Moslimdiscriminatie komt vaker voor dan gemeld

Geweld, bedreiging en vijandige bejegening van moslims komen vaker voor dan uit meldingen bij politie en antidiscriminatiebureaus blijkt. Vooral vrouwen met een hoofddoek zijn vaak slachtoffer van moslimhaat, blijkt uit het kwalitatieve onderzoek ‘Islamofobie in zicht’, in de regio Rotterdam-Rijnmond, dat vandaag aan de Rotterdamse burgemeester Aboutaleb wordt aangeboden.

Het onderzoek werd uitgevoerd door de islamitische koepelorganisatie Spior in 2015 en het eerste kwartaal van 2016. Mensen die zich gediscrimineerd voelden, konden dat melden, via internet, telefonisch of ze konden langskomen. De organisatie ontving 231 meldingen. Alleen als ze konden worden geverifieerd en op ernst beoordeeld, werden ze meegeteld: uiteindelijk ging het om 174 meldingen. Meer dan de helft ervan (52 procent) betrof vijandige bejegening, zoals uitschelden op straat.

22 procent ging over ongelijke behandeling, bijvoorbeeld ontslag wegens het dragen van een hoofddoek. 14 procent van de meldingen betrof geweld of bedreiging, bijvoorbeeld het aftrekken van een hoofddoek of het gooien met eieren naar leerkrachten van een islamitische basisschool.