Spoedeisende hulp weigert vaker patiënten

Brandbrief Ziekenhuizen slaan alarm omdat ze patiënten vaak niet kunnen helpen. „Het gaat een keer mis.”

Dagelijks kunnen ambulances niet terecht bij het dichtstbijzijnde ziekenhuis. Foto Tammy van Nerum

Patiënten kunnen geregeld niet op de spoedeisende hulp van ziekenhuizen terecht, omdat deze een opnamestop afkondigen. Afdelingen voor spoedeisende hulp van ziekenhuizen en ambulancemeldkamers in Noord-Holland en Flevoland slaan deze maandag in een brief aan minister Schippers (Zorg, VVD) alarm over de veelvuldige patiëntenstops. Dagelijks kunnen ambulances met hun patiënten niet terecht bij het dichtstbijzijnde ziekenhuis. De ambulances moeten naar een ander ziekenhuis rijden, wat tijdverlies en daardoor mogelijk gevaar voor de patiënt oplevert.

Vorig jaar kondigden de spoedeisendehulpafdelingen van 19 ziekenhuizen in Noord-Holland en Flevoland 2.300 keer een opnamestop af. Drie jaar geleden gebeurde dat nog maar 430 keer. Het komt voor dat alle ziekenhuizen in, bijvoorbeeld, Amsterdam tegelijkertijd een stop voor de spoedeisende hulp of de eerste harthulp afkondigen. Ambulances moeten dan uitwijken naar andere steden. „Als er niets verandert, gaat het een keer mis”, schrijven traumachirurgen en de voorzitter van het Regionaal Overleg Acute Zorg in de ‘brandbrief’ aan Schippers, gemeenten en zorgverzekeraars.

Een opnamestop wordt afgekondigd wanneer alle behandelkamers van een spoedeisende hulp bezet zijn en de zorg voor patiënten niet meer gegarandeerd kan worden. Ziekenhuizen in Noord-Holland en Flevoland melden dit via het Acuut Zorgportaal – een online systeem waar ook de ambulancemeldkamers op aangesloten zijn. Wanneer de meldkamer een opnamestop signaleert, wordt dat doorgegeven aan de ambulances op straat, die dan een andere route kiezen.

‘Opnamestop is laatste middel’

Volgens Jan Luitse, hoofd van de spoedeisende hulp in het Amsterdamse AMC, is een opnamestop een laatste middel. Al vóór de instelling ervan is het eigenlijk te druk op de spoedeisende hulp en improviseert het ziekenhuis, „bijvoorbeeld door patiënten op de gang te leggen”.

Luitse stelt dat de opnamestops een „groot, landelijk probleem” vormen, dat „op termijn gevaar voor patiënten” kan opleveren.

Uit de brief blijkt dat ziekenhuizen en meldkamers de oorzaak van het probleem onder meer zoeken in de toename van het aantal oudere patiënten op de spoedeisende hulp. De schrijvers hekelen het kabinetsbeleid dat ertoe leidt dat voor 2020 naar schatting 800 van de 2.000 verzorgings- en verpleeghuizen gesloten worden.

„Met deze keuze gaat de regering voorbij aan het feit dat de bewoners van deze huizen daar zitten, omdat ze hulpbehoevend zijn […]. Huisartsen worden soms radeloos van machteloosheid omdat ze een zieke oudere patiënt thuis niet meer kunnen managen; de enige oplossing is dan nog het ziekenhuis.”

‘Amper voldoende personeel’

De kwetsbare ouderen kosten medewerkers van de spoedeisende hulp veel tijd, maar die is er eigenlijk niet. Uit de brief: „Er is amper voldoende personeel om de roosters rond te krijgen. Nieuw personeel vinden is moeilijk en moet ook eerst worden opgeleid. Er is zelfs een tekort aan uitzendkrachten. Er zijn dagen dat uitzendbureaus helemaal naar Limburg bellen om beschikbare verpleegkundigen te zoeken.”