Als de haai bloed ruikt, slaat hij toe

Drie dagen voor het einde leek hij kansloos. Toch won de Italiaan zijn tweede Giro. Dankzij zijn eigen instinct en het geloof van zijn ploegbaas.

LUK BENIES/AFP PHOTO

Dat ene moment van Vincenzo Nibali, vlak onder de besneeuwde top van de Colle dell’Agnello, dak van de Giro. Na een aanval van de Colombiaan Esteban Chaves zit iedereen in de groep met favorieten aan zijn limiet. Toch beschikt de Italiaanse kampioen nog over genoeg controle over lichaam en fiets om in de laatste meters bergop als eerste snel een jasje aan te trekken, ondertussen keihard doortrappend. Net lang genoeg dwingt hij zijn concurrenten in een oncomfortabele positie. Vlak daarna slaat rozetruidrager Steven Kruijswijk via een sneeuwwand tegen de grond in de afdaling. De rest is geschiedenis.

Nibali (31) won zondag in Turijn zijn tweede Ronde van Italië, terwijl hij die eigenlijk al niet meer kon winnen. Liefst 4.43 minuut bedroeg zijn achterstand, drie dagen voor het einde. En zelfs na zijn magistrale coup en ritwinst van vrijdag over de Agnello stond hij nog altijd 44 seconden achter het roze, dat van Kruijswijk was overgenomen door Chaves. Pas op de laatste zaterdag, in de voorlaatste klim naar Sant’Anna di Vinadio, boog Nibali zijn achterstand om in 52 tellen voorsprong. „Ik heb vandaag bevrijd gekoerst”, sprak hij na afloop tegen de verzamelde pers. „Ik had geen angst om te verliezen maar ook niet om te winnen.”

Hij is een meesterdaler

Zelden werd de Giro zo laat beslist. Stefano Garzelli nam in 2000 op de voorlaatste dag in een klimtijdrit la maglia rosa over van Francesco Casagrande, campionissimo Fausto Coppi versloeg in 1953 op de laatste zaterdag alsnog Hugo Koblet. En dat de leiderstrui in de laatste vier ritten nog drie keer van schouders wisselde, kwam alleen eerder voor in 1913. Maar zoals Nibali nu in extremis toesloeg, terwijl de Italianen zich al hadden verzoend met de verrassende eindzege van een voor velen onbekende Nederlander?

Natuurlijk wist ook Kruijswijk dat Nibali een meesterdaler is, zoals de Italiaan vorig jaar demonstreerde bij zijn zege in de Ronde van Lombardije. Hij leerde het op BMX-fiets en mountainbike, thuis op Sicilië. Niemand duikt beter de bochten in. Wie een paar meter verliest, beseft dat hij risico’s moet gaan nemen die eigenlijk onverantwoord zijn. „Op de Colle dell’Agnello zag ik voor het eerst dat Kruijswijk wat slecht zat”, legde Nibali zaterdag uit, nadat zijn ‘onmogelijke’ wederopstanding had voltooid. „Ik heb toen nog eens extra gas gegeven om hem onder druk te zetten in de afdaling. Daar is hij niet supersterk. En daar maakte hij zijn fout.”

Voorzitter Eddy Lanzo van de plaatselijke wielerclub op het Italiaanse eiland verzon ooit de bijnaam ‘Haai van de Straat van Messina’ voor de jonge Nibali, die altijd op verrassende momenten aanviel, tot in de afdaling toe. Rake typering. De haai rook bloed op de 2.744 meter hoge Agnello en sloeg instinctief, razendsnel en meedogenloos toe. Nibaleone, jubelde de organiserende krant La Gazzetta dello Sport. Leeuw of haai, roofdier sowieso.

Woedend smeet Nibali een week geleden zijn fiets aan de kant, na pech in een mislukte klimtijdrit. Iedereen verwachtte van hem niets minder dan de eindzege, als bonus wachtte volgens de geruchten een topcontract bij een nieuwe ploeg uit Bahrein. En nu, een week voor het einde, leek alles reddeloos verloren. „Ik probeerde als favoriet alles te controleren maar dat was een fout”, analyseerde Nibali achteraf.

‘Vino’ bleef geloven in eindzege

Geloofde dan niemand meer in de kopman van Astana, eerder toch winnaar van Giro, Tour en Vuelta? Alleen ploegbaas Aleksandr Vinokoerov, verguisd wegens doping en omkoping, bleef onwankelbaar achter zijn kopman staan. „Sommigen zeiden dat het onmogelijk was 4.40 minuut terug te winnen maar wij zijn erin blijven geloven”, sprak Vino tegen Cyclingnews. De Kazak won met zijn ploeg de vierde grote ronde in vier jaar tijd.

Het geloof van Vinokoerov sloeg over. Ook in ogenschijnlijk kansloze positie gaven ploeggenoten als Michele Scarponi en Tanel Kangert alles om vanuit vroege ontsnappingen Nibali van dienst te zijn. Toen die ene kans kwam, sloeg de haai toe. „Dit is misschien wel de mooiste zege uit mijn carrière”, vertelde hij in Turijn.