‘Meer aanleg autisme bij 35-plus vaders’

Oudere vaders krijgen iets vaker een kind met psychische ziekte. Ligt het aan het sperma? Nee, ook aan aanleg bij de vader.

Kinderen met een vader van 35 jaar oud hebben 20 procent meer kans op autisme en schizofrenie dan kinderen met een vader van 25. Vaak wordt geopperd dat zulke psychiatrische ziekten het gevolg zijn van DNA-fouten die ontstaan bij de productie van het sperma.

Maar er is ook een andere verklaring, schrijven genetica- en psychiatrie-onderzoekers van de University of Queensland (Australië). Hun artikel is maandagmiddag gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Nature Genetics.

De Australiërs suggereren dat oudere vaders, vaker dan jonge vaders, een erfelijke aanleg hebben voor psychiatrische ziekten. Door die aanleg hebben ze vaker lichte levensproblemen, waardoor ze later aan kinderen beginnen.

Het artikel gaat in tegen de heersende opvatting dat psychiatrische ziekten bij oudere vaders vooral komen door nieuwe genetische mutaties in verouderende spermavormende cellen. Zulke mutaties worden aangetoond nu het bepalen van DNA-volgorden steeds makkelijker en goedkoper is.

Die verklaring is biologisch heel plausibel, schrijven de Australische onderzoekers. In hun inleiding zetten ze alle feiten op een rijtje. Mannen maken hun hele leven vers sperma. Die spermacellen ontstaan door deling uit stamcellen die bij iedere deling nieuwe mutaties kunnen oplopen. Dat gebeurt in een tempo van 1 à 2 mutaties per cel per jaar. Bij die spermadelingen ontstaan vooral puntmutaties. Er verandert of verdwijnt dan één DNA-letter. En juist dat type mutaties veroorzaakt vaak psychiatrische ziekten.

Vrouwelijke eicellen hebben dat niet, want die worden vrijwel allemaal al voor de geboorte gevormd. Genanalyses bij kinderen hebben aangetoond dat driekwart van hun ‘nieuwe’ DNA-mutaties (die niet bij een van de ouders aanwezig was) ontstond in DNA-code die oorspronkelijk van de vader kwam.

Argumenten genoeg dus. Die verklaring duikt op in de meeste reviews over het ontstaan van psychiatrische ziekten, schrijven de Australische onderzoekers. Maar ongenoemd blijft dat kinderen van heel jonge vaders (en van tienermoeders) ook meer kans op schizofrenie hebben.

Het kan zo zijn dat heel vroeg of wat later ouderschap een gevolg is van een latente psychiatrische stoornis, opperen de Australische onderzoekers. Veel mensen hebben een genetische aanleg voor schizofrenie maar lang niet iedereen krijgt de ziekte.

De Australiërs laten met rekenmodellen zien dat de mutatiesnelheid in sperma niet groot genoeg is om de toename van psychiatrische ziekten bij te verklaren. En dat een gezamenlijke erfelijke aanleg net zo waarschijnlijk is. Beide mechanismen zullen wel een rol spelen, schrijven ze.