Erdogan wil parlement zuiveren van ‘terroristen’

De Turkse president wil de onschendbaarheid van parlementariërs opheffen. De Koerdische oppositie wordt dan getroffen.

Turkse agenten, in burger gekleed, raken slaags met demonstranten tijdens een protest tegen de gevechten die plaatsvonden in het parlement tussen leden van de AKP en HDP, begin mei. Foto Ozan Kose/ AFP

Minder dan een jaar nadat de Democratische Partij van de Volkeren (HDP) er voor het eerst in slaagde in het Turkse parlement te komen, dreigen 50 van de 59 parlementariërs te worden vervolgd. De politieke partij die is voortgekomen uit de Koerdische beweging staat zwaar onder druk.

Deze vrijdag stemt het Turkse parlement voor de tweede keer deze week over een grondwetswijziging die de onschendbaarheid van volksvertegenwoordigers zou opheffen. De wetswijziging, op voorstel van de regerende AKP, zou alle volksvertegenwoordigers raken tegen wie het parlement een onderzoek heeft ingesteld. Dat zijn alleen oppositieleden. Koerden zijn oververtegenwoordigd.

HDP-parlementariërs stellen zich volgens president Erdogan en andere AKP-politici op als „dienaren van terreur” en moeten daarom worden vervolgd. Met name uit toespraken die ze buiten het parlement houden, zou blijken dat de HDP de verboden Koerdische Arbeiderspartij PKK helpt en dat parlementsleden zouden aanzetten tot geweld. De PKK is verantwoordelijk voor een reeks recente terreuraanslagen in Turkije.

Beschuldiging van terrorisme

Volgens de HDP draaien de mogelijke vervolgingen „in alle gevallen om de vrijheid van meningsuiting”