Ik denk zwart-wit, niet grijs

Chief chocolate officer Henk Jan Beltman van Tony’s Chocolonely, fabrikant van ‘slaafvrije’ chocolade, is marketeer van het jaar. Volgens Chocolonely-bedenker Teun van der Keuken is de slavernij slechts toegenomen. „Ik ga hem verdomme laten zien dat het wel kan.”

Foto Andreas Terlaak

Autoverkoper

„In 2007 heb ik Tony’s Chocolonely zelf benaderd. Ik wilde een bedrijf overnemen dat een positieve impact heeft. Het is niet zo dat de goede businessplannen daarvoor voor het oprapen liggen. Maurice, de oprichter, vond me een principeloze commerciële autoverkoper. Ik zei: nou, als er iemand principes heeft ben ík het. We moesten leren om met elkaar om te gaan. We zijn allebei mannetjes. Parels gaan samen, diamanten niet, die vonken af en toe. Ik moest zijn vertrouwen winnen: plannen inleveren, laten zien dat ik volhardend ben. Hij was prikkelbaar, je bedrijf is toch je kleine hummel. Toen Tony’s in zwaarder weer kwam, kon ik af en toe helpen. Ik werkte hiervoor bij Innocent, van de smoothies. Ze hadden problemen met de logistiek en ik kon mijn netwerk aanspreken. Op een dag belden ze zelf terug. In 2011 heb ik 51 procent van het bedrijf gekocht. Dit is het gewoon. Ik wil dat Tony’s de volgende Ben & Jerry’s wordt.”

Kritiek

„In de documentaire Tony, die nu in filmhuizen draait, zegt Teun van de Keuken dat het „niets uitmaakt” wat Tony’s Chocolonely doet, slavernij in de cacaoketen is enkel toegenomen. Dat doet me echt pijn. Het is kritiek van binnenuit. Ik heb Teun heel hoog zitten. Ik kan aan de buitenwereld goed uitleggen wat we doen. We gaan schaal maken en dan krijgen we zoveel impact dat de industrie gaat kantelen. Dat geloof ik echt. Teun vindt dat naïef en arrogant. Hij vraagt: Je bent de ondernemer van het jaar, je krijgt een marketingprijs, maar wat heb je nou bereikt? Hij vindt mij vast een lastige jongen. Maar ik ga hem verdomme laten zien dat het wel kan. Toen ik Tony’s overnam werd er geen geld verdiend, er moest echt een volgende stap worden gezet. En nu zijn we na Milka de grootste chocoladefabrikant van Nederland. Natuurlijk zijn er vragen. Mag je winst aan jezelf uitkeren? Doen we goed of werken we voor onze eigen portemonnee? Ik vind allebei extreem belangrijk. Maar geld is een middel, impact is het doel. Dat slavernij nog niet is afgenomen in de cacao-industrie, betekent niet dat dit project is mislukt. Het is nóg niet gelukt.”

Geld

„Ik heb altijd goed willen verdienen. Mijn ouders hebben het erin gehamerd: Je moet voor jezelf zorgen, je moet je mannetje staan. Mijn opa overleed vroeg. Op zijn negentiende nam mijn vader de herenmodezaak over, samen met zijn broer van zestien. Mijn moeder was zeventien toen ze ging helpen. Ze hebben de winkel groot gemaakt, het zijn echte ondernemers. Ze hadden graag gezien dat ik de zaak overnam, maar ik wist al vroeg dat ik dat niet wilde. Ik heb geen liefde voor kleding. En ik wil niet wachten tot de klant binnenkomt, ik wil er zelf op af. Ik ben een webwinkel begonnen en scriptie.nl waar je scripties kon laten drukken en ik heb herenmode.nl en mannenmode.nl geregistreerd, daar een concept bij bedacht en dat weer doorverkocht. Het gaat bij mij eigenlijk vooral om de competitie. Ik wil beter zijn dan mijn omgeving. Ik was als student al taxichauffeur, anderen niet.”

Poetin-light

„De laatste keer dat ik ruzie had ging over de kleur van een wikkel. Ik wil harde kleuren, geen pastelletjes. Tony’s is van de harde kleuren. Drie keer raden wie er gewonnen heeft. Dat werknemers me Poetin-light noemen? Haha, tja. Ik heb een grote mate van respect voor mijn mensen, maar ik denk zwart-wit, niet grijs. Soms voelen mensen zich dan in hun eer aangetast. Maar het voordeel is dat er in dit bedrijf wel een hele duidelijke visie is. Dat is heerlijk om in te werken.”

Mislukking

„Wat niet is gelukt, is mijn privéleven, mijn relatie. Te druk? Dat is te makkelijk. Maar het was wel een consequentie van met oogkleppen op voor je doel gaan. Ik heb de afgelopen tijd veel keuzes gemaakt. Ik kook graag, maar dat is verschoven naar graag eten. Als je niet een halve dag, maar twee uur aan koken kunt besteden, wil ik het niet. Ik speel trompet, jazz, klassieke dixieland, maar dat doe ik ook niet meer. Als ik niet echt mijn best kan doen, vind ik het niet meer leuk. De kinderen hebben nu wel een heel actieve sportvader. Ik heb twee kinderen, Bente van 10 en Ties van 8. Die wonen vijf van de veertien dagen bij mij.”

Beroerte

„Na een beroerte kon ik zeven maanden niet praten. Een vergadering van het managementteam ging te snel. Je moet alles volgen, dan iets bedenken en dat dan nog formuleren. Ik was continu te laat. De lat lag daar en ik kon er niet meer bij. In het ziekenhuis kon ik me wel neerleggen bij die beroerte. Ik zag twee bedden verderop dat het ook niet goed kon aflopen. Maar ik kon me niet neerleggen bij artsen die zich niet aan hun afspraken hielden. Eén vroeg me na de beroerte of ik voor twintig co-assistenten een college wilde geven. Dat wilde ik wel, als hij achteraf zou komen vertellen wat de reacties waren. Ik heb daar stotterend mijn verhaal staan doen, maar die arts kwam niet meer terug, geen tijd. Toen heb ik wel duidelijk gemaakt dat dat echt niet kon.”

Promoveren

„Het is ruim een half jaar lang goed gegaan zonder mij. Tony’s heeft nu Eva Gouwens als algemeen directeur en ik ga me wijden aan uitbreiding naar Amerika en Engeland, aan het bouwen van een fabriek en aan een poging om te promoveren. Ik wil promoveren op hoe bedrijven een positieve sociale impact kunnen hebben. Tony’s Chocolonely financiert een leerstoel sociaal ondernemerschap aan de Universiteit Utrecht. Als je echt iets wil veranderen, moet je de kennis hebben. En het maakt nogal wat uit of Henkie van Tony’s iets vindt of een professor. Ik weet niet of ik dan precies bij die professor moet gaan promoveren, om belangenverstrengeling te voorkomen. Ik doe het ook om te weten of ik weer kan lezen en schrijven.”

Pretpark

„Nee, Tony’s gaat geen pretpark bouwen. De media hebben dat enorm opgeblazen. We gaan een fabriek bouwen, we weten nog niet precies waar, zodat we zelf onze eigen chocolade kunnen maken. Veel recepten lukken in onze keuken wel, maar ergens anders niet. Als we mensen kunnen laten zien hoe je chocolade maakt, worden ze enthousiast voor het product. En om toeristen te trekken willen we een achtbaan. Eén achtbaan. Geen pretpark. En ook geen chocoladewaterval, alleen een fontein waar je een lepeltje doorheen kan halen. We mikken op 300.000 tot 500.000 bezoekers. Het is echt een heel goed idee. En het kan! Ik ben een dan wel een mannetje, maar je kunt me geen grootspraak verwijten.”