China niet gediend van ‘relikwie’ G7

Met een mengeling van zorg en irritatie volgt China de G7-top in Japan. Zonder de Chinezen wordt hier gesproken over zaken die hen direct raken, zoals de ontwikkeling van de wereldeconomie en de Zuid-Chinese Zee.

De leiders van de G7 worden donderdag begroet door Japanse schoolkinderen. China volgt de bijeenkomst van de leiders van rijke industrielanden met argusogen. Foto Doug Mills/Reuters

‘De G7? Ach, is dat niet een relikwie uit de 20ste eeuw?”, grijnst Song Guoyou, directeur van het Centrum voor Amerikaanse Studies van de Fudan-universiteit, een van China’s drie topscholen. Dat laat onverlet dat China de jaarlijkse bijeenkomst van de Groep van Zeven in Japan met grote argwaan volgt. „Tal van ‘Chinese’ onderwerpen, zoals de wereldeconomie en de Zuid-Chinese Zee, staan prominent op de agenda, maar China is er niet bij. „Dat is niet aanvaardbaar”, stelt Song, een voormalige Chinese diplomaat in de VS, vast. En met hem, de autoriteiten in Beijing en de media.

De hoogleraar internationale betrekkingen wijst zijn studenten er graag op dat de Chinese economie intussen groter is dan die van vier G7-landen (Duitsland, Frankrijk, Italië en het Verenigd Koninkrijk) samen. Hoewel het belang van de G7, goed voor bijna de helft van de wereldeconomie, is afgenomen, doet China alsof er van dit gezelschap een grote geopolitieke dreiging uitgaat. Overigens zijn ook de leiders van Indonesië, Vietnam, Tsjaad, Bangladesh en Sri Lanka door de Japanse gastheer Shinzo Abe uitgenodigd. Met name Vietnam, waar president Barack Obama eerder deze week enthousiast werd begroet, wordt steeds ongeruster over de opmars van China en het Chinese streven naar militaire hegemonie in de Oost- en Zuid-Chinese Zee.

G7-ambassadeurs gewaarschuwd

Hoogstpersoonlijk heeft de Chinese minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi de ambassadeurs van de G7-landen in Beijing deze week gewaarschuwd om, vrij vertaald, geen domme dingen te zeggen over kwesties die China raken. Daarmee doelt hij vooral op de Zuid-Chinese Zee, waar China op steeds grotere schaal aan landwinning doet om van deze internationale wateren een Chinese binnenzee te maken. China verwacht vooral van de Europese G7-leden dat zij Amerikaanse en Japanse pogingen om anti-Chinese verklaringen aangenomen te krijgen dwarsbomen.

Voorzitter Abe wil dat zijn collega’s, net als eerder hun ministers van Buitenlandse Zaken, de Chinese activiteiten in de naburige zeeën „intimiderend, manipulerend en bedreigend” noemen. Abe vindt, net als Obama en de Canadese premier Justin Trudeau, dat China in de Zuid-Chinese Zee, waar jaarlijks voor 5.000 miljard dollar aan goederen passeert, „de status-quo verandert, de rechtsorde ondermijnt en zorgt voor toename van spanningen”. Een verklaring in deze zin is voor China onaanvaardbaar.

Minister Wang zei het donderdag nog duidelijker: „Ieder land dat de elementaire feiten miskent en de Zuid-Chinese Zee gebruikt voor politieke doeleinden zal zijn goede reputatie in onze ogen ruïneren.” De ervaring leert dat Chinese leiders het zelden bij woorden alleen laten als zij ontstemd zijn geraakt.

De verzekering van president Obama dat het opheffen van het wapenembargo tegen Vietnam niet gericht is tegen China werd afgedaan als „een ongeloofwaardige leugen”.

Toon en woordkeuze zijn tekenend voor diplomatieke spanningen, die oplopen naarmate China meer militaire installaties, landingsbanen en gebouwen plaatst op de Spratly- en Paraceleilanden. Dat zijn de riffen, rotsen en zandbanken waarop ook onder meer de Filippijnen en Vietnam aanspraak maken.

Gevechtsvliegtuigen

En het blijft niet bij woorden: twee Chinese gevechtsvliegtuigen probeerden onlangs een Amerikaans patrouillevliegtuig uit het luchtruim te verjagen en kwamen heel dicht in de buurt. En de VS hebben het aantal demonstratieve marinepatrouilles opgevoerd. Volgens militaire experts is het risico van incidenten sinds 2013 substantieel toegenomen.

De opwinding over een mogelijke G7-verklaring past in een campagne om steun te verwerven voor China’s activiteiten, in de aanloop naar een uitspraak van het Permanente Hof van Arbitrage in Den Haag over de juridisch-technische vraag of de Chinese activiteiten onder het zeerecht vallen. In totaal zouden al veertig landen China steunen in ruil voor leningen, markttoegang en directe financiële ontwikkelingshulp, ook bij een veroordeling door het hof.

„Wij zijn bereid met alle landen te onderhandelen over territoriale geschillen, ook met Japan”, legt Song Guoyou uit. „Maar daar willen wij niet de VS bij betrekken, want die zijn geen direct belanghebbende. Dat China het vrije scheepvaartverkeer zou willen controleren is onzin. Vrije doorgang is in ons strategisch belang.”

Het is precies andersom, denkt Song juist. „Amerika kan niet aanvaarden dat de tijd van het mondiale leiderschap aan het aflopen is en China een opkomende grootmacht is.” Volgens hem zal China nooit een oorlog beginnen. Maar het machtige wapen van de economie zal wel worden ingezet. „Ja, we beschikken over sterke geo-economische wapens”, erkent hij.