Man van tactische onverzettelijkheid

M/V in het nieuws Philippe Martinez , Frans vakbondsleider Hij voert het verzet tegen de nieuwe Franse arbeidswet aan. Maar Martinez strijdt ook voor het lot van zijn linkse vakcentrale CGT.

CGT-voorman Philippe Martinez cultiveert met zijn stalinistische snor een arbeideristische uitstraling. Foto Gonzalo Fuentes/Reuters

Nog maar een paar maanden terug kende niemand hem. Nu is algemeen secretaris Philippe Martinez van vakfederatie CGT het gezicht van het aanhoudende verzet tegen hervormingen van de Franse regering. Terwijl premier Manuel Valls heeft herhaald niet van plan te zijn om zijn bekritiseerde arbeidswet in te trekken, houdt de 55-jarige Martinez met nieuwe acties zijn poot stijf. „Als de regering weigert te discussiëren, dan bestaat het risico dat de mobilisatie vergroot”, dreigde hij.

De inzet is de flexibilisering van de arbeidswetgeving. Die zet volgens Martinez „meerdere decennia van sociale rechten op losse schroeven”. In 2012 riep de radicale Confédération générale du travail in de tweede verkiezingsronde nog op tot een stem op François Hollande, maar de liefde is bekoeld. „Heeft Hollande in zijn programma gezegd dat hij het arbeidsrecht ging afbreken?” verdedigde Martinez zich op radiozender RTL. „Als ik me goed herinner, dan zei hij dat hij de financiële wereld ging aanpakken. Laat hem dat doen.”

Net als bij de, in het spoor van de president, steeds minder populaire Valls, dient het conflict ook bij Martinez de bevestiging van zijn eigen autoriteit. Op een CGT-congres in april bleek grote verdeeldheid over de koers: na jaren waarin de dialoog de boventoon voerde, namen twijfels over de resultaten toe: de CGT verliest terrein op de hervormingsgezinde CFDT. Met de belofte van een harde lijn kreeg Martinez de bonden in de federatie op zijn hand.

De interne conflicten ontstonden onder zijn vorig jaar vroegtijdig gesneefde voorganger Thierry Lepaon. Die moest weg omdat hij voor veel geld zijn kantoor en zijn appartement aan het Bois de Vincennes had laten vertimmeren. Martinez, kleinzoon van Spaanse gastarbeiders, is in alles zijn tegenbeeld. Terwijl Lepaon altijd strak in het pak aan de onderhandelingstafel verscheen, cultiveert Martinez met stalinistische snor zijn arbeideristische uitstraling en is hij niet te beroerd om, zoals vorige week, voor fotografen een autoband in het vuur te gooien. Hij woont bescheiden in de Parijse banlieue, rijdt in een oude Renault en weigert een stropdas om te knopen.

Maar hoewel hij nu de rol van doordouwer vervult, heeft hij als vakbondsvertegenwoordiger bij Renault, waar hij in 1982 als technicus begon, en later als voorzitter van de metaalwerkersbond, juist altijd open gestaan voor dialoog. Hij is bovendien de eerste CGT-voorzitter die geen lid is van de communistische partij. In 2006 zegde hij zijn lidmaatschap op, maar hij heeft nooit helemaal duidelijk gemaakt waarom.

„De man die Frankrijk op de knieën wil krijgen”, zoals Le Figaro afgelopen week op de voorpagina kopte, is daarom vooral een tacticus en pragmaticus. Of misschien een „echt politicus” die het spel weet te spelen, opperde een oud-collega bij Renault tegen zakenblad Capital. Omdat hij bij de voorbereiding van het congres met iedereen in discussie wilde, prees het artikel hem als „een waar democraat”.

Juist afgelopen week ontstonden over zijn democratische antecedenten enige twijfels. Toen landelijke kranten donderdag weigerden een communiqué van Martinez af te drukken, hielden CGT-activisten de papieren publicatie van die kranten tegen. Alleen de uiterst linkse L’Humanité lag, mét de tekst, in de kiosken. Dat was „chantage” oordeelden verbijsterde hoofdredacteuren, maar Martinez weigerde zich erover uit te spreken. Met een vilein lachje constateerde hij in het Franse journaal slechts dat „de bond in het uitgeefvak kennelijk in staking is gegaan”.

Dit soort acties maakt hem niet populairder. Terwijl ongeveer de helft van de Fransen de arbeidswet van tafel wil, heeft een ruime meerderheid van 67 procent volgens Le Parisien een „slecht beeld” van Martinez.