Column

Uit de botaniseertrommel van de Koning: de English Rose tegen de Brexit

Het is geen alledaags verschijnsel dat het Nederlandse staatshoofd het Europees Parlement toespreekt. Deze week voerde koning Willem-Alexander het woord in Straatsburg. Beatrix deed dat in 2004 en ook al eens in 1984. Aanleiding voor de rede van de Koning was deze keer het Nederlands voorzitterschap van de Europese Unie. En het opmerkelijke was dat Willem-Alexander zich uitsprak tegen het uittreden van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie. Dit is het standpunt van de Nederlandse regering, waarvan het staatshoofd deel uitmaakt, maar opvallend is het toch, want hij had het ook kunnen laten. Een mogelijk ‘Brexit’ is immers politiek een tamelijk omstreden thema en het is gebruikelijk dat het Nederlands staatshoofd uit de buurt blijft van omstreden kwesties. Door zijn grondwettelijk afgebakende positie, waarbij hij onschendbaar en de minister verantwoordelijk is, heeft de Koning soms trekken van een politieke eunuch.

Dat zal ook wel de reden zijn dat de woorden van de vorst voorzichtig waren gekozen. Hij sprak niet over het risico van een mogelijke desintegratie van Europa in geval van Brexit, maar wees erop dat de landen van Europa elkaar nodig hebben. Willem-Alexander koos vervolgens voor de metafoor van het „Europese boeket” dat niet compleet zou zijn zonder de Spaanse anjer, de Franse fleur-de-lys, de Deense margriet. En zo verder tot de Koning in zijn botaniseertrommel de „English rose” aantrof. Die hoort dus ook bij dat boeket.

Voor wie de gedachte overvalt dat premier Mark Rutte zelf deze gedachte wel eens naar voren zou kunnen brengen, is het wellicht geruststellend dat Rutte dat ook al gedaan heeft. Zij het ook indirect. In januari verwees hij in een rede voor het Europarlement naar niemand minder dan Winston Churchill die in 1948 in de Haagse Ridderzaal bij het ‘Congres van Europa’ sprak over de noodzaak van samenwerking in Europa op basis van gedeelde waarden, gedeelde economische belangen en gedeelde behoefte aan veiligheid. „Drie redenen die niets aan actualiteit hebben ingeboet”, aldus Rutte. In het Engels heet dat een hint.

Dat het kabinet ervoor kiest om een krappe maand voor het Britse referendum het staatshoofd op het Europese center court in te zetten om de Nederlandse positie over dit letterlijk splijtende thema onder de aandacht te brengen, valt toe te juichen. Dat dit echter zo omfloerst is gebeurd, was niet nodig. Nu is de gedempte oproep van de Nederlandse Koning aan de Britten om zich bij het referendum uit te spreken tegen een Brexit niet opgepikt in het Verenigd Koninkrijk. En dat is een gemiste kans.