Bloggen voor verandering in gewelddadig Burundi

In Burundi zijn nieuwe vredesonderhandelingen begonnen. De inzet is hoog, schetsen twee jonge bloggers. Een toekomst voor de jeugd of een allesverwoestende burgeroorlog.

Demonstranten raken vorig jaar mei slaags met de politie en het leger tijdens een demonstratie tegen president Pierre NBkurunziza, die kondigde aan een derde ambtstermijn te ambiëren. Foto Jennifer Huxta/AFP

Dacia Munzero (27) en Armel Gilbert Bukeyeneza (29) uit Burundi moeten op hun woorden letten. Ze kunnen niet zomaar in hun blogs president Pierre Nkurunziza aanvallen, en schrijven dat hij moet opstappen. Als ze te ver gaan in hun beschuldigingen, zullen ze ongetwijfeld worden opgepakt. Of ze moeten het land ontvluchten, zoals journalisten en enkele collega-bloggers eerder moesten doen.

Foto RNW

Dacia Munzero. Foto RNW Media

Maar Munzero kon het vorig jaar wel maken om de first lady van Burundi publiekelijk op te roepen de geweldsspiraal in haar land te stoppen.

De evenwichtskunstenaars Dacia Munzero en Armel Gilbert Bukeyeneza maken deel uit van het Burundese bloggersplatform Yaga (‘Vertel’ in het Kirundi). Dat werd vorig jaar februari opgericht om de jeugd van Burundi – 65 procent van de bevolking van 11 miljoen zielen is jonger dan 25 – een eigen stem te geven. Problemen als het structureel gebrek aan banen en ontplooiingskansen, falend onderwijs en slechte gezondheidszorg – daar ging het om in de discussies. Maar al gauw eisten politieke turbulentie en onveiligheid de aandacht op.

Verdwijningen

De 52-jarige president Pierre Nkurunziza, sinds 2005 aan de macht, speelt een cruciale rol. In april 2015 kondigde hij aan een derde ambtstermijn te ambiëren, in strijd met de grondwet. Protesten werden hardhandig neergeslagen. De repressie werd een maand later nog heviger na een mislukte staatsgreep, beraamd door kringen in het leger. De vrije media werden tot zwijgen gebracht.

Anno 2016 is de situatie nog steeds precair. Sinds vorig jaar zijn mogelijk vijfhonderd burgers gedood, meer dan een kwart miljoen mensen zijn naar buurlanden als Tanzania en Rwanda gevlucht. Het Internationaal Strafhof in Den Haag begon vorige maand een vooronderzoek naar grootschalige mensenrechtenschendingen. Al langer komen er berichten over verdwijningen van vooral jongeren. Vorige week nog zeiden de VN „diep bezorgd” te zijn over het opnieuw oplaaien van het geweld en het huis aan huis oppakken van burgers in de hoofdstad Bujumbura.

Wie in zo’n land informatie wil verspreiden, moet behoorlijk moedig zijn. En omzichtig opereren, zoals Munzero en Bukeyeneza onderstrepen. Onlangs waren ze in Nederland op uitnodiging van RNW Media (voorheen de Wereldomroep), dat het bloggerscollectief Yaga vanuit Nederland ondersteunt.

Waarom wordt Yaga niet aangepakt?

Bukeyeneza: „We zijn geen journalisten die elke dag op een redactie komen. Iedereen werkt vanuit huis. Elke blogger heeft zijn eigen mening. Sommigen hebben een waarschuwing gekregen, enkelen zijn het land ontvlucht na bedreigingen. Maar de meesten wonen in Burundi.”

Munezero: „We spreken ons uit, maar op een gematigde manier. We benoemen problemen, maar vallen geen mensen aan. Er zijn jongeren die zich verzetten tegen de regering en er zijn jongeren die de macht steunen. Beide partijen geven hun mening, maar ze moeten die wel beargumenteren.”

„Scheldpartijen, oproepen tot geweld worden geweerd. We proberen de balans te vinden.”

U bemiddelt eigenlijk tussen regering en oppositie?

Bukeyeneza: „Nee. We willen de stem zijn van de jeugd en worden gehoord door regering én oppositie. Jongeren aan beide kanten hebben dezelfde problemen. Economische problemen, gebrek aan banen, slecht onderwijs, uitvallende cursussen aan de universiteit. En natuurlijk wordt er geschreven over de politiek en onveiligheid.”

Waarom heeft de aankondiging van de president een derde termijn te ambiëren, zulke grote gevolgen gehad?

Bukeyeneza: „De crisis gaat dieper dan dat. Tien jaar geleden was er de hoop dat Burundi het goed zou gaan doen. Maar de balans is niet positief uitgepakt. Economisch en sociaal blijft Burundi onderaan schommelen volgens veel indicatoren. De frustratie daarover heeft zich in de loop der jaren opgestapeld. Toen de president zijn derde termijn aankondigde, zeiden veel jongeren en intellectuelen: het is nodig dat hij gaat.”

Munezero: „Door de aankondiging van de president zijn de dingen geëxplodeerd. Het doden is bijna normaal geworden, niet eens ’s nachts maar gewoon overdag. Vooral na de coup. Nog steeds.”

Vooral de aan de regeringspartij gelieerde jeugdmilitie Imbonerakure (‘Zij die ver kunnen kijken’) speelt een gewelddadige rol.

Munezero: „De media geven een onjuist beeld van Imbonerakure. Er zitten jongeren bij die kunnen nadenken en die rustig discussiëren. En er zijn jongeren die gewelddadig zijn. Hetzelfde geldt voor de oppositie.”

Bukeyeneza: „Natuurlijk zitten bij de jeugdliga ook gematigden. Maar u moet goed begrijpen: de regeringspartij is van oudsher een rebellenbeweging. Veel strijders zijn opgegroeid met oorlog en hebben nooit een goede baan gekregen. Ze worden ingezet om te intimideren.”

Foto RNW

Armel Gilbert Bukeyeneza. Foto RNW Media

Thans wordt geprobeerd in Arusha, Tanzania, opnieuw vredesoverleg op gang te brengen. Bent u hoopvol?

Munezero: „We hopen dat alle partijen echt gaan praten en werken aan een duurzame oplossing. Afspraken over het beëindigen van geweld zijn niet voldoende. De dieperliggende economische problemen moeten worden aangepakt. Economisch herstel, bouw, aanleg van wegen – dat zal jaren duren.”

Bukeyeneza:

„Of er komt een serieuze dialoog of we glijden verder weg naar een burgeroorlog.”

Met slachtingen zoals in het verleden tussen Hutu’s en Tutsi’s?

Bukeyeneza: „De kern van onze problemen zijn niet etnisch. Die zijn economisch. Maar Burundi heeft een verleden van etnische conflicten. Er zijn inderdaad mensen die de huidige crisis bekijken door een bril van het verleden.”

Munezero: „Sommigen willen er een etnisch probleem van maken. Ze willen de bevolking blijven manipuleren. Maar de kans dat ze daarin zullen slagen, is klein.”

„De mensen in Burundi zijn moe van het geweld, ze zijn arm, Hutu’s en Tutsi’s – we zitten allemaal in hetzelfde kamp.”