De interne controleur is nu ook een snelle jongen

In de bankensector hadden interne controleurs en risicomanagers weinig aanzien en salaris. Maar in reactie op de financiële crisis werden regels aangescherpt en zijn de ‘losers’ van de bank opeens in trek. Gevolg: een salariswedloop.

Illustratie Pepijn Barnard

De interne controleur een ei? De sukkel van de bank die altijd zeurt over regels en risico’s en door iedereen lachend wordt genegeerd? Omdat-ie geen megadeals binnensleept of bakken geld verdient?

Zeker niet, vlamde topman Wiebe Draijer van de Rabobank tijdens een debat met journalist en bankencriticus Joris Luyendijk. Luyendijk had hem voorgehouden dat er een fundamentele fout in banken zit: het personeel dat graag risico’s neemt – de handelaren en bankiers die deals sluiten – geldt als veel belangrijker dan het personeel dat juist risico’s probeert te beperken en ervoor moet zorgen dat banken zich aan de regels houden: de compliance officers en risicomanagers. Dat blijkt uit hun status en salaris. De dealmakers zijn de helden en de ‘controleurs’ de losers.

Maar volgens Draijer doen die interne toezichthouders, de zogeheten compliance officers, en risicomanagers niet meer onder voor de snelle jongens, in rang noch beloning. Volgens Draijer wegen zelfs externe bureaus die meehelpen salarissen te bepalen, het werk van compliance officers en risicomanagers vaak zwaarder dan die van het commerciële personeel dat met klanten werkt.

In Londen en een paar andere plekken in de wereld heeft Rabobank nog steeds 200 mensen die aanzienlijk beter verdienen, mede omdat Rabo voor hen een uitzondering heeft gemaakt op haar gebruikelijke beloningsbeleid. Maar verder klopt het wat Draijer zegt. Joost Frequin van headhuntersbureau Financial Assets beaamt volmondig dat compliance officers belangrijk zijn geworden en hun salarissen doen niet onder voor die van anderen. „Heel populair zijn ze nog steeds niet”, zegt hij, omdat ze vaak ‘nee’ verkopen. Maar ze worden wel „voor vol” aangezien. „Als je vroeger je carrière niet kon voortzetten, kon je altijd nog compliance officer worden. Nu is het een professioneel beroep waar hoge eisen voor gelden.”

Bijna de Balkenendenorm

Volgens Misja Bouma van arbeidsbemiddelingsbureau Yacht verdient dit soort werknemers meer dan gemiddeld. „Een compliance officer met 5 à 10 jaar ervaring verdient rond 60.000 euro bruto per jaar, een risicomanager 70.000.” Een topfunctionaris kan zelfs 150.000 euro per jaar opstrijken, plus extraatjes, blijkt op vacaturesites. Dat is bijna de Balkenendenorm.

De opkomst van compliance officer en risicomanager heeft volgens Gwendolyn van Tunen voor een belangrijk deel te maken met de aangescherpte regelgeving – en met het feit dat toezichthouders veel harder ingrijpen als het misgaat. Van Tunen is hoofd compliance bij ABN Amro. In reactie op de crisis is er een enorme bak wetten en regels over de bankensector uitgestort. Al die duizenden regels moeten worden doorgespit, omgezet in beleid, uitgevoerd én nageleefd. Daar zijn veel mensen voor nodig. „We hebben met zijn allen een complexe wereld gecreëerd. Dan heb je echt een aantal experts nodig om de eenvoud terug te brengen, zodat de rest van het bankpersoneel goed zijn werk kan blijven doen.”

Het heeft geleid tot hele ‘legers’. Draijer zei in het debat dat bij Rabobank 6.000 van de 25.000 mensen bezig zijn met regels en risicobeheersing – een verdubbeling ten opzichte van voor de crisis. Hoeveel het er bij de andere banken zijn, is niet exact bekend maar vaststaat dat het om grote aantallen gaat.

Banen voor het uitzoeken

Door die spectaculaire groei is er nu schaarste op deze arbeidsmarkt. Bouma van Yacht: „Vrijwel iedereen in onze bestanden die ook maar een beetje verstand heeft van compliance zit op een opdracht. Frequin: „Deze mensen hebben de banen voor het uitzoeken.” Soms moeten er zelfs mensen uit het buitenland worden gehaald.

Die schaarste komt niet alleen door banken. Door bijna alle bedrijven wordt geaasd op dit soort personeel. Verzekeraars, accountants, advocatenkantoren, multinationals als Unilever, farmaciereuzen ook vooral. Een woordvoerder van ABN Amro noemt het een „war on talent”.

En als iedereen in dezelfde vijver vist, ontstaat een salariswedloop. De lonen voor compliance officers en risk managers zijn de afgelopen periode elk jaar gestegen, al is er niet zo’n salarisfestival aan de gang als in bijvoorbeeld de VS, zegt Van Tunen. Banken moeten diep in de buidel tasten om mensen te strikken. Een woordvoerder van de Rabobank: „Wij moeten extra ons best doen om goede mensen aan te trekken en om ze te behouden. Soms staan vacatures langer open dan we willen.” Het vormt een contrast met andere functies, die juist overbodig worden.

