Column

Laten we een feestje vieren, mensen

Jongens, het gaat goehoed! Echt waar. Ik weet heus wel dat de ware intellectueel een pessimist is maar zien we door al het gesomber over onze economische toekomst nog wel het positieve bos? Volgens de saaie, opinieloze turvers van het Centraal Bureau voor de Statistiek bevinden we ons op dit moment in het economische kwadrant waar de zon schijnt. En niet een beetje. De ‘conjunctuurklok’ van het CBS staat op de hoogste stand sinds 2008. Investeringen nemen toe, ondernemers verwachten meer mensen aan te nemen, er zijn meer vacatures en het aantal werklozen per vacature ligt op het laagste niveau in vier jaar, en zo kunnen we doorgaan.

Er is meer goed nieuws. Hoofdeconoom Piet Hein van Mulligen van het CBS twittert er onophoudelijk over. Er zijn 57.000 minder mensen langdurig werkloos dan een jaar geleden. Meer flexwerkers krijgen een vast contract. Op de huizenmarkt – lange tijd de domper op de Nederlandse economie – houdt het herstel aan en stegen de prijzen sterker dan in de afgelopen acht jaar. En ook als je Nederland vergelijkt op van die typische kopzorgkwesties als vrouwen, ouderen en armoede, dan doen we het in de regel prima. Zo is de armoede onder ouderen alleen in Luxemburg lager. En analyseerde Van Mulligen in Het Financieele Dagblad: „Het aandeel vrouwen in topposities bij de grootste bedrijven stijgt en nadert het aandeel vrouwen onder fulltimers.” Kortom: we zijn een land waar het best goed gaat. Als u vast de champagne koud zet, haal ik wat hapjes. Het is eindelijk lente!

Nee hè? Dit betoog voelt niet goed hè? We geloven het niet. Hoogconjunctuur? Waar? Hoezo? Wie beweert dat? Ik zie soms op twitter mensen boos worden over goed economisch nieuws. Zo van: hoe dúrf je? Het gaat beter? Ben je gek geworden of zo?

We geloven het niet. Minister Jeroen Dijsselbloem had deze week direct zuinige woorden bij het nieuws dat de staatsschuld daalt: we zijn nog niet in financiële topconditie. De Europese Commissie zag onlangs bij de presentatie van meevallende groeicijfers overal risico’s. En zelfs het CBS had vorige week kanttekeningen bij de mooie cijfers.

Zijn we te pessimistisch geworden? Trappen we in de val dat we het recente verleden als waarschijnlijke toekomst zien? Zijn we zo gewend geraakt aan de crisissfeer dat we de zon niet zien, ook al schijnt hij recht in ons oog?

Of is er gewoon veel om over te somberen? De inkomens van gewone mensen groeien niet noemenswaardig. Er komen meer flexwerkers. Baan en toekomst worden onzekerder. Arbeid lijkt aan de verliezende hand, kapitaal wordt dominanter in de economie.

Hoe moeilijk het is om antwoord te geven op de vraag of we terecht somberen of niet bleek onlangs uit een artikel van The Economist. Daarin bepleitte het Britse blad opnieuw te kijken naar onze maatstaf voor economische welvaart, het bbp.

Ik verwachtte dat het blad zou betogen dat daarin de kosten van economische groei te weinig worden meegenomen, zoals die voor het klimaat. Dat we onze welvaart overschatten. Maar nee, The Economist betoogde dat we onze welvaart onderschatten. Een deel van de verbetering in onze levensstandaard zie je niet terug in het bbp: de waarde voor ons van diensten als die van Google en Facebook, de vooruitgang in gezondheid, de langere levensduur van een simpele lamp. We zijn waarschijnlijk te bezorgd over het achterblijvend inkomen van burgers. Onze levensstandaard neemt nog altijd toe, aldus het blad.

We zijn zo welvarend dat we het niet meer zien.