Theater en dans Plottenbakker zonder weerga

De invloed van William Shakespeare (1564-1616) op de toneelgeschiedenis is even groot als die op de taal en de literatuur. De ‘bard’ uit Stratford-upon-Avon, die naast 38 toneelstukken ook nog 154 wonderschone sonnetten schreef, was een plottenbakker zonder weerga, een romantische kunstenaar avant la lettre, een moralist die nooit echt moralistisch was. Zijn invloed is zo alomtegenwoordig dat we van idioom als fair play, household name en into thin air niet eens meer beseffen dat het van Shakespeare afkomstig is.

In de negentiende eeuw vernieuwde Richard Wagner het genre van de opera met zijn doorgecomponeerde, vaak episch lange muziekdrama’s. Hij legde de basis voor de atonale muziek door zijn experimenten met wisselende toonaarden en dissonanten. Zijn liefde voor grote orkesten, nieuwe instrumenten en veelomvattende harmonieën beïnvloedde componisten van Mahler tot Debussy en van Ennio Morricone tot Phil ‘Wall of Sound’ Spector, en zijn theorie van het Gesamtkunstwerk, waarin muziek, poëzie, toneel, beeldende kunst en architectuur tezamen kwamen, werd door velen in praktijk gebracht.

Anna Pavlova (1881-1931) wordt gezien als de grootste ballerina aller tijden, alleen al dankzij haar onconventionele, niet-academische stijl en haar onnadrukkelijke gratie. Vierduizend keer danste ze ‘De stervende zwaan’, maar voordat Michail Fokine de beroemde solo voor haar schreef, had ze al een grote carrière gemaakt in het Keizerlijk Russisch Ballet in Petersburg. Daarna danste ze in de Ballets Russes in Parijs, richtte ze haar eigen gezelschap op en ging ze wonen in Londen, waar ze de Britse ballettraditie een boost gaf. (PS)