In de bankenwereld klinkt kritiek dat zij niet goed kunnen meedoen in dit strijdgewoel. Voor banken gelden bijvoorbeeld bonusbeperkingen – een maatregel die na de crisis werd getroffen om perverse prikkels bij bankiers tegen te gaan. Van Tunen zegt dat ABN Amro soms mensen kwijtraakt aan bedrijven die meer kunnen betalen. Maar het gaat volgens haar maar om 2 of 3 mensen per jaar. „Niet genoeg om je beloningsbeleid op aan te passen. De meeste mensen gaan gelukkig niet voor die 10 procent extra. Zij vinden hun vak gewoon mooi.”

Headhunter Frequin zegt ook dat het probleem wel meevalt. „Salarissen bij banken liggen in het algemeen hoger dan in andere sectoren.” Ook zonder bonus zijn banken aantrekkelijke werkgevers.

Zeker is dat de kosten fors toenemen. Het is onduidelijk hoeveel, maar er is groeiende kritiek dat de vele regels het ondernemersinstinct in de weg zitten. Draijer zei tijdens het debat met Luyendijk dat hij 80 procent van zijn tijd besteedt aan regels, controles en rapportages. „Ik zou liever iets meer tijd willen besteden aan de klant.” Ook van Tunen vraagt zich af of dit is vol te houden. „Uiteindelijk wordt het heel duur en we betalen met zijn allen de rekening.” Banken berekenen kosten door aan hun klanten.

Het zou niet nodig hoeven zijn

Daar zit een paradox: je kunt ook zeggen dat die enorme aantallen compliance officers en risicomanagers niet nodig zouden hoeven zijn, als banken zich gewoon netjes gedragen. Het is een kip-ei-verhaal. Toezichthouder De Nederlandsche Bank (DNB) zegt bijvoorbeeld dat als de banken het er niet naar hadden gemaakt, er ook niet zo veel regels zouden zijn en er dus niet zo veel controleurs nodig zijn. Zo bezien is het kwart van het personeel van Rabobank dat zich bezighoudt met regels en risico’s ook opmerkelijk. Maar dan om een andere reden.

Van Tunen erkent die paradox. „In een ideale wereld heb je inderdaad geen regels nodig en snapt iedereen wat fatsoenlijk is. Maar we zitten niet in die ideale wereld. De reflex als er iets misgaat is: meer regels, om een herhaling te voorkomen. Die regels zijn vaak complexer dan de regels die er vroeger waren. Dan moet je werknemers helpen die wereld te begrijpen en er juist naar te handelen.”

Ze wijst erop dat een deel van de complexiteit ook zit in andere dingen dan regels. Banken kijken of iets mag, maar ook of ze het wel willen. De compliance officer dus als hoeder van de integriteit, als ‘geweten’ van de bank. Daarvoor kijken banken voortdurend naar de samenleving. „Maar wat we vandaag oké vinden, is dat morgen misschien niet meer.”

De hamvraag is of banken het met al die compliance officers en risk managers nu beter doen. Frequin zegt dat „de laatste stap nog niet is gezet”. Hij doelt op het feit dat bij de meeste banken nog geen aparte compliance officer in de raad van bestuur zit. Zij rapporteren aan de bestuursvoorzitter. „Dat maakt het soms moeilijk nee te zeggen. Te vaak nee zeggen is ook slecht voor de verhoudingen.”

Risk managers zijn tegenwoordig wel aparte functionarissen binnen de raden van bestuur. Maar dat ging niet zonder slag of stoot. Bij de Rabobank deed voormalig financieel directeur Bert Bruggink die functie erbij, zeer tegen de zin van toezichthouder DNB. Hij weigerde ermee akkoord te gaan dat zijn functie werd opgeknipt. Pas na zijn vertrek vorig jaar gebeurde dat toch.

Bewaken van integriteit

Misschien wel het belangrijkste: onlangs liet DNB zich opnieuw kritisch uit over de integriteit van de financiële sector. Dit naar aanleiding van de onthullingen uit de zogeheten Panama Papers over belastingontwijking en -ontduiking door de rijken en machtigen op aarde. Daarbij waren vooral trustkantoren betrokken. Maar volgens de toezichthouder was ook de integriteit bij banken nog altijd een „zorgpunt”. ABN Amro zelf kwam vorig jaar in opspraak door malversaties bij haar filiaal in Dubai.

Het bewaken van de integriteit is een kerntaak van de compliance officer. De mededeling van DNB liet zich dus lezen als een dwingende boodschap dat er nog werk aan de winkel is. Van Tunen: „We zijn veel effectiever dan tien jaar geleden. Maar het zou niet eerlijk zijn als ik zeg dat we klaar zijn.”

„Uiteindelijk moet er een nieuw evenwicht komen”, zegt Van Tunen, een wereld waarin er net als vroeger meer op basis van vertrouwen wordt gewerkt en minder op basis van regels. In dat geval kunnen banken wellicht ook weer toe met een stuk minder compliance officers, hoopt ze. Ook Rabo denkt dat „er op termijn weer minder mensen nodig zijn bij compliance”, aldus de woordvoerder.

Maar banken moeten dat vertrouwen wel eerst zélf terugverdienen, aldus Van Tunen. „Het vertrouwen is nog niet hersteld. En dus zijn we er nog niet.”

De interne controleurs bij de bank hebben na de financiële crisis veel meer aanzien – en salaris – gekregen.

    • Chris Hensen