Er zaten een paar ‘meepakkers’ in

Eerstejaars maakten voor NRC een eindexamen. Wat weten zij na een jaar nog? Vandaag de laatste aflevering: aardrijkskunde (vwo).

‘Bij mijn eindexamen vorig jaar haalde ik een 7,2 voor aardrijkskunde. Dus ik dacht: dit doe ik wel even. Maar dat ging niet. Ik zou echt weer even m’n boeken moeten pakken om alle stof door te nemen om de vragen te kunnen beantwoorden.

Het viel me op dat er veel vragen over begrippen in het examen stonden, meer dan vorig jaar. Toen hadden de toetsmakers meer inzichtvragen gemaakt, waarbij je je kennis moet toepassen. Dat is lastiger. Want je hebt bepaalde stof geleerd maar die komt niet direct terug in de vraag. Je moet zelf de verbanden zien.

Het examen van dit jaar begon met zo’n inzichtvraag – niet echt een lekker begin van een examen, overigens. Die vraag ging over centrumlanden en scheepsbouw. Nu heb je wel geleerd over periferie- en centrumlanden maar niets over scheepsbouw. Je zult dus met eigen inzichten moeten vertellen waarom en wat voor type schepen waar gebouwd worden.

Er zaten ook vragen bij die je kon beantwoorden zonder de stof ooit gezien te hebben, echte ‘meepakkers’. Zo moest je bij vraag 7 invullen welke kenmerken er bij een Central Business District (CBD) of een edge city horen. Nou, CBD hoort natuurlijk bij A. Er wordt meer gewerkt dan gewoond. En edge city hoort bij B. Ruim opgezet.

Vraag 5 was een echte kennisvraag. Met welk begrip wordt een stedelijk gebied met meerdere metropolen aangeduid? Het antwoord is megalopolis.

Online zag ik dat veel eindexamenkandidaten de laatste vraag moeilijk vonden. Mijn ervaring is dat toetsmakers aan het einde vaak een makkelijke vraag zetten, ‘een weggevertje’. Zodat je met een goed gevoel de zaal verlaat. Maar dat was dit jaar zeker niet het geval. Ik heb vraag 32 echt een paar keer moeten lezen. Het ging over besluiten om de kust te beschermen. En je moest aangeven waar en waarom Rijkswaterstaat voor strandsuppletie, vooroeversuppletie en geen zandsuppletie had gekozen.

Vorig jaar deed ik in twee vakken extra eindexamen. Frans ging slecht, daar had ik een 4,6 voor. Een herexamen mocht niet baten. Ik deed ook Tehatex (kunstgeschiedenis). Toen ik dat zelf nakeek met de antwoorden online, dacht ik dat ik een 5 had gehaald. Maar ik kreeg een 8. Zo zie je dat leraren antwoorden dus anders kunnen interpreteren, in dit geval in mijn voordeel.”