Column

Ze moeten Wilders ook altijd hebben

Mohammed B. had op de eerste procesdag in juli 2005 een Palestijnse sjaal om zijn hoofd geknoopt zoals de profeet dat zou hebben gedaan. Toen de rechters de zaal in kwamen, bleef de moordenaar van Theo van Gogh zitten. Hij keerde demonstratief zijn rug naar de rechtsorde. Daar keek niemand van op. Van te voren had hij laten weten: „Ik als gelovige laat mij leiden door de richtlijnen die Allah mij geeft. Ik heb niets te maken met wereldlijke wetten.”

Toen zijn vrienden van de Hofstadgroep een half jaar later voor de rechtbank verschenen, bleven de meesten ook zitten. Hun onverzettelijkheid kwam hen duur te staan: er vielen hoge gevangenisstraffen.

Ik moet aan hen denken als ik de lege stoel van Geert Wilders in de rechtszaal zie. Hij kwam donderdag niet opdagen in het minder-Marokkanenproces en zijn advocaat Geert-Jan Knoops gaf daar een reden voor: het is zinloos om te verschijnen, eerst moeten de 6.400 mensen die aangifte hebben gedaan tegen Wilders, als getuigen worden verhoord. Die zouden wel eens kunnen zijn geronseld. Daar is extra tijd voor nodig. Acht jaar ongeveer, schatte de officier van justitie, die Wilders dan ook vooral tijdrekken verweet.

Het is de zoveelste stofwolk die Wilders en zijn advocaat opwerpen.

Er is altijd iets dat de PVV-leider niet kan bereiken en waar hij op hoge toon pissig over is – ze moeten mij ook altijd hebben.

Eerst moest de rechter die zich in het openbaar kritisch had geuit over het vorige Wilders-proces worden vervangen. Daarna eiste zijn advocaat een diepgaand onderzoek naar zijn op geheimzinnige wijze uitgelekte pleitnota. En toen moest de rechtbank dus al die deskundigen en getuigen oproepen.

Zijn volgelingen slaan al dezelfde zielige toon aan. Donderdag zei Annette, beheerster van Facebook-community ‘Steun de PVV’ in deze krant dat ze haar pagina „uit woede” was begonnen omdat ze als PVV-stemmer nooit helemaal eerlijk kan zijn over haar politieke standpunten. Hoezo? Niemand snoert haar de mond toch?

De rechter die Mohammed B. in 2005 berechtte, Martien Diemer, zei donderdag in een afscheidsinterview dat hij nooit zicht had gekregen op diens wilsvrijheid. Een rechter die zijn tekortkoming belijdt tegenover een verdachte die zich tot het bittere einde op zijn geloof bleef beroepen. „Dan voelt levenslange celstraf wel armoedig”, concludeerde Diemer.

Misschien dat de rechters in het Wilders-proces over een paar jaar even manhaftig kunnen terugblikken. Voorlopig hebben ze de verdachte uitstel gegeven voor zijn verweer en mag zijn advocaat nog eens twintig getuigen laten horen. Wat Wilders weer eens presenteerde als een zwaar bevochten nederlaag („geen eerlijk proces!”), is een grootmoedige tegemoetkoming van de rechtbank.