‘Soms gaat hij terug naar kantoor voor de borrel’

Het leven van Art van Toor (38) en Janneke Vroom (36) speelt zich af op één vierkante kilometer in Amsterdam: wel zo gemakkelijk. „We doen veel zelf, terwijl we allebei toch fulltime werken.”

‘Papa, dat is jouw toren’

Art: „Ik begin op vrijdag al om zeven uur ’s ochtends met werken, zodat ik Fiene ’s middags om twee uur uit school kan halen. Dat vinden ze op mijn werk geen probleem: ik compenseer het op genoeg andere momenten. Ik werk bij Van Lanschot Bankiers. Kort gezegd houd ik me bezig met de risico’s die de bank loopt. Mijn werk is hier vlak achter het Beatrixpark, op vijf minuten fietsen. Doordeweeks breng ik de kids meestal naar school. Dan loop ik tegen half negen de school uit en zit ik om tien over half negen achter mijn bureau.”

Janneke: „Ik werk bij EY, dat zit ook op de Zuidas. We werven op jaarbasis veel mensen. Ja, dat is best wel een fabriek die we draaien. De school van Fiene en de crèche van Jolijn zitten ook allebei op de Zuidas, in hetzelfde gebouw.”

Art: „Kindercampus Zuidas heet het: crèche, naschoolse opvang, en basisschool in één. We kunnen ze dus mooi aan hetzelfde adres afleveren. Allebei kunnen we vanuit ons kantoor het schoolplein van de kinderen zien. En de kinderen kunnen vanuit het klaslokaal de torens zien. ‘Papa, dat is jouw toren, mama dat is jouw toren’, zeggen ze dan. Dat is wel grappig.”

Eén vierkante kilometer

Janneke: „Ons leven vindt eigenlijk plaats op één vierkante kilometer, dat maakt het wel gemakkelijk. We doen heel veel zelf, terwijl we allebei toch fulltime werken. We hebben wel een oppas, die komt op vrijdag.”

Art: „En een schoonmaakster. Onze ouders helpen in noodgevallen, als de kinderen een keer ziek zijn.”

Janneke: „We doen het ook echt samen. Art strijkt, bijvoorbeeld.”

Art: „Dat hoeft niet in het artikel!”

Janneke: „Ik raak echt geen strijkijzer aan. We hebben het niet zo zwart-wit afgesproken, maar hij heeft gewoon heel veel overhemden.”

Art: „Op zondagavond sta ik meestal overhemden te strijken en dan komt Janneke: ‘Ik heb nog een jurkje’.”

Janneke: „Koken doet hij ook meestal, ik op de woensdag.”

Art: „Ik vind het leuk om in het weekend naar de Albert Cuyp-markt te gaan, een visje te halen, en daar wat moois mee te maken. We hebben nu ook zo’n maaltijdbox. Of we er heel blij mee moeten zijn weet ik niet, want de meisjes eten er nog steeds niet van. Die willen gewoon kale groenten en kale pasta.”

Janneke: „Nou, ik ben wel meer gaan koken door die box. Want er zit een receptje in – dan weet ik wat ik moet doen.”

Getrouwd in Artis

Janneke: „Ik denk dat wij één keer in de twee weken afzonderlijk van elkaar eten, met vrienden.”

Art: „Soms hebben we een oppas, zodat we even lekker samen uit eten kunnen of naar de bios.”

Janneke: „Dat is maar één keer in de drie weken. In het weekend willen we vaak iets met de meisjes doen.”

Art: „Naar Artis op zondagmorgen, we hebben een jaarkaart.”

Janneke: „We zijn getrouwd in Artis, dus die sponsoring vinden we leuk.”

Art: „Je moet vroeg gaan, om negen of tien uur, anders is het hartstikke druk. Negen van de tien keer gaan ze toch naar de speeltuin, die beesten hebben ze inmiddels wel gezien. En voor je het weet moet je weer naar zwemles.”

Janneke: „Op zaterdag is het meestal boodschapjes doen in de buurt, opruimen. Sinds kort heb ik tennisles om half twee, daarna drinken we meestal wel een drankje. Als Jolijn ook naar school gaat, zou ik op woensdagochtend willen sporten. Of samen ook eens een weekendje weggaan. Het kan nu wel, maar het is veel geregel.”

Art: „Als je nu een keer op je telefoon zit te kijken, voel je je gewoon bijna schuldig.”

Janneke: „Echt? Maar jij kan heel goed de krant lezen!”

Art: „Het kán wel.”

Een gelijkwaardige relatie

Janneke: „Soms gaat Art op vrijdag terug naar kantoor voor de borrel.”

Art: „Je proeft op borrels nog wel eens dat mensen trots zijn tot tien uur op kantoor te zitten. Dat moet eruit, lijkt mij. Dat is echt niet gezond. Zoals wij het samen doen? Dat zou ik niet volhouden als een van beide elke avond tot tien uur op kantoor zit.”

Janneke: „Dat vind ik ook zo knap van jou. Als je laat zien dat je het echt goed doet, merk je dat het uiteindelijk wel kan.”

Art: „Ik heb tijdens mijn sollicitatie gezegd: ‘Ik wil heel graag hard werken, maar ik heb wel een beetje flexibiliteit nodig, met twee kinderen’.”

Janneke: „Jij werkt zeker drie avonden per week tot half elf door. Ik zit dan vaak Netflix te kijken.”

Art: „Ik vind het wel leuk om het op deze manier te doen. Dan ben je ook gelijkwaardiger in je relatie.”

Janneke: „Jij wordt ook niet boos als ik een keer moet overwerken. Het is gemakkelijk te denken: ‘Ik ga minder werken’, met kleine kinderen. Maar het is niet zo dat het automatisch moet. Je moet je carrière en elkaar even belangrijk vinden. Dat je niet zegt: ‘Mijn carrière is belangrijker dan die van jou’.”