‘Noord-Koreanen ingezet als dwangarbeiders in Polen’

Volgens het Leiden Asia Centre stuurt het regime elk jaar 500 mensen naar Polen. Ze werken 12 uur per dag, salaris wordt ingepikt.

Een Noord-Koreaanse lasser op de Gdansk-scheepswerf, 2006. Foto WOJTEK JAKUBOWSKI / AFP

Noord-Korea maakt niet alleen in eigen land maar ook binnen de Europese Unie gebruik van dwangarbeid, vooral in Polen. Dat stelt het Leiden Asia Centre in een maandag verschenen rapport.

De Noord-Koreaanse arbeiders moeten doorgaans twaalf uur per dag, zes dagen per week werken en ze mogen nergens heen zonder toestemming. Ze beschikken ook niet over een eigen paspoort of een arbeidscontract. Volgens het rapport krijgen ze maar een fractie van het loon dat Poolse werkgevers betalen, net genoeg voor eten, sigaretten en bier. De rest van hun salaris strijken de Noord-Koreaanse autoriteiten op. Na het werk zijn er – net als in Noord-Korea zelf – vaak ideologische drilsessies om de aanhankelijkheid aan de Kim-dynastie te bestendigen.

De auteurs van het rapport zeggen dat er nu jaarlijks zo’n 500 Noord-Koreaanse arbeiders in Polen arriveren, die drie tot vijf jaar blijven. Tussen 2008 en 2015 heeft Polen in totaal 2.783 arbeidsvergunningen voor Noord-Koreanen afgegeven. Mogelijk gaat het echter om meer mensen.

Een studie van de Verenigde Naties suggereerde vorig jaar dat Noord-Korea wereldwijd zo’n 50.000 arbeiders naar het buitenland stuurt. Het zou het regime tussen de 1 en 2 miljard dollar opleveren. Die zijn zeer welkom omdat door een reeks sancties wegens Noord-Korea’s kernproeven veel andere bronnen voor buitenlandse valuta zijn opgedroogd.

De gastarbeiders worden door het bewind van Kim Jong-un zorgvuldig geselecteerd. Alleen mensen die gehuwd zijn en kinderen hebben – en dus minder snel zullen proberen te vluchten – komen in aanmerking. Ze gaan altijd in groepen, die onder toezicht staan van mensen die volkomen loyaal zijn aan het Kim-regime.

De Noord-Koreaanse dwangarbeid in Polen kwam in de openbaarheid toen in 2014 de Noord-Koreaanse lasser Chon Kyongsu bij lasactiviteiten op de werf van het bedrijf Crist in Gdynia in brand vloog, mede doordat hij geen beschermende kleding droeg. Chon bezweek een dag later aan zijn brandwonden.

De Noord-Koreaanse ronselaars en Poolse partners met wie ze samenwerken zijn er volgens de onderzoekers heel bedreven in leemtes in de Poolse wetgeving te benutten. Sommige Poolse firma’s, ook Crist, kregen zelfs Europese subsidies.

De Leidse onderzoekers onder leiding van Remco Breuker, hoogleraar Koreastudies, hebben onder anderen met twee Noord-Koreaanse voormalige arbeiders in Polen gesproken. Details over hun gesprekspartners willen ze uit veiligheidsoverwegingen niet geven. Ze hebben geen aanwijzingen van Noord-Koreaanse dwangarbeid in Nederland.