze ook, ze heeft veel taalgevoel. Het was niet genoeg. De headhunter zocht iemand die het routineus kon. Op haar leeftijd, concludeerde ze, moet je precies passen in het profiel. Als dat niet zo is, krijg je geen kans om te laten zien dat je waardevol bent. „Als je jonger bent vaak wel. Zo werkt het gewoon. Dat is leeftijdsdiscriminatie.”

Discriminatie is ook, vindt ze, dat ze zich in allerlei bochten moet wringen om zichzelf in de kijker te spelen terwijl uit haar cv blijkt welke kwaliteiten en ervaring ze heeft. De nieuwste sollicitatiemode is een filmpje maken waarin je jezelf presenteert. Dat heeft ze nog niet gedaan.

Ze denkt niet meer dat ze een vaste baan vindt. Ze begint uit te kijken naar freelanceklussen, overweegt toch maar een coachingpraktijk te beginnen, al is ze van nature geen ondernemer. Intussen helpt ze een vriendin die een eigen horecazaakje heeft opgezet. Zo houdt ze structuur in haar leven.

Langdurig werklozen in Nederland staan volledig buiten de arbeidsmarkt, stelt een rapportje van het CPB van een jaar geleden. Ze hebben als groep niet, zoals kortdurend werklozen, invloed op lonen, prijzen of vacatures. Dat mensen ontmoedigd raken, hun vaardigheden verliezen is tragisch – voor hen persoonlijk. De economie draait wel door. Dat is precies wat Koelewijn en IJzerman dagelijks voelen. Koelewijn: „Je denkt dat je middenin de maatschappij staat. Ineens sta je erbuiten.”

Van de overheid ervaren ze geen steun. Niet dat er geen aandacht is voor het probleem. In 2013 is een Actieplan 55-plus Werkt gelanceerd, in 2014 aangepast tot Actieplan 50-plus Werkt. Deze maand moet een nieuw actieplan verschijnen, nu gedragen door de sociale partners. De overheid biedt netwerk- en sollicitatietrainingen en er zijn regelingen om werkgevers die een oudere in dienst nemen financieel tegemoet te komen. Vorig jaar gaf Sociale Zaken ongeveer 266 miljoen euro uit om meer werkloze vijftigplussers aan het werk te krijgen, berekende de Algemene Rekenkamer vorige maand. Of het beleid iets heeft opgeleverd, is volgens de Rekenkamer volstrekt onduidelijk. Koelewijn en IJzerman merkten er niets van.

Ze weten dat werkgevers geld kunnen krijgen als ze hen aannemen, de zogeheten mobiliteitsbonus. Bij een fulltimebaan kan het voordeel oplopen tot 7.000 euro belastingkorting per jaar, drie jaar lang. IJzerman heeft het weleens vermeld in een brief, zonder effect. Koelewijn heeft een informatiekaart met alle redenen dat het financieel gunstig is een 55-plusser aan te nemen. Zodat ze die kan aanvoeren tijdens een sollicitatiegesprek. Maar ja, je moet wel eerst een gesprek hebben. Eigenlijk vindt Koelewijn die regelingen absurd. Wat krijgen ze niet als ze haar aannemen. Ze is nooit ziek. Kan niet zwanger worden. Is geen jobhopper. Heeft veel kennis, up to date. En dan krijgen ze ook nog eens voor haar betaald.

De overheid ziet het als taak de vooroordelen van werkgevers tegen oudere werknemers te bestrijden. Dat ze duur, weinig productief, weinig flexibel, vaak ziek zijn. Na een ‘bewustwordingscampagne’ met zanger Henk Westbroek is in april oud-voetballer John de Wolf tot ‘boegbeeld’ benoemd. Hoogleraar arbeidsmarktbeleid Ton Wilthagen vindt zulke campagnes een verkeerde benadering. „Je moet er niet een soort Foster Parents Plan van maken: ‘neem een oudere in huis’. Dat doet onrecht aan die groep. Je zegt: ‘Normaal zou je ze niet nemen, doe het nu een keertje wel’.”

Voor Wilthagen staat vast dat ouderen zo vaak worden afgewezen omdat ze in een „te duur regime” zitten. Twee jaar doorbetalen bij ziekte, slechts twee tijdelijke contracten achter elkaar mogen krijgen. „Het is niet zo dat werkgevers ouderen haten. Ze willen ouderen niet tegen deze prijs, met deze regels.”

IJzerman heeft weleens in een sollicitatiebrief voor een heel leuke baan gezet dat ze bereid is te werken voor het salaris van een jongere. Ze kreeg te horen dat dat wettelijk niet mag. Dat klopt niet. Ook Koelewijn heeft in een onlinesollicitatie weleens een lager richtsalaris ingevuld dan ze het laatst heeft verdiend. Werken op haar eigen niveau vindt ze belangrijker dan geld. Het irriteert haar boven alles dat ze niet meer haar talenten kan gebruiken in haar vak.

Koelewijn en IJzerman zijn geen klagers. Maar ze vinden dat hun geen recht wordt gedaan. Niet omdat ze worden weggezet als ongewenst, maar omdat ze ook nog het afbrokkelen van de verzorgingsstaat ondervinden. Koelewijn raakte bijna de helft van haar inkomen kwijt toen ze in de WW kwam. Ze is gewend de tering naar de nering te zetten, zegt ze. Ze hoeft niet zo nodig naar New York om lingeriesetjes te kopen, zoals sommige collega’s van de bank deden. Ze kan ook best nog even toe met haar vertrekpremie. Maar dat ze geen partner-aow krijgt als haar man binnenkort 65 wordt, omdat dat is afgeschaft, dat steekt haar toch. „Ik heb ruim dertig jaar gewerkt, wil graag werken, ze willen me niet meer en dan krijg je ook dat nog.”

Ella IJzerman krijgt als weduwe een derde van het pensioen dat haar man zou hebben gekregen als hij 66 geworden was. Voorheen was dat 70 procent. Dat, bovenop al het andere, komt het hardst aan. „Je hebt 45 jaar gewerkt, komt buiten je schuld zonder werk te zitten, solliciteert je een slag in de rondte, dan verlies je ook nog eens je man en je blijft met lege handen achter.”

IJzerman moet ‘doorwerken’ tot haar 67ste. Nog zes jaar te gaan.

Correcties en aanvullingen

IOaW-uitkering

In Veel ervaring, nooit ziek, geen werk (4/6, p26-27 ) staat dat de 61-jarige Ella IJzerman na afloop van haar WW-uitkering van haar spaargeld moet leven. Zij komt echter mogelijk in aanmerking voor een IOaW-uitkering, waarbij dat niet hoeft.

Justitiebegroting

In de inzet bij Van der Steur krijgt het moeilijk. Nu met zijn begroting (15/6, p.9) staat dat de oude Justitiebegroting in stand blijft als de Senaat tegen de begrotingswijzigingen stemt. Daardoor zou de extra 49 miljoen euro niet doorgaan. De Senaat zal met een tegenstem ook de eind 2015 toegezegde extra 250 mln torpederen.

    • Joke Mat