‘Russen zijn niet de enige schurken’

De regisseur over ‘Our Kind of Traitor’, haar film over een Russische witwasser die wil overlopen naar het Westen.

Damian Lewis probeert tegen de klippen op het goede te doen, maar stuit op cynisme en corruptie inOur Kind of Traitor

In Our Kind of Traitor komt brave burgerman Perry Makepeace (Ewan McGregor) terecht in het web van de Russische maffioso Dima (Stellan Skarsgård), die geld witwast voor Russische oligarchen. Hij wil overlopen naar de Britten, eist veiligheid voor zijn kinderen en zichzelf in ruil voor informatie, en Makepeace moet bemiddelen. De film naar een boek van John le Carré is geregisseerd door Susanna White, bekend van prestigieus televisiedrama zoals Generation Kill en Parade’s End.

Films naar spionageromans van Le Carré zijn al meer dan vijftig jaar populair. The Spy Who Came in from the Cold is een klassieker met Richard Burton uit 1965, die nog steeds filmmakers beïnvloedt, zoals Steven Spielberg in zijn recente Bridge Of Spies. Tinker Tailor Soldier Spy en Smiley’s People waren einde jaren zeventig, begin jaren tachtig grote succes bij de BBC voor Alec Guinness.

Het einde van de Koude Oorlog heeft de carrière van Le Carré ook niet noemenswaardig vertraagd. The Constant Gardener (2005) was een geslaagd drama met Ralph Fiennes, over de ongebreidelde macht van de farmaceutische industrie in Afrika. De gevaren van jihadistisch terrorisme pakte Le Carré aan in A Most Wanted Man, verfilmd door Anton Corbijn met een sterke, laatste rol van Philip Seymour Hoffman. Eerder dit jaar was er ook al de serie The Night Manager, opnieuw een hit voor de BBC, met Tom Hiddleston als hotel-employé die wordt gerekruteerd door de geheime dienst.

Die blijvende aantrekkingskracht van Le Carré is opmerkelijk. Hij blijft bij de tijd door zijn thema’s te betrekken uit de actualiteit – en heeft daar uitgesproken, kritische, linkse opinies bij die zijn verhalen het nodige vuur geven. Maar zijn analyse blijft goeddeels hetzelfde: wie de vijand ook mag zijn, geheime diensten in het Westen blijven kampen met nutteloze, interne bureaucratische gevechten, eventuele overwinningen zijn schaars, tijdelijk en bitterzoet. Hoge idealen leggen het altijd af tegen onversneden hebzucht, eigenbelang en flagrante stommiteit. Zijn dialogen zijn sterk, de titels van zijn boeken zijn al heel krachtig en acteurs willen zijn volwassen, niet-karikaturale personages graag spelen.

Uw film over illegale geldstromen komt uit op het moment dat de Panama Papers in het nieuws zijn. Toeval?

Susanna White, aan de telefoon uit Londen: „Dat is de grote kwaliteit van Le Carré: hij heeft een heel scherp oog voor wat er gaande is in de wereld, ook al is hij inmiddels een man van in de tachtig. Hij heeft in 2010 dit boek geschreven waarin hij al de gebeurtenissen van dit moment in feite heeft voorspeld.”

U heeft hem ook een piepklein rolletje gegeven in de film.

„Hij is even te zien als suppoost van een museum in Zürich. Hij heeft een enorme talenknobbel. Hij spreekt niet alleen uitstekend Duits, maar ook nog eens Zwitsers dialect. Die dialoog hebben we jammer genoeg moeten knippen.”

Hoe eigentijds zijn verhalen ook zijn, één ding is niet veranderd: de Russen zijn nog steeds de vijand.

„Ik weet niet zo zeker of Russen de enige schurken zijn in de film. Je kunt de vraag stellen wie in de film eigenlijk de vijand is. Elk van de personages maakt zich tot op zekere hoogte schuldig aan verraad. Londen heeft als financieel centrum de deur wijd opengezet voor Russische oligarchen. De politiek heeft daar ook zijn zegen aan gegeven. Moreel is de film behoorlijk complex.

„Voor mij was het belangrijk om een echt eigentijdse film te maken. Daarom is een van de Britse spionnen in de film van Egyptische afkomst, want dat is hoe de spionagewereld er nu uitziet, met agenten met een Arabische achtergrond, die die wereld goed kennen. Het stel in de film, gespeeld door Ewan McGregor en Naomie Harris, heeft een gemengde etnische achtergrond, want dat is hoe mensen nu leven in Londen. Hun huwelijk verkeert in een crisis, omdat hij is vreemdgegaan. Dat zit niet in het boek. Maar ik wilde niet alleen een politieke thriller maken, maar ook een gelaagd verhaal vertellen met complexe emoties.”

De wereld van Le Carré is vaak kaal en weinig glamoureus. Maar omdat dit verhaal zich afspeelt onder exorbitant rijke Russen kon u toch wat glamour toevoegen.

„Daar hebben we lol mee kunnen maken, onder meer door een miljonairsfeestje te laten zien, waar een meisje in een bikini rondrijdt op een wit paard. Later laten we dan zien waar al dat geld eigenlijk vandaan komt en zie je duistere onderkant van al die rijkdom.”

Uw vader werkte zelf bij de inlichtingendienst tijdens de Tweede Wereldoorlog. Heeft die achtergrond geholpen bij het maken van de film?

„Mijn vader heeft daar nooit veel over willen praten. Hij is tijdens de oorlog in een Duits gevangenkamp beland, heeft vrienden verloren. Dat was voor hem traumatisch. Maar mijn belangstelling voor de wereld van de inlichtingendiensten komt daar wel vandaan. Ik wilde dat iedereen in de film vloeiend en zonder enig accent zijn vreemde talen zou spreken. Ik weet van mijn vader dat dat een voorwaarde is om echt te kunnen opgaan in het land waar je bent gestationeerd. Mijn vader was betrokken bij de inlichtingendiensten omdat hij zeven talen foutloos sprak. Die authenticiteit was voor mij heel belangrijk in de film.”

    • Peter de Bruijn