Geen sprake van doofpot op Justitie? Maak dat de kat wijs

Van een doofpot was geen sprake, zo stelde de commissie-Oosting woensdag vast in een nader onderzoek naar de zogeheten Teevendeal. Er is niet doelbewust geprobeerd om het ontdekken van een document tegen te houden – geen kwade trouw of boos opzet. Geen bedrog van het parlement dus. Dat is een opluchting. Maar dan moet het wel waar zijn.

Volgens Oosting was de oorzaak ‘gewone’ incompetentie, maar wel van een ernst en omvang die grote zorgen baren. Er wordt sarcastisch aan toegevoegd dat een doofpot „organisatorisch vermogen en bestuurskracht” veronderstellen, waar het ministerie niet over beschikte. Te verkokerd, te politiek ongevoelig, te intern verdeeld. We moeten dus aannemen dat het ministerie geen doofpot kón organiseren. Dat is misschien een beetje veel gevraagd.

Uit het rapport doemt de figuur van topambtenaar Pieter Cloo op, een politieke benoeming van minister Opstelten, destijds als secretaris-generaal het veronderstelde ‘scharnierpunt’ tussen politiek en departement. Iemand die verantwoordelijk is voor, en dus op de hoogte van alle belangrijke kwesties die op het terrein van veiligheid en justitie spelen. Maar dat niet geweest zou zijn: Cloo zou intern geen gezag hebben en zou in deze cruciale kwestie op een zijspoor zijn beland. Cloo vertelde Oosting namelijk dat hij „geen herinnering heeft” aan een brisante mededeling die zijn directeur IT hem persoonlijk deed. Namelijk dat het bonnetje wel degelijk te vinden was. Dat was daags nadat minister Opstelten de Tweede Kamer vertelde dat die om IT-technische redenen onvindbaar zou blijven.

En dat ben je dan vergeten, als topman? Een deskundige in een sleutelfunctie roept ‘brand’ over een nog rokend, want net provisorisch geblust politiek dossier? En dat onthoud je dan niet, als ambtelijk eindverantwoordelijke? Maak dat de kat wijs.

Het spoor naar de ‘doofpot’ loopt dus officieel dood, maar de commissie laat terecht scepsis doorschemeren. Of Cloo begreep het gewicht van de mededeling niet, of hij liet de flagrante kwestie lopen. Wat evenmin te vatten valt. Dat de SG er voor wilde zorgen dat niemand ooit meer iets over deze kwestie zou vernemen is nog steeds evenzeer een aannemelijke verklaring. Selectief geheugenverlies en een slecht geweten liggen steevast dicht bij elkaar.

Maar veel doet het er allemaal niet meer toe. Alle verantwoordelijken zijn vertrokken of weg gerangeerd. Minister Van der Steur en een nieuwe SG proberen nu een cultuuromslag op het ministerie teweeg te brengen. Politiek zal er niet nog meer bloed vloeien, is de verwachting. Maar onbevredigend blijft het.