‘Mijn kinderen hebben mensen vermoord

De vader van Meryem en Ilyas was gescheiden van hun moeder, en had niet in de gaten wat er met zijn kinderen gebeurde. De AIVD wel. Maar die waarschuwt ouders niet als kinderen willen afreizen naar Syrië. „Ik heb slecht nieuws: uw zoon is gesneuveld.”

Hoessein: „In de ogen van mijn dochter ben ik een afvallige, want ik neem geen deel aan de gewapende strijd.” Foto Merlijn Doomernik

Er zijn momenten dat Hoessein met warme gevoelens aan zijn dochter Meryem denkt. Zoals de dag dat hij de zijwielen aan haar driewieler vastmaakte. De keren dat hij haar zwembandjes vasthield in het zwembad. Of toen hij haar broodtrommel opende op schoolreis.

Als Hoessein (54) aan dat soort momenten terugdenkt, krijgt hij een zachte blik in zijn ogen. Zijn indringende stem gaat over in een fluistertoon.

„Dat meisje krijg ik nooit meer terug”, zegt hij aan de keukentafel van zijn kleine benedenwoning in een dorp aan het Noordzeekanaal. „De gedachten aan Meryem worden steeds giftiger.”

Het verhaal van Hoessein ligt politiek gevoelig. Het vergt moed ermee naar buiten te treden, hij wil daarom niet met zijn volledige naam in de krant. „Het gaat niet om mij, maar om wat er kan gebeuren als we de ogen sluiten voor wat zich in de moslimgemeenschap afspeelt. Dit is een oproep tot waakzaamheid.”

Als Hoessein eind 2013 wordt gebeld door een onbekend nummer, neemt zijn leven een ingrijpende wending. „Bent u in de gelegenheid naar het politiebureau in Den Haag te komen”, vraagt een onbekende man. Hij wil niet aan de telefoon vertellen waarom het gaat.

Hoesseins ex-vrouw woont in die tijd met Meryem en hun jongste zoon Ilyas in Zoetermeer. Zelf bleef hij na hun scheiding in Utrecht wonen met de andere twee kinderen. Hoessein en zijn ex gingen in 2004 in harmonie uit elkaar, na een gearrangeerd huwelijk van zestien jaar.

Op het politiebureau vraagt een medewerker van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) of Hoessein weet waar zijn dochter Meryem is. „In Egypte”, antwoordt hij. De man schudt zijn hoofd. „Uw dochter zit in Syrië.”

Meryem (27) wilde zich in Egypte verdiepen in de islam, had zij haar vader verteld. Haar studie kraamverzorging was boeiend, maar geen levensvervulling. „Gek vond ik haar interesse voor religie niet”, zegt Hoessein, die zijn kinderen een moderne islamitische opvoeding gaf. „In Nederland lopen zó veel gelovige moslima’s rond met een moderne levensstijl. Ze studeren, shoppen met vriendinnen en veroordelen geweld. Zo zag ik mijn dochter ook.”

Maar die winterochtend, drie weken na haar vertrek, moet hij zijn beeld bijstellen. Meryem blijkt met haar vriend Salaheddine – die hoog op de terreurlijst staat – in IS-gebied te zitten. De twee leerden elkaar kennen in de Zoetermeerse Al-Qibla-moskee, waar prediker Mohamed Talbi radicale lezingen gaf. Meryem werd in de maanden voor haar vertrek door de AIVD geobserveerd.

De radicalisering van uw dochter was aan u voorbij gegaan?

„Terugkijkend zeg ik: er waren signalen. Het begon toen mijn ex een paar jaar na onze scheiding naar Zoetermeer verhuisde. Meryem, Ilyas en zij betrokken een flat met uitzicht op een kleine moskee. Ik zocht ze in het begin veel op. Dan bleef ik eten en soms slapen. Ik kwam en ging wanneer ik wilde. Na verloop van tijd merkte ik dat dat niet meer op prijs werd gesteld. ‘Prima dat je de dag met Ilyas doorbrengt, maar dan wel graag buiten de deur’, zei mijn ex op een dag. ‘Het is niet de bedoeling dat een man de hele dag bij zijn ex-vrouw rondhangt.’”

Ook zijn ex-vrouw radicaliseerde, wil Hoessein ermee zeggen, zij het minder snel dan Meryem. Zijn ex wist naar eigen zeggen niet dat hun dochter naar Syrië was afgereisd. Ze zou er ook niet mee hebben ingestemd, vertelde ze Hoessein. Maar ja, van de AIVD hoorde hij later dat zij zaken voor hem verborgen had gehouden. Zo verspreidde zij na het vertrek van hun dochter radicale ideeën bij woonkamerlezingen in Zoetermeer.

Meryem droeg al een hoofddoek toen haar ouders nog bij elkaar waren. Anders dan haar oudere zus kwam zij zelden in de disco als puber en droeg zij geen korte rokjes. Eenmaal in Zoetermeer vielen haar niet-religieuze vriendinnen een voor een af. „Er kwamen andere meiden voor in de plaats. Daarom dacht ik: zij heeft een goed sociaal netwerk.”

Is dat niet naïef?

Lange stilte. „Had ik eerder aan de bel moeten trekken? Ik worstel met die gedachte. Vooral één moment zal ik nooit vergeten. Ik ging mijn zoon ophalen in Zoetermeer. Ik liep bij een winkelcentrum, toen ik een vrouw in chador de Albert Heijn uit zag lopen. ‘Hé papa’, riep ze. Waarop ik half-grappend antwoordde: ‘Alleen de handschoenen ontbreken nog.’ Mijn dochter antwoordde dat ze die thuis had laten liggen. Ik knuffelde haar, maar kwam niet door de chador heen.”

Dat was vier maanden voordat Meryem naar Syrië afreisde. De inlichtingendiensten vertelden Hoessein later dat zijn dochter al een half jaar voor haar vertrek gezichtsbedekking droeg. Soms werd zij op straat in een burka gespot.

Mohamed Talbi, haatprediker in de moskee waar uw dochter kwam, was eerder al naar Syrië gereisd. Waarom heeft de AIVD niet ingegrepen?

„De veiligheidsdiensten zijn constant bezig met het volgen en afluisteren van moslims die radicaliseren, maar in degenen die uitreizen hebben ze weinig interesse. Ze willen vooral de netwerken in kaart brengen.”

Dat de Al-Qibla-moskee nog niet is gesloten noemt Hoessein „een grof schandaal”. „Het is een kweekvijver voor terroristen! Het bestuur dat er ten tijde van Talbi zat, zit er nu nog. Uit nieuwsgierigheid heb ik er ooit een preek bijgewoond. Ik schrok. Alle aandacht ging uit naar de slachtoffers in de Arabische wereld. Het Westen was de grote boosdoener.”

„Ik dacht dat je in Egypte zat”, zei Hoessein kort na zijn bezoek aan het politiebureau tegen zijn dochter. Voor die tijd belde ze hem met Egyptische nummers, daarna verscheen er een Syrisch nummer in beeld. „Ik wilde je geen pijn doen”, zei Meryem. Een antwoord dat Hoessein met triestheid vervult.

De twee hebben nog steeds contact, met tussenpozen. „In haar ogen ben ik een marionet van het Westen. Ik ben een afvallige, want ik neem geen deel aan de gewapende strijd. Meryem vindt dat ik moet gaan demonstreren tegen de luchtaanvallen in Syrië.”

Hun laatste contact dateert van eind maart. Via de app vertelde Meryem – die in Syrië twee dochters kreeg – dat ze boodschappen doet met een kalasjnikov. Toen Hoessein zijn afkeer uitsprak, zei ze dat ze het gesprek ging afbreken. „Ik moet vroeg op voor het vrijdaggebed, en daarna woon ik een onthoofding bij.”

Het vertrek van Meryem had niet voorkomen kunnen worden, denkt Hoessein. Ze was meerderjarig en leidde haar familie om de tuin. Maar dat geldt niet voor het vertrek naar Syrië van zijn ex-vrouw en hun toen 14-jarige zoon Ilyas, een jaar later. „De AIVD wist toen al dat mijn ex huiskamerlezingen gaf. En mijn zoon was leerplichtig.”

In het jaar voor hun vertrek gingen Ilyas en zijn moeder op vakantie naar Turkije. Achteraf hoorde Hoessein via familie van zijn ex dat ze Meryem hadden ontmoet bij de grens met Syrië. „Terug in Nederland werd er veel geskypet en geappt. Bekenden van Meryem in Zoetermeer haalden mijn ex over lezingen en preken in de Al-Qibla-moskee bij te wonen.”

Na het vertrek van Meryem hield zijn ex Ilyas bij hem weg, zegt Hoessein. „Dat heeft haar familie later aan mij opgebiecht.” Sinds Ilyas tien was sprak hij zijn vader wel vaker een paar maanden niet. „Ilyas wilde niet elk weekend naar mij toe. Pubergedrag, dacht ik. We zagen elkaar als het ons uitkwam.”

Groot was dan ook de schok toen hij vorige zomer bezoek kreeg van een AIVD-medewerker. De man had een map bij zich en haalde daar twee foto’s uit.

„Is dit uw zoon”, vroeg hij wijzend op een lachende jongen in vrijetijdskleding.

„Ja.”

„En dit?” Hij wees op een jongen in legertenue.

„Ja.”

„Dan heb ik slecht nieuws: uw zoon is gesneuveld. Veel sterkte. Als u ons nodig hebt, weet u ons te vinden.”

Wat weet Hoessein van de laatste dagen van zijn zoon in Syrië? Hij grijpt zijn mobiele telefoon en flipt door wat foto’s. Dan wijst hij naar een jongen met een masker voor zijn gezicht. Alleen de ogen zijn herkenbaar. Om hem heen staan leeftijdgenoten. Ze dragen wapens.

„U weet wie Jermaine W. is, oud-lid van de Hofstadgroep? Kijk, op deze foto staan Ilyas en Jermaine samen. Ze zijn vorige zomer omgekomen bij een bombardement. Ze bewaakten met vier anderen een wapendepot van IS-strijders.”

Wat ziet u als u inzoomt op de ogen van uw zoon?

„Het leven is uit zijn ogen verdwenen. Ik zie ijsblokjes.”

Is hij in staat tot moord?

„Hij moest een wapendepot verdedigen. Dan knal je de vijand toch neer als die zich meldt? Ik twijfel er niet aan dat mijn kinderen mensen hebben vermoord. Dat is de harde realiteit.”

Hoe reageerden uw dochter en ex-vrouw op zijn dood?

Hij zucht. „Ze zeiden dat ik niet moest treuren. Ilyas was als martelaar gestorven. Ik dacht dat ik zeeziek werd. Mijn oren leken vol watten. En dan moet ik oppassen dat ik geen ruzie krijg. Soms wordt het gesprek verbroken en heb ik een paar maanden geen contact.”

Om het verlies van zijn halve gezin te verwerken, meldde Hoessein zich aan bij het Platform Lotgenoten, een praatgroep voor ouders en partners van geradicaliseerde moslims die afreisden. De ruim twintig deelnemers wisselen ervaringen uit. Ze rouwen om het verlies van geliefden en geven lezingen aan hulpverleners, jongerenwerkers, onderwijzers en politie.

Drie weken geleden had de groep een gesprek met minister Asscher, vertelt Hoessein. „We vertelden allemaal ons verhaal en zeiden er ook bij dat wij ons niet gesteund voelen door overheidsdiensten. De AIVD neemt familie van IS-strijders niet serieus, terwijl die de signalen van radicalisering vaak als eerste oppikt.” Instanties werken volgens hem langs elkaar heen, wat de kans op een aanslag vergroot. „Voor ons is het niet de vraag óf die komt, maar wannéér.”

Hoe reageerde Asscher?

„Een moeder uit Zoetermeer vertelde hoe haar autistische zoon – hij is haar enige kind – geronseld werd. Ze beschreef de berichten die hij haar af en toe vanuit Syrië schrijft. Toen kreeg de minister een brok in de keel. ‘Dit raakt mij’, zei hij na afloop. ‘Ik ben ook vader.’”

Maar niet alleen de overheidsdiensten laten kansen liggen, zegt Hoessein. Ook de moslimgemeenschap zou meer van zich moeten laten horen. „De helft van de moslimouders houdt zich afzijdig. Ze steken hun kop in het zand.” Zoals de vader van zijn schoonzoon – Hoessein zocht hem op na de dood van Ilyas. „Hij zei dat ik moest accepteren dat mijn dochter voor een leven met Salaheddine in Syrië had gekozen. Toen ik hem vroeg waarom hij mij niet over hun vertrek had geïnformeerd, haalde hij zijn schouders op.”

Wat zou Hoessein doen als zijn ex-vrouw en dochter naar Nederland terugkeerden? Over die vraag hoeft hij niet lang na te denken. „Ze moeten eerst langs het OM. En ja, indien nodig zou ik hen aangeven. Ze mogen hun straf niet ontlopen.”

Kunnen mensen als zij weer worden opgenomen in de maatschappij?

„Om eerlijk te zijn: nee. Volgens een Arabisch spreekwoord bestaat het hart uit twee kamers: één van barmhartigheid en één van volharding. Mensen die anderen hebben onthoofd en verkracht, hebben die ene hartkamer voorgoed afgesloten.”