‘Hier heb ik de Giro verloren’

Steven Kruijswijk verraste in de Giro. Maar één stuurfout, zijn eerste moment van onoplettendheid, sloeg de droom aan duigen.

Steven Kruijswijk verloor na een val zijn roze trui. Foto Tim de Waele/Corbis

Er zitten gaten in de roze trui van Steven Kruijswijk, ter hoogte van zijn rug en zijn zij. Hij ontdekt ze als hij zijn vingers erdoorheen steekt in een poging te voelen wat de schade aan zijn lijf is. Onder het roze zijn bloedrode schaafplekken te zien, net als op zijn linkerknie en -ellenboog, die gezwollen zijn als gevolg van zijn val op de Col d’Angel.

Vlakbij zijn hotel in de Franse finishplaats Risoul probeert Kruijswijk te beseffen wat er een uur eerder gebeurd is, gebogen over zijn stuur, met een hand voor zijn mond. „Kom maar even bij”, sust persman Leon Brouwer. Na twintig seconden richt hij zich op, nog altijd met de stang van zijn fiets tussen zijn benen. Zijn ogen staan dof. Kruijswijk heeft pijn aan zijn rug en ribben, de adrenaline begint uit te werken. „Kut”, is zijn eerste reactie. En meteen kan hij evalueren: „Ik heb een stuurfout gemaakt, waardoor ik alles heb verkloot. Aan het eind van die beklimming zat ik aan mijn limiet en daarna ging ik in de fout. Die val viel nog mee, maar mijn fiets was kapot. Ik heb hier de Giro verloren.”

Alle risico’s in de afdaling

Kruijswijk gaat geen historie schrijven. Tot vlak na de top van de Cimo Coppi, het hoogste punt van de ronde, verloopt het scenario perfect. Kruijswijk pareert weer eens alle aanvallen. Esteban Chaves en Vincenzo Nibali, de nummer twee en vier in het algemeen klassement op drie en zowat vijf minuten achterstand van Kruijswijk, nemen alle risico in de afdaling. Nibali, de beste daler van het peloton, kiest lijnen die Chavez nog maar net kan houden. Kruijswijk niet, door een moment van onoplettendheid, zijn eerste in tweeënhalve week tijd.

In een scherpe bocht naar links vliegt hij rechts een sneeuwwand in, die de eerste, harde klap opvangt als een stootkussen. Maar de knal op het asfalt, vol op zijn rug, kan hij niet voorkomen. Hij staat meteen op, checkt of zijn helm nog op zijn hoofd zit en springt snel weer op zijn fiets, die gehavend is. Hij heeft een nieuwe nodig en dat lijkt een eeuwigheid te duren. Pas als Kruijswijk de sneeuwgrens passeert, kan de auto van Lotto-Jumbo met Addy Engels aan het stuur bij zijn kopman komen.

Golven van opwinding en gruwel gaan door de perszaal in Risoul. Nibali en Chaves horen via hun oortje van de valpartij en rijden kop over kop om de voorsprong te vergroten. Achter Kruijswijk valt ook Ilnur Zakarin hard, hij ligt lange tijd in de foetushouding in de berm. De Rus, die zijn sleutelbeen en schouderblad breekt, was de ideale kompaan geweest om in de afdaling weer in de buurt van de koplopers te komen. Samen hadden ze een kans gemaakt.

In plaats daarvan rijdt Kruijswijk moedersziel alleen. Zijn ploeggenoten zijn in de beklimming te ver achteropgeraakt. Razendsnel loopt de achterstand van Kruijswijk op naar anderhalve minuut. Een renner van Cannondale die achterop was geraakt passeert hem alsof de roze trui er niet staat. Ook een grote groep met daarin Alejandro Valverde, derde in de rangschikking, gaat over Kruijswijk heen. Telkens ziet hij mannen in de verte verdwijnen, terwijl hij alles geeft, zijn handen diep in de beugels. Maar de energie in zijn benen stroomt naar waar het harder nodig is: zijn wonden.

Bob Jungels sluit dan aan met een groepje. Met hem kan hij samenwerken. Maar niemand wil voor Kruijswijk rijden. Het gat met Nibali, die ploegmaat Scarponi bij zich heeft, wordt steeds groter. Aan de voet van de Risoul, de slotklim, moet Kruijswijk Jungels ook laten gaan, een jongen die hij keer op keer uit het wiel reed deze Giro. „Ik probeerde te blijven geven, maar mijn moreel was gebroken”, zei hij na de finish.

Verlies van ruim vijf minuten

Kruijswijk verliest ruim vijf minuten op een ontketende Nibali, die de etappe wint en naar plaats twee klimt. Chaves neemt het roze over en verdedigt zaterdag een voorsprong van 1.05 minuten op Kruijswijk, die nog maar moet zien hoe hij van zijn valpartij herstelt, waarbij hij in ieder geval een breukje in een rib heeft opgelopen. De ploegleiders van Lotto-Jumbo zitten er verslagen bij. Addy Engels, vanaf een muurtje voor een afgebladderd hotel in Risoul: „Ik hoop dat Steven nog de Steven kan zijn van voor de val. Hij heeft laten zien dat hij dan tot bijzondere dingen in staat is.”

Een half uur nadat Kruijswijk gedesillusioneerd de lift van zijn hotel instapt, komt ploeggenoot Maarten Tjallingii naar buiten. Hij reed de Col d’Angel al eens af in de Tour van 2011. „Ik heb iedereen gewaarschuwd. Die afdaling is steil, je kan snel gaan driften.”