Recensie

Fraai landschap van kleur en schaduw

De Nederlandse kunstenaar Jan Dibbets grijpt in het Stedelijk Museum terug op oud conceptueel werk.

Jan Dibbets: ‘S3 Horizontal’, digitale print op dibond, 2012 Foto dirk limburg

Het klinkt als het tegendeel van spectaculair. De Nederlandse kunstenaar Jan Dibbets (1941) - de oude meester van de ‘perspectiefcorrecties’ - grijpt in vier zalen van het Stedelijk Museum in Amsterdam terug op oud conceptueel werk, op een serie foto’s uit 1976 en 1979 van vier glanzend gelakte auto-onderdelen: motorkappen, portieren om precies te zijn.

Die foto’s drukte Dibbets in 1976 af op wat toen het maximale formaat was: zo’n veertig bij vijftig centimeter. Maar ruim dertig jaar later - in 2010 - waren druktechnieken zo geavanceerd geraakt dat de kunstenaar dacht: wat bereik ik met uitvergrotingen? Wat gebeurt er als ik iets wat relatief klein is, verander in iets dat reusachtig is?

Het is altijd een heikel experiment: wordt een kunstwerk beter als je het formaat ervan opblaast? Vaak niet, maar in het geval van Dibbets’ New Colour Studies, zoals het werk heet dat tussen 2010 en 2014 is ontstaan, is dat wel degelijk zo. De nieuwe uitvergrotingen en uitsneden - digitale prints op dibond - zijn geen loze gebaren van een kunstenaar die door grootheidswaan is bevangen, maar intens mysterieuze landschappen van kleur en schaduw.

Het begin ligt bij vier foto’s van een autochassis. Soms liggen druppels op het metaal, soms is het beeld verticaal gekanteld. Slechts één keer valt een klein stukje van een zijspiegel te herkennen, slechts één keer ook komt een serienummer in beeld (een 304 – een Peugeot). Alle aandacht gaat verder uit naar het platte vlak, de lijnen, het reliëf in het gelakte materiaal, het spel van licht en schaduw. De foto’s, met zijn vieren naast elkaar tentoongesteld, ademen duidelijk de onderzoekende sfeer van de jaren zeventig.

In de nieuwe werken is de referentie naar auto-onderdelen volledig verdwenen, opgeslorpt door het formaat van de digitale prints. De onderzoekende sfeer is gebleven maar het effect is nu veel lyrischer. Als gevolg van het grote formaat, ontstaat een serie abstracte landschappen in kleur.

Bij S 3 Red Horizontal uit 2012 bijvoorbeeld is het alsof je in een rood kolkende watermassa kijkt. Doe je een stap achteruit, dan doemt een rode planeet op met een horizon en bergen in de lucht. Ook het tweeluik Diptych Black (1976-2012) bevat die sciencefiction-achtige kwaliteit: alsof je kijkt naar een springlevend, zwartgeblakerd bos. Zo zijn er meer voorbeelden van experimenten in grootte, van twee- tot zevenluik.

Het interessante van deze zorgvuldig ingerichte maar helaas karig toegelichte tentoonstelling is dat de nieuwe kleurstudies voortdurend uitnodigen tot vergelijken. Je loopt heen en weer van oud naar nieuw, van vroeger naar nu en weer terug. Je proeft, vergelijkt en ziet dat nieuw fris fonkelt – nog steeds, ondanks de hoge leeftijd van de kunstenaar.

Tentoonstelling