Hoe extreem is rechts in Europa?

Politieke taal Europese partijen op de uiterste rechterflank krijgen allerlei benamingen in de pers. Sommige, waaronder de PVV, staan in enkele landen zelfs te boek als ‘extreem-rechts’. Wat is voor deze partijen de juiste kwalificatie?

Stel dat Geert Wilders volgend jaar de grote winnaar van de verkiezingen is en zijn PVV de meeste Tweede Kamerzetels haalt. Hoe zullen buitenlandse media dat verslaan?

Afhankelijk van hoe populistisch ze zelf zijn, schrijven Britse kranten frasen als ‘far-right firebrand shocks the Netherlands’ of ‘anti-islam crusader triumphs in Dutch election’. Franstalige media zullen een dergelijke uitslag unisono benoemen als winst voor ‘l’extrême droite’. Ook Italiaanse en Vlaamse kranten beschrijven de PVV meestal als extreemrechts. Duitse media gebruiken de term ‘rechtsextremistisch’ juist zelden tot nooit voor Wilders en zijn Europese geestverwanten.

In Nederland wordt Geert Wilders amper als extreemrechts bestempeld. Niet door politicologen, heel soms door journalisten, nauwelijks meer door politieke tegenstanders. In de kolommen van deze en andere kranten is hij een populist, anti-islam, xenofoob, eurosceptisch en opportunistisch. Toepasselijke bijvoeglijke naamwoorden die wel zijn standpunten, maar niet zijn positie in het politieke speelveld helder maken.

Eind 2009 woedde een felle discussie over het al dan niet extreemrechtse karakter van de PVV. Die werd niet beslecht, maar de term verdween wel stilzwijgend uit de kranten. In een hoofdredactioneel commentaar in NRC werd gesteld dat het geen zin had om de PVV een dergelijk controversieel en niet volledig dekkend label op te plakken.

Over de partijen waar Wilders in het Europees Parlement mee samenwerkt – Vlaams Belang, Lega Nord uit Italië, het Franse Front National, KNP uit Polen en de Oostenrijkse FPÖ – zijn Nederlandse media makkelijker en niet altijd consequent. De NRC-correspondent in Frankrijk omschrijft Front National niet meer als extreemrechts sinds Marine Le Pen zich van haar antisemitische vader ontdeed. Andere redacteuren gebruiken die term soms nog wel. De correspondent in Oostenrijk ziet de FPÖ in een extreemrechtse traditie en de internationale opmars van populistische partijen ook.

Associaties met nazi’s

In Oostenrijk, waar de voorman van de FPÖ, Norbert Hofer, zondag een serieuze kans maakt president te worden, is ergernis ontstaan over het stempel ‘extreem-rechts’ dat zijn partij elders in Europa krijgt. Redacteur en columnist Anne-Catherine Simon van Die Presse wond zich na de eerste ronde van de presidentsverkiezingen vorige maand op over hoe Franse kranten de uitslag „eensgezind” als winst van extreemrechts bestempelden. Simon is half Frans, vertelt ze, en ze „schrok ervan dat mijn familie daar het idee krijgt dat met de FPÖ de nazi’s weer aan de macht komen in Oostenrijk”. Onder de FPÖ-oprichters in de jaren vijftig waren voormalige SS-officieren, maar „de laatste twintig jaar speelt het nationaal-socialisme geen rol meer, xenofobie wel”, zegt Simon.

Associaties met de Tweede Wereldoorlog, nazi’s en fascisten liggen bij de term extreemrechts altijd op de loer. Die link, bij FPÖ en Front National niet zonder historische aanleiding, is mede de reden dat de Britse UK Independence Party en de Alternative für Deutschland (nog) niet met deze partijen willen samenwerken.

Le Pen en Hofer moeten zich verdedigen voor hun fascistische wortels en enkele extreme leden. Wilders heeft alleen een verleden in de VVD en zijn partij heeft geen leden. Bovendien is hij uiterst pro-Israël, wat hem diskwalificeert bij mensen die écht extreemrechts zijn.

Wilders ontploft wanneer hij het label extreemrechts, nazi of fascist krijgt opgeplakt. Alexander Pechtold riep hem in 2013 op zich te distantiëren van neonazistische bezoekers van een PVV-demonstratie en van het Front National, met zijn „geschiedenis van antisemitisme”. Wilders pareerde dit meteen met een tegenaanval. Pechtold was een „een zielig, miezerig en hypocriet mannetje” dat niet mocht „insinueren dat wij iets met extreemrechts of met nazi’s hebben”, aldus Wilders. Toen hoogleraar bestuurskunde Paul Frissen eerder dit jaar zei dat Wilders „appelleert aan het fascistische discours”, kreeg ook hij de volle laag. De PVV-leider laat zich niet „demoniseren”, maar gebruikt de term ‘fascist’ wel voor anderen – hij maakte de Turkse president meer dan eens uit voor „islamofascist”.

Het is niet alleen de toorn van Wilders die maakt dat hij hier zelden het stempel extreemrechts krijgt. Politicologen zeggen dat zijn standpunten – en vooral zijn toon – over de islam, immigratie en de EU misschien extreem zijn, maar dat hem dat nog niet extreemrechts maakt. Deskundigen in binnen- en buitenland verwijzen allemaal naar het standaardwerk van Cas Mudde, Nederlandse politicoloog in Amerikaanse dienst, die de PVV in 2007 als „populistisch radicaal-rechts” heeft bestempeld.

„Het fundamentele verschil”, zegt Mudde aan de telefoon vanuit Athens, Georgia, waar hij hoogleraar is, „is dat extreemrechtse partijen anti-democratisch zijn. Dat kun je van Wilders niet zeggen.” De PVV is dan wel geen democratische partij, maar Wilders is groot voorstander van de parlementaire democratie. Hij wil niets liever dan het volk vertegenwoordigen. Ook schuwt hij het geweld waar extreemrechtse partijen, zoals Gouden Dageraad in Griekenland, juist toe aanzetten. „Wilders is misschien geen liberaal-democraat die staat voor rechten van minderheden, maar je kunt niet zeggen dat hij de democratie omver wil werpen. Hij heeft braaf meegedaan aan een minderheidsregering.”

Mudde heeft geen twijfel bij het stempel ‘rechts’, ondanks Wilders’ verschuiving naar links op sociaal-economische thema’s. „Die zijn bij hem altijd ondergeschikt geweest.” Wel blijft de politicoloog ook na de publicatie van zijn Populist Radical Right Parties in Europe worstelen met termen en definities. „Die zijn ook een kwestie van taal en geschiedenis van de verschillende landen”, legt hij uit.

Mudde: „In het Engels vatten we extreemrechts en radicaal-rechts samen onder de noemer far right. Maar uiterst rechts is in het Duits en Frans een rare term en is ook in Nederland niet aangeslagen. In de Verenigde Staten noemen we partijen die xenofobisch nationalisme als kernideologie hebben nativistisch, maar dat woord kennen we in het Nederlands eigenlijk niet. Ik zou de PVV als wetenschapper kunnen omschrijven als populist authoritarian nativist, maar dat bekt niet heel lekker. De voornaamste reden dat we radical right gebruiken is misschien omdat het niet alleen in de academische discussies werkt, maar ook in het publieke debat.”

Erfenis van Fortuyn

Dat publieke debat is in België en Frankrijk vrijwel doodgeslagen door het cordon sanitaire – waarbij Vlaams Belang en Front National worden uitgesloten, onder meer door ze extreemrechts te noemen. „In België doen we dat vrijwel klakkeloos”, zegt politicoloog Dave Sinardet van de Vrije Universiteit Brussel.

In Nederland is Fortuyn door politieke tegenstanders ook op zo’n manier weggezet, maar de moord op hem heeft Nederlandse media en politici er huiverig voor gemaakt Wilders op dezelfde manier buiten de orde te plaatsen, denkt Sinardet.

Bij gebrek aan beter lijkt populistisch radicaal-rechts de beste term om Wilders en zijn Europese vrienden te beschrijven. Een term die de verschillende elementen van zijn stijl en ideologie omvat, maar hem niet in een hoek zet waar hij niet thuishoort.