Uitgeschakelde Haase blijft monter in nare periode

Roland Garros Zijn coach zit vast op verdenking van moord, zijn lichaam hapert af en toe en Robin Haase verloor in de eerste ronde van de Amerikaan Jack Sock. Toch ziet de beste tennisser van Nederland perspectief.

Alastair Grant/AP

Medelijden is het laatste waar topsporters op zitten te wachten. Excuses achteraf zien ze meestal als zwak verhaal. Dus ging Robin Haase na zijn nederlaag in de eerste ronde van Roland Garros niet klagen over zijn tegenstander Jack Sock, een Amerikaanse bullebak die een paar keer recht in zijn gezicht keihard „come on” brulde. „Ik hoef daar verder niet op te reageren”, zei Haase koeltjes. Ja, de umpire had moeten ingrijpen. „Maar ik heb me er niet door laten afleiden. Ik denk dat je alleen naar de reactie van het publiek moet kijken.”

Op de intieme baan twee waren veruit de meeste toejuichingen voor Haase, hoewel hij maandag de vijfde set verloor in een partij die zondag bij 2-2 in sets was afgebroken wegens regen. Sock, nummer 25 van de wereld, werd ondanks zijn 6-3, 7-5, 3-6, 6-7 en 6-2 zege uitgefloten. „Uiteindelijk verlies ik”, concludeerde de beste tennisser van Nederland. „Maar de morele winnaar was ik, denk ik. Het publiek was geweldig. Vandaag waren er veel Nederlanders, maar gisteren al waren de Fransen op mijn hand. Dat gaf me wel één of twee kippenvelmomenten.”

Zolang mijn lichaam het volhoudt wil ik door. Ik ben nog lang niet klaar

Robin Haase

Ook voor Haase, momenteel 86ste op de wereldranglijst, geen excuses of medelijden. Maar als het hem toch wordt gevraagd, nee, mentaal is hij momenteel niet op zijn best. In maart werd de zakenman Koen Everink thuis in Bilthoven vermoord, die als fan de afgelopen jaren de wereld rondreisde met spelers van het Nederlandse Davis Cupteam. Bij thuiskomst van een toernooi in Miami werd later de coach van Haase, Mark de J., gearresteerd als verdachte. Hij zit nog altijd vast. Haase: „Het blijft een nare en moeilijke periode. Mentaal gezien waren de afgelopen weken niet denderend. In zoverre kan ik wel trots zijn op deze wedstrijd.”

De bizarre moordzaak is ook op Roland Garros nooit ver weg. „Vandaag is er ook weer iemand mij er over aanspreekt voor de wedstrijd. Die wil het erover hebben. Ik heb het er al duizend keer over gehad. Maar je zegt niet even: ‘sorry, ik kan niet, doei.’ Je behandelt mensen met respect en probeert ze te woord te staan. Maar dat maakt het niet makkelijker.”

Hervonden frivoliteit

En dan is er zijn noodgedwongen zoektocht naar een nieuwe coach. „Vanaf het moment dat ik zonder coach zat, ben ik gelijk mensen gaan bellen voor de periode tot en met Roland Garros. Zodat ik daarover rust in mijn hoofd had en niet hoefde te stressen.” Hij werkte met de ervaren Raymond Knaap en zijn jeugdcoach Jos Koemans. Met zijn vader als begeleider won hij in Boekarest van topspeler Bernard Tomic. Kwartfinale, „mijn beste resultaat.” In Parijs wordt hij terzijde gestaan door voormalig topspeelster Kristie Boogert. Maar hoe verder richting Wimbledon en wellicht de Spelen van Rio?

Met zijn vorige coach, een generatiegenoot, sparde Haase veel op basis van gelijkwaardigheid. „Dat ging met Mark heel erg goed. Ik heb de afgelopen periode mijn spontaniteit, frivoliteit teruggevonden, speel meer zoals vroeger.” Heeft hij als ervaren speler nog wel een coach nodig die met hem meereist? „Ik ben nog lang niet klaar. Ik wil een coach die nog fulltime met me meegaat. Ik wil vol investeren om meer uit mezelf te halen.”

Zoals de 29-jarige Hagenaar ook veel over heeft voor zijn fysieke gesteldheid. „Ik investeer heel veel in een fysio en een osteopaat.” Loont die investering, met een chronische blessure aan de rechterknie? „Die knie blijft moeilijk. Ik kon gisteren na de regenpauze geen warming-up doen. Kon niet lopen, niet springen. Maar ik weet van mezelf: als ik die baan op ga, speel ik op adrenaline. Zolang mijn lichaam het op deze manier volhoudt, wil ik door. Al is willen niet altijd kunnen.”

Geen excuses, ook al deed hij de laatste twee nachten geen oog dicht omdat hij om de drie kwartier naar de wc moest. „Dan is er natuurlijk iets in je lichaam niet goed.” Let wel: „Ik zeg dit niet als excuus. Wel om aan te geven: alle energie gaat in die wedstrijd. Zo ga ik het hopelijk volhouden.”