IOC intensiveert strijd tegen doping richting Rio

Het Internationaal Olympisch Comité (IOC) voert de strijd tegen doping drastisch op. Het uitvoerend comité besloot woensdag het budget voor dopingtesten in aanloop naar de Olympische Spelen in Rio de Janeiro te verdubbelen en daarvoor 500.000 dollar beschikbaar te stellen.

Het IOC-programma is een aanvulling op de dopingtesten die de internationale sportbonden en de nationale dopingautoriteiten al uitvoeren. Een IOC-woordvoerder zei gisteren dat voorafgaande aan de Zomerspelen sporters uit Rusland, Kenia en Mexico speciaal in het vizier worden genomen. Die landen hebben een dubieuze reputatie op het gebied van doping en voldoen niet aan de eisen die wereldantidopingbureau WADA stelt.

Met het oog op de toekomst heeft het IOC voor oktober een top aangekondigd waarop de resultaten van de nieuwe aanpak in Rio worden geëvalueerd. Het IOC maakt tevens duidelijk dat het blijft werken aan een onafhankelijke organisatie die de dopingtesten moet overnemen van de sportbonden. Bij de Winterspelen van Pyeongchang in 2018 moet zo’n instituut operationeel zijn.

Naast intensivering van het dopingprogramma besloot het IOC vijf sporten aan het programma van de Zomerspelen van Tokio in 2020 toe te voegen. Dat zijn: karate, skateboarding, sportklimmen, surfen en softbal/honkbal.

Formeel moet de Sessie in augustus in Rio de Janeiro nog goedkeuring aan het voorstel geven, maar de verwachting is dat het een formaliteit is. De toevoeging van vijf sporten past in het hervormingsprogramma zoals het IOC dat anderhalf jaar geleden heeft aangenomen.

De vijf nieuwe sporten zijn voorgedragen door het organisatiecomité ‘Tokio 2020’. Softbal en honkbal keren na een afwezigheid van twee olympiades terug op de Olympische Spelen.