De echte wereld is grijs

Sylvana Simons en haar tegenstanders hanteren dezelfde tactiek: elkaar ontmenselijken. Zo is een inhoudelijk debat kansloos. „Alleen de rel haalt het nieuws”, schrijft Nelleke Hijmans.

Sylvana Simons en haar tegenstanders hebben iets gemeen – ze spelen op de man. Het is makkelijk, blijkbaar soms erg grappig en lijkt daardoor onschuldig. Het doet het ook goed in chocoladeletters ‘Sylvana staat achter arrestatie Ebru Umar’; ‘Tegenstanders Sylvana organiseren uitzwaaiactie’.

Het is een spel van elkaar diskwalificeren, ontmenselijken, met het doel het eigen geluid nog sterker te laten horen; als de ander buitenspel staat hoef je daar niet meer naar te luisteren, laat staan het debat mee aan te gaan, en is het slechts een kwestie van heel hard je eigen geluid laten horen.

Het doet een beetje denken aan kinderen die hun vingers in hun oren stoppen en heel hard ‘lalalala’ roepen. Ook zelden productief. De enige manier om je te wapenen tegen de diskwalificatie van de ander lijkt zelf nog sterker eroverheen gaan. Of de slachtofferrol aannemen. Beide opties leidden tot een negatieve spiraal met over en weer steeds lelijkere teksten.

Een inhoudelijk antwoord lijkt kansloos, wordt ook niet gehoord wanneer je als persoon al gediskwalificeerd bent. Zo is Sylvana ‘de varkensmuts van DENK’; haar tegenstanders zijn ‘racisten en Tokkies’. Niemand neemt de mening van de varkensmuts en de racist serieus, we horen hem omdat hij hard schreeuwt maar we luisteren er niet naar. Door elkaar zo weg te zetten hoeven ze nooit met elkaar in gesprek en wordt tegelijk de eigen achterban goed gevoed met verontwaardiging over het andere kamp.

Het zijn kinderen die hun vingers in de oren stoppen en hard ‘lalalala’ roepen

Tevreden kijkt de achterban naar hun ‘kamp’ waar hun leider het koste wat het kost voor ze opneemt, wanneer ook zij zich door het aantal classificaties van het andere kamp beledigd voelen. De modder over en weer leidt ertoe dat beide partijen niet meer op de inhoud gehoord, laat staan beoordeeld worden. Enkel de rel haalt nog het nieuws. Zo diskwalificeren beide ‘kampen’ zichzelf.

Bovendien nodigt deze manier van ‘communiceren’ uit tot zwart-witte stellingnames waar weinigen zich werkelijk in kunnen vinden; de echte wereld is nu eenmaal grijs. De grijzen onder ons haken af. Het resultaat is polarisatie, maar bovenal vervreemding van politiek en politici. Hoe we met elkaar omgaan op straat past niet meer bij wat we deze mensen horen verkondigen.

Sylvana Simons heeft dan ook een punt wanneer ze stelt dat er een hoop mensen zijn die zich niet thuis voelen bij hun politieke vertegenwoordiging. Tegen de ‘gevestigde orde’ in de ‘verbinding’ zoeken, zoals ze claimt te willen doen, klinkt als een nobel streven. Maar als zij de spelregels overneemt, stelt ze eigenlijk meteen teleur. Dan hoeft niemand haar op wat voor grond dan ook te diskwalificeren – dat doet ze zelf al. Ze stapt binnen een week in hetzelfde frame van de ander diskwalificeren, in plaats van het eigen geluid is de ‘uitzwaaiactie’ voer voor verontwaardiging in het DENK-kamp. Zo schrijft ze: „Die bagger […] is institutioneel racisme, hypocrisie, xenofobie en onverbloemd haatzaaien.”

Andersom is het standpunt over de arrestatie van Umar voer voor het andere kamp: „Sylvana is een uitgenaste poseur” (was getekend Jan Dijkgraaf). De achterban klapt. De kiezer haakt af – we komen geen stap verder.

    • Nelleke Hijmans