Racisme is de realiteit voor mijn zoon

Joan Linz-Mertodirjo ziet dat haar zoon niet hetzelfde wordt behandeld als een witte jongen.

Ik ben in Suriname geboren en was één jaar oud toen ik naar Nederland kwam. Ik heb een licht getinte huidskleur. Mijn man is donkergekleurd en mijn kinderen zijn een paar tinten donkerder dan ik. Een groot deel van mijn leven heb ik mij nooit gediscrimineerd gevoeld door de politie. Maar sinds ik mijn man ken en grotere kinderen heb, ervaar ik dit wel zo.

Dit stuk is een reactie op het hoofdredactioneel van De Telegraaf van woensdag. Lees die hier.

Mijn zoon van 18 heeft sinds begin februari zijn rijbewijs. Hij is sindsdien al negen keer staande gehouden door de politie. Soms in zijn eigen autootje, een oude VW-Polo. Soms in onze auto, een mooie wagen uit 2011. Ik ben ervan overtuigd dat blanke kinderen uit de buurt niet zo vaak worden aangehouden. Mijn man is ook vaak zonder duidelijke reden aangehouden.

De politie doet trouwens niet alleen aan etnische profilering op straat, het zit ook in het systeem. Een aantal jaren geleden heeft een klasgenoot en vriend van mijn zoon een fiets die niet op slot stond op het schoolplein ‘geleend’. Hij ging samen met mijn zoon en nog twee jongens tijdens een aantal tussenuren even samen op de fiets weg.

Bewakingscamera’s hadden dat geregistreerd. Nadat hij de fiets later op de middag weer op het schoolplein tegen een hek had gezet, werden de vier donkere vrienden met een politiebusje van school afgevoerd.

Mijn zoon heeft een middag op het politiebureau doorgebracht. Daar is toen, met behulp van een afvinklijst, het recidiverisico van mijn zoon bepaald. Naast de criteria ‘jongen/meisje’, ‘type misdrijf’ was ook ‘wel/geen Nederlandse achtergrond’ een criterium. Ze hebben mijn zoon niets gevraagd, maar een vinkje bij ‘niet-Nederlandse achtergrond’ gezet.

Let wel, ik woon al sinds ik één jaar ben in Nederland en kom uit een ex-kolonie die toen ik daar wegging nog bij Nederland hoorde. Thuis spreken we Nederlands, de kinderen zitten op sport en theater en gingen naar muziekles en de standaard zwemles. We vieren alle reguliere feestdagen. We lezen Nederlandse tijdschriften en boeken. Gaan in de vakantie naar pretparken en het strand. De kinderen doen het goed op school. We zijn betrokken ouders. Maar de politie heeft naar mijn kind gekeken en geconcludeerd dat hij niet-Nederlands was.

0306opicolumn

Omdat het recidiverisico als vrij hoog uit de bus kwam (vanwege dat vinkje bij ‘geen Nederlandse achtergrond’) mochten we op gesprek komen bij de Kinderbescherming. Mijn blonde buren was dat in zo’n geval nooit overkomen. Tot dat moment dacht ik echt dat ik en mijn man en kinderen Nederlander waren. Nu voelde ik me beledigd en verraden.

Vóór deze gebeurtenis trok ik altijd een oranjekleurige blouse aan op Koninginnedag. Sindsdien doe ik dat niet meer. Mocht mijn zoon of een van mijn kinderen ooit nog in aanraking komen met de politie, dan ga ik daar direct naartoe. Omdat ik er geen vertrouwen in heb dat mijn kinderen hetzelfde behandeld zullen worden als witte Nederlanders.

Ik ben 44. Wat denk je dat een jongere voelt als hem zoiets keer op keer op keer overkomt?