Blijven als een milde manier van weggaan

Veel mensen denken dat het beter is als het Verenigd Koninkrijk in de Europese Unie blijft. Ook in Nederland, dat destijds enorm zijn best heeft gedaan om de Britten erbij te halen, hoor je dat vaak. Als de Britten op 23 juni bij het referendum voor Brexit kiezen, zouden de ‘liberale’ Nordics hun belangrijkste bondgenoot kwijtraken.

Zonder de Britten is Europa weer overgeleverd aan de ‘legalistische’ Duitsers en de ‘centralistische’ Fransen; de dominante politieke culturen op het continent waar liberalen niets mee hebben. Ook zou een Brexit in een tijd vol Europese malaise een politieke en psychologische dreun zijn voor de achterblijvers. Zo’n groot, dominant land dat het voor gezien houdt – kan een verzwakt, onzeker Europa ooit van zo’n afwijzing herstellen?

Allemaal valide argumenten om, vanuit Europees perspectief bekeken, tegen Brexit te zijn. Maar dat betekent niet dat ‘Bremain’ zoveel beter is. Integendeel. Bremain wordt óók een nachtmerrie. Wat er de 23ste ook uitkomt, het gaat Europa schaden.

Als het VK in de EU blijft, zullen de Britten die eruit hadden gewild, diep teleurgesteld of boos zijn. Vooral bij de Conservatieven van premier Cameron zal dit problemen geven; sommigen speculeren al op rebellie en splitsing. Los van de vraag of Cameron aanblijft of niet, zal dit ertoe leiden dat de Britse premier komende jaren in Brussel geen enkele concessie kan doen, op welk gebied ook. Hoe kleiner de winst voor Bremain, hoe sterker dit effect.

De Britten zijn in Brussel altijd stoorzenders geweest. Ze zijn er in 1973 bij gekomen om twee redenen: om te profiteren van de interne markt, en om politieke besluitvorming van binnenuit te verwateren. De laatste jaren storen de Britten meer dan ooit. Door de EU-uitbreidingen, die ze hevig hebben gepusht, is het centrum van Europa naar het oosten verschoven. Het Verenigd Koninkrijk werd alleen al geografisch steeds meer een buitenbeentje.

Eindeloze vergaderingen met veel lidstaten en extra regelgeving op een uitdijende interne markt waren logische gevolgen van die uitbreidingen, maar de Britten hadden er geen geduld mee en zijn afgedreven. Ze doen niet mee aan de euro, Schengen, bankenunie of justitiesamenwerking. Ze zeuren over alles en willen niks meer. Op de Europese begroting heeft Londen hoge kortingen bedongen die andere landen moeten betalen, terwijl de reden voor kortingen (armoe) allang is weggevallen.

Zelfs op buitenlands politiek gebied investeert Londen niet meer in Europa: Britse ambtenaren doen bij Brusselse besprekingen geen mond open. Tegelijkertijd belet het de rest om wél een gezamenlijke politiek op te zetten.

Dat wordt na een Bremain erger, daar twijfelen in Brussel weinigen aan. Om Brexitsupporters te paaien zou Londen een oud plan kunnen uitvoeren: terugtrekking uit het Europese Mensenrechtenconventie. Het gaat nog moeilijker doen over geld. Verdere EU-uitbreidingen zal het blokkeren. Volgens de ‘speciale deal’ die de 27 anderen in februari optuigden om de Britten binnenboord te houden, krijgt het nieuwe uitzonderingsposities op bestaande Europese regels: op het gebied van vrij personenverkeer, werkvergunningen en non-discriminatie van nationaliteiten. Volgens Peter Ludlow, historicus van de Europese Raad, heeft het maandenlange gesoebat hierover de relatie VK-EU beschadigd. „Het Britse probleem is een kanker die veertig jaar lang gegroeid is”, zegt hij. „Die verwijder je niet met een kleine chirurgische ingreep.”

Zelfs als de Britten formeel in de EU blijven, zullen ze praktisch steeds minder lid zijn. Bremain is een milde vorm van Brexit: dat je de lusten hebt van de EU, maar steeds minder lasten. Sommige landen zien scheel van jaloezie. Let op: hier ontstaat een nieuw soort lidmaatschap.

    • Caroline de Gruyter