SER-commissie: persoonlijk pensioen is stabieler

Sociaal Economische Raad De grote vraag is of er genoeg draagvlak is voor een individueel pensioen bij de achterban van de vakbonden en de linkervleugel van de Tweede Kamer.

Het persoonlijke pensioen is niet significant hoger, wel stabieler Illustratie Arjen Born

Het is een grote stap in de hervorming van het Nederlandse pensioenstelsel die zorgvuldig is voorbereid. Na ruim een jaar onderzoek presenteert de Sociaal Economische Raad (SER) deze vrijdag een nieuwe pensioenvariant: een persoonlijke pot waarbij de risico’s wel collectief worden gedeeld.

En daarmee begint tegelijkertijd een nieuwe ronde in de nationale pensioendiscussie. De grote vraag is of er genoeg draagvlak is voor een individueel pensioen bij de achterban van de vakbonden en de linkervleugel van de Tweede Kamer.

Het kabinet zal voor de Tweede Kamerverkiezingen in maart 2017 geen grote pensioenhervormingen meer doorvoeren. Maar staatssecretaris Jetta Klijnsma (Sociale Zaken, PvdA) wil voor het zomerreces nog wel richting hieraan geven in een nota over de toekomst van het stelsel.

Prototype

Er is consensus dat het stelsel van aanvullende pensioenen op de AOW moet worden hervormd. De pensioenen zijn gevoelig voor de lage rente en de verdeling van pensioengeld tussen jong en oud is ongelijk. Het stelsel sluit niet aan op de flexibiliserende arbeidsmarkt en biedt weinig ruimte voor maatwerk en keuzevrijheid.

Bij het persoonlijk pensioen van de SER bouwt iedereen individueel pensioen op en niet in één grote pot. Een groot verschil met het huidige stelsel, is dat deelnemers altijd kunnen zien wat ze daadwerkelijk hebben opgebouwd. De financiële risico’s van beleggingen, de stijgende levensverwachting, arbeidsongeschiktheid en vroegtijdig overlijden blijven in deze variant wel collectief gedeeld.

Na doorrekening blijkt het persoonlijk pensioen „zeer interessant”, zeggen SER-voorzitter Mariëtte Hamer en Kees Goudswaard, voorzitter van de Commissie Toekomst Pensioenstelsel, in een interview met NRC. Het persoonlijke pensioen is niet significant hoger, maar wel stabieler. De kans op een daling is wel kleiner dan bij andere varianten.

Casinopensioen

Het rapport van de SER is een verkenning en nadrukkelijk geen gezamenlijk gezamenlijk advies. Werkgevers en vakbonden zullen zich ook nog niet unaniem scharen achter persoonlijke pensioenpotten. Die oproep deed D66-Kamerlid Steven van Weyenberg deze week in NRC.

Binnen de FNV zijn ook voorstanders van behoud van het huidige stelsel, maar dan zonder garanties om meer beleggingsvrijheid te hebben. Ironisch genoeg lijkt deze variant op het reële ‘casinopensioen’, waar de FNV in 2011 bijna door scheurde.

De strategie van de SER is om opnieuw de dialoog te zoeken en rustig draagvlak te creëren. Achter de schermen is al door vele partijen meegewerkt aan het rapport, zoals het Centraal Planbureau, de Pensioenfederatie, pensioenuitvoerders APG en PGGM, het Actuarieel Genootschap en pensioendenktank Netspar.

Actuele discussies over keuzevrijheid – zoals het kiezen van je eigen pensioenfonds en beleggingsrisico – heeft de SER in dit rapport buiten beschouwing gelaten. Over het vraagstuk van zzp’ers die geen of nauwelijks pensioen opbouwen gaat een nieuwe SER-werkgroep zich buigen.