Column

Straatfeest

Olav Mol was de sportcommentator die voor Ziggo Sport verslag deed van de Grand Prix die Max Verstappen won. Dat verslag werd minstens even veel besproken als de zege zelf, al was het maar omdat Olav halverwege in huilen uitbarstte. „Jaren zit je naar dingen te kijken, te hopen. En daar is ’ie!” riep Olav snikkend, waarschijnlijk omdat hij zich ineens realiseerde: waar heb ik me al die tijd mee beziggehouden?

Het angstwekkende besef drong door dat hij voor hetzelfde geld jaren naar races had zitten kijken en dat er nooit een mooie winst in had gezeten. Dat hij nu alsnog van de zinloosheid van het bestaan werd gered – daar kwamen tranen van. En daarna de uitroep die direct legendarisch is geworden: „Johee! Johoo! Jo-fucking-ho!”

Hierna probeerde Olav nog wat aan algemene duiding te doen („Sportoverwinningen zijn zo mooi”), maar besloot eigenlijk meteen daarna: nee, ik kan hier niet rationeel over doen. Dit is het mooiste moment van mijn leven. Ik kan alleen maar vanuit mijn diepste gevoel uiting geven aan mijn vreugde. Dus was hij even stil, en sprak toen het enige woord dat zijn euforie kon overbrengen: „Straatfeest”.

Als je het geschreven ziet staan, denk je: waarom zegt iemand in godsnaam ‘straatfeest’ als er net een grand prix is gewonnen? Wat is dat voor saaie buurtbarbecue-associatie bij iets dat toch veel grootser is? Maar aan de orgastische toon van Olav hoor je: nee, ‘straatfeest’ komt uit een diepe laag van het onderbewuste van Olav. Ooit heeft hij op een straatfeest, tussen de verkleumde sateetjes, iets meegemaakt dat hem heeft gevormd als man. En daarom is ‘straatfeest’ het enige woord dat zulk diep geluk kan uitdrukken.

Max Verstappen zelf bedankte later alle fans, en dat klonk een stuk nuchterder. „Enorm trots natuurlijk”, klonk het. En „enorm speciaal”. Ook was het „gewoon helemaal super natuurlijk”, en „natuurlijk ongelooflijk”.

Maar hoe vaker Max ‘natuurlijk’ zei, hoe meer duidelijk werd: voor hem ís het ook natuurlijk. Volgens de wetten van de bescheidenheid moet hij wel zeggen dat zijn winst ongelooflijk is, maar hij gelooft het juist wel. Hij heeft hier vanaf zijn vroegste jeugd naartoe gewerkt, hij is de juiste man op de juiste plaats. Natuurlijk wint hij. „Heel speciaal en heel mooi om zoveel Nederlandse fans naast het circuit te zien”, zei hij enigszins plichtmatig. „Iedereen bedankt.”

Ons achterlatende met de gedachte: wie had je liever willen zijn: Max of Olav?

Johee, johoo.