Geen sportspanning maar angst

Frankrijk doet er alles aan om tijdens het EK voetballers, toeschouwers en media te beschermen.

De Franse politie houdt een oefening bij hetGrande Stade in Decines bij Lyon, ter voorbereiding op het Europees Kampioenschap Voetbal. foto Robert Pratta/Reuters

In de belegerde vesting rond het Stade de France leggen werkmannen donderdag in de stromende regen de laatste hand aan het mediadorp. Als een toerist vanaf een loopbrug naar het stadion met zijn telefoon een foto schiet, klinkt opeens van alle kanten geschreeuw. Dat is niet de bedoeling. Of hij het beeld ogenblikkelijk wil verwijderen en vooral niet op sociale media wil plaatsen, roept een geïrriteerde bewaker in fluorescerende regenjas. Waarom? „La sécurité, monsieur.

Het tekent de gespannen sfeer aan de vooravond van het Franse EK voetbal. Bovenop de toch al omvangrijke lopende operaties voor terreurbestrijding en ordehandhaving, zet het land voor het EK meer dan 90.000 agenten, gendarmes en privébeveiligers in. Zij moeten vanaf de openingswedstrijd vrijdag hier in Saint-Denis tot en met de finale op 10 juli voetballers, supporters en media beschermen tegen terroristisch gevaar.

Noodtoestand

Niet de stakingen die delen van Frankrijk hebben lamgelegd of de overstromingen van de laatste dagen, maar terrorisme is de „grootste dreiging” die boven het EK hangt, zei de Franse president Hollande deze week nog maar eens. Het land verkeert sinds de aanslagen van november nog altijd in staat van ‘noodtoestand’ . En hoewel mede dankzij de ruimere mogelijkheden tot huiszoeking die dat met zich meebrengt het netwerk dat in Parijs en Brussel toesloeg lijkt opgerold, is het gevaar niet geweken.

Dat bevestigde directeur Patrick Calvar van inlichtingendienst DGSI afgelopen maand in de Assemblée Nationale. Frankrijk is volgens hem voor Islamitische Staat het belangrijkste doelwit. Dat zou „een nieuwe vorm van aanval” voorbereiden, „gekarakteriseerd door het plaatsen van explosieven op plaatsen waar een grote mensenmassa zich heeft verzameld”. Dit soort terreur kan veel slachtoffers maken als paniek ontstaat en mensen elkaar vertrappen.

Voetbalstadions blijven een geliefd doelwit. Ze behoren in de woorden van de Franse etnoloog Christian Bromberger tot „de laatste symbolen van nationale eenheid” in onze moderne samenleving.

Spionnenbaas Calvar noemde het EK niet expliciet, maar alle parlementariërs wisten dat hij het daar over had. Terreurverdachte Mohamed Abrini (de ‘man met het hoedje’) zou in april tijdens een verhoor ook al hebben gezegd dat het de bedoeling was niet in Brussel maar bij Franse stadions toe te slaan.

Net zoals op 13 november afgelopen jaar. Maar dankzij doortastend optreden van stadionbewakers was de schade tijdens de oefenwedstrijd Frankrijk-Duitsland toen beperkt: behalve de drie zelfmoordenaars, viel hier in Saint-Denis één dode.

Generale repetitie

Terwijl in de stadions de beveiliging in handen is van de Europese voetbalbond UEFA, zijn de autoriteiten verantwoordelijk voor de bescherming van fans die buiten staan te wachten.

En dat ging enigszins mis toen in hetzelfde Stade de France op 21 mei de Franse bekerfinale gespeeld werd. Doordat, net als bij het EK, supporters via ingewikkelde hekconstructies slechts door vier ingangen naar binnen konden, ontstonden grote opstoppingen, met alle risico’s van dien. Alle 70.000 fans hadden gefouilleerd moeten zijn, maar rookbommen, flessen en andere objecten bleken zonder probleem de controles gepasseerd.

De wedstrijd tussen Paris Saint-Germain en Marseille was door het Franse EK-comité een ‘generale repetitie’ genoemd, maar daar kwam minister van Binnenlandse Zaken Bernard Cazeneuve later op terug. „Het was niet hetzelfde publiek, niet dezelfde organisator, zelfs niet dezelfde beveiliging”, zei hij. Om er aan toe te voegen dat er wel lessen waren getrokken.

De laatste weken zijn met figuranten, hulpverleners en antiterreureenheden bij stadions meer dan dertig oefeningen belegd om op alle soorten aanslagen voorbereid te zijn: kamikazes, gifgas, bommen en kalasjnikovs. Ook is afgesproken welke terreureenheid waar verantwoordelijk is. Dat leidde bij de aanslagen in 2015 soms tot onduidelijkheid. Maar „100 procent voorzorg leidt niet tot 0 procent risico”, waarschuwde Cazeneuve.

Zorgen blijven er over de zogenoemde fan zones. Alle speelsteden hebben zo’n terrein waar liefhebbers gratis op een groot scherm wedstrijden kunnen volgen. In Parijs, op de Champ-de-Mars, is plek voor 100.000 man. „Daarmee geef je terroristen een kans een bloedbad aan te richten”, zei voormalig politiechef Frédéric Péchenard (tegenwoordig oppositiepoliticus). Hij vindt het onverantwoord.

Maar Cazeneuve en burgemeesters zijn ervan overtuigd dat de fans juist beter te beschermen zijn als ze binnen zo’n afgezet terrein staan. Er komen detectiepoortjes met private beveiligers, terwijl de politie de omgeving controleert.

Stadsbesturen proberen andere grote schermen zonder deze beveiliging te voorkomen: wie voetbal wil kijken gaat naar het stadion, naar de fan zone of hij blijft thuis.

Het EK moet „feestelijk” en zo gewoon mogelijk worden, zei Cazeneuve ondanks alles vorige maand op een persconferentie. „Frankrijk moet Frankrijk blijven. Niemand houdt ons tegen normaal door te leven.”

    • Peter Vermaas