Vector

Het gaat niet goed met de Nederlandse thriller. De shortlist van de Gouden Strop bestond dit jaar uit vier titels in plaats van de gebruikelijke vijf omdat de jury de kwaliteit van de ingezonden boeken onvoldoende vond. Vroeger was het de Maand van het Spannende Boek, inmiddels is dat teruggedraaid tot twee weken. Nederlandse thrillers voeren niet meer de bestsellerslijsten aan. Men leest liever boeken van bekende Nederlanders of boeken waarin iets wordt verteld dat een beetje waar gebeurd is, maar dan in een bedje van verbeelding.

Laat dat laatste nu precies zijn waar Simon de Waal rekening mee heeft gehouden in zijn geschenkboekje Vector. Uitgangspunt, zo legde hij in interviews uit, was een Russische onderzoeker die in een geheim laboratorium een dodelijk virus in zijn duim spuit in plaats van in de cavia die daarvoor bedoeld was. De man sterft een gruwelijke dood in helse pijnen (zijn organen lossen op), het laboratorium wordt gesloten en de onderzoekers die er nog werken vluchten het land uit.

Aldus de beeldende opening van Vector, dat zich afspeelt in het Russische Siberië van 1988. Daarna maakt het verhaal algauw de sprong naar het heden, waarin een van de gevluchte onderzoekers naar Nederland verhuisd is en inmiddels dement zijn laatste dagen uitzit.

Een zieke broer was de rode draad in het Boekenweekgeschenk van Esther Gerritsen, een zieke vader vormt de lijn in dit geschenk. Waar de broer bij Gerritsen juist geheimen ontrafelde en mensen dichterbij elkaar bracht, is bij De Waal (bekend van de boeken van Baantjer & De Waal) de vader iemand die geheimen met zich meedraagt. Na de ramp in 1988 is hij met zijn vrouw en zoon naar Almere gevlucht. Over wat er gebeurd was, sprak hij nooit meer. Het virus dat hij heeft meegenomen, heeft hij verstopt. Het geheim neemt hij mee zijn graf in, een zinnetje waar meteen de oplossing van het geheel in zit.

Vlak voor zijn dood staan er dus opeens een Rus en een Amerikaan bij hem op de stoep om dat virus te bemachtigen. Waarom men dat pas komt doen tegen de tijd dat iemand dement is, is een beetje onduidelijk. Onhandig ook wel van die twee mannen, die vervolgens zoonlief, Alex, volgen en bedreigen. Het is alsof we terug zijn in een Koude-Oorlogsverhaal, waarin de geestigste scène toch wel is dat de Amerikaan aan Alex uitlegt hoe het verhaal in elkaar zit en dat Alex dan prompt vraagt: 'Jij bent dus een van de goeien?’ ‘Yes. Ik ben een van de good guys.’

    • Toef Jaeger