Recensie

De meest geliefde opera is niet spectaculair, maar gewoon goed

OperaZuid bestaat dit seizoen 25 jaar en viert dat met Italiaanse operaklassiekers. De feeststemming werd afgelopen week verstoord door negatieve beoordeling van de Raad voor Cultuur: de laatste producties zouden van ‘matig niveau’ zijn. Maar het gezelschap krijgt een herkansing.

La Bohème van Puccini is een van de meest geliefde en meest gespeelde opera’s uit het repertoire. Geen gedurfde keuze, maar geschikt om publiek mee te trekken. Dat het verhaal, spelend in kringen van sappelende kunstenaars, actuele waarde heeft, werd nergens benadrukt. Deze versie had een vertrouwde fin-de-siècle-aankleding, met hier en daar een grappige scenografische vondst. De vriendschap van de kunstenaars werd levendig getekend, de kermisensembles in het Quartier Latin waren geslaagd.

OperaZuid manifesteert zich als instituut voor talentontwikkeling. Meerdere zangers braken door. Ook deze cast was grotendeels sterk. De licht ontvlambare affaire van Musetta en Marcello bezat de meeste sprankeling, met uitstekende vertolkingen door sopraan Anna Emelianova en bariton Marcel van Dieren. Sopraan Héloïse Koempgen-Bramy (Mimì) kleurde in de duetten mooi met tenor Adriano Graziani (Rodolfo). Hoogtepunt was de scène in de sneeuw waarin de parallelle liefdesgeschiedenissen uitliepen op adieu (links) en seks (rechts).

Matig? Misschien wat gewoon, maar wel gewoon goed.