Teleurstelling en hoop na adviezen Raad voor Cultuur

Gisteren presenteerde de Raad voor Cultuur zijn advies over de Culturele Basisinfrastructuur 2017-2020. De instellingen met negatief advies blijven hoopvol.

Het Gelders orkest: ‘We gaan in overleg’ Foto René Knoop

Theater Utrecht, Jacques van Veen:

„Wij aten vanmorgen taart, serieus. We hadden niet verwacht dat het advies zo complimenteus zou zijn. De afwijzing hadden we verwacht. De raad moet zich houden aan de in de wet vastgelegde eigen inkomstennorm. We konden die niet halen. Wij zijn als directie pas eind 2013, bij de doorstart na het faillissement van De Utrechtse Spelen, begonnen. Van de voorstelling Een soort Hades hebben we door de verbouwing van de schouwburg in Utrecht veel voorstellingen moeten doorschuiven naar 2016. We praten al een tijd met het ministerie en rekenen erop dat de minister positief reageert op ons verzoek om een uitzondering te maken. Dat kan ze op basis van de zogeheten ‘hardheidsclausule’ in de wet.”

Hermine Voûte, de Appel:

„Wij zijn redelijk in shock, een groot deel van onze subsidie valt weg. Maar we zijn blij dat voorzitter Joop Daalmeijer van de Raad voor Cultuur aangeeft dat we een nieuwe kans hebben om een aanvraag in te dienen. Zolang wij de directeurspositie niet kunnen invullen omdat Lorenzo Benedetti in hoger beroep is gegaan tegen zijn ontslag, is het voor ons lastig om plannen voor na 2017 te maken. Dat heeft ons parten gespeeld. We zullen nieuwe plannen maken en daarbij ook zeker kijken naar samenwerkingsmogelijkheden met andere instellingen in Amsterdam.”

Wiebren Buma, Gelders Orkest:

„We zijn erg teleurgesteld. Als je het advies goed leest zie je dat we veel complimenten krijgen over de koers die we varen sinds de bezuinigingen. Het voelt alsof we ondanks uitstekende cijfers op ons rapport toch blijven zitten. We gaan in overleg met provincies, gemeenten en onze collega’s van het Orkest van het Oosten. We werken met dat orkest al goed samen en zien ook veel kansen om dat te intensiveren zonder dat een fusie nodig is. We hopen dat de minister ons meer tijd wil geven. Een externe adviseur lijkt ons niet nodig.”

Bart van Meijl, Orkest van het Oosten:

„Er is in het advies sprake van één symfonische voorziening voor het oosten. Dat hoeft niet één orkest te zijn. We zullen samen met de collega’s in Gelderland zoeken naar een vorm die recht doet aan de behoefte in het landsdeel oost en aan de positie van beide orkesten. We werken al heel goed samen, laten we geen gedwongen huwelijk sluiten.”

Ellen Walraven, Theater Rotterdam:

„We zijn ongelooflijk trots dat ons productiehuis één van de drie is die de raad heeft uitgekozen uit vijftien kandidaten. En dat we daar 5 ton voor krijgen. Natuurlijk is het jammer dat de raad de rest van onze plannen nog onuitgewerkt vond en ons geen 2,6 miljoen euro wil toekennen maar 1,6 miljoen. Die plannen schreven we een half jaar geleden, toen we nog aan het prille begin stonden van onze nieuwe fusie-instelling. Ik ga een aangepaste begroting schrijven en een nieuw plan. We moeten ons bezinnen op wat we met dit lagere bedrag kunnen aanpakken.”

Guus Beumer, Het Nieuwe Instituut:

„De raad noemt onze visie interessant, maar heeft opmerkingen over de vertaling van die visie in activiteiten. Ik heb de neiging pragmatisch te reageren: dat zullen we aanscherpen. De governance is een thema dat ze bij elke instelling aan de orde stellen. Wij hebben de afgelopen tijd daar veel aandacht aan besteed, maar kennelijk staat dat niet duidelijk genoeg in onze aanvraag.”

Arno van Roosmalen, Stroom:

„Ik ben behoorlijk verontwaardigd. Vier jaar geleden kregen we de rijkssubsidie niet omdat we in de jaren ervoor te weinig eigen inkomsten hadden. De afgelopen jaren hebben we ruim aan de norm voldaan, maar we krijgen een negatief advies. We hebben een begroting ingediend waarin we toekomstige sponsorinkomsten en bijdragen van private fondsen voor projecten niet hebben meegenomen. Dom. De Raad heeft begrijpelijk, maar ten onrechte, geconcludeerd dat we verwachten weinig eigen inkomsten te genereren. We hopen dat we dat recht kunnen zetten.”