Beeldcultuur Avonturen met tekstballonnen

In deze categorie was het het makkelijkst kiezen: gewoon de beroemdste vertegenwoordiger van ieder genre. In de film is dat regisseur Alfred Hitchcock, die na een Europese carrière zijn uitzonderlijke talenten – psychologisering, opbouwen van spanning, sick jokery, uitserveren van horroreffecten – te gelde maakte in Hollywood. Hij was vernieuwend in cameravoering en montage, maar ook door de verbindingen die hij legde tussen seks en dood. De hedendaagse horrorfilm zou er zonder Hitchcock heel anders uitzien; net als de psychologische thriller, de spionagefilm en, als we zijn grootste fan François Truffaut mogen geloven, de moderne Franse filmgeschiedenis.

De invloedrijkste stripmaker is Georges Remi alias Hergé. In de Kuifje-strips (1930-1976) vertelde een Europeaan voor het eerst een lang avontuur in een vormentaal met tekstballonnen, wolkjes, sterretjes en hulplijntjes die snelheid en beweging suggereren. Hergé was een meester in het verzinnen van een spannende plot, het opzetten van running gags en het scheppen van kleurrijke bijfiguren; maar het was vooral de kwaliteit van de tekeningen, de ‘klare lijn’, die generaties tekenaars zou beïnvloeden.

Als je de pioniers van het genre (Niépce, Daguerre) niet meerekent, is Henri Cartier-Bresson de beroemdste fotograaf uit twee eeuwen ‘schrijven met licht’. Gewapend met een Leica 50mm-camera ging hij de straat op om de wereld in volle beweging te vangen, want een foto ‘kon de eeuwigheid in een enkel moment vastleggen’. Met Robert Capa en David Seymour was hij een van de oprichters van Magnum Photos (1947), een coöperatie die zou uitgroeien tot het beroemdste fotopersbureau ter wereld. (PS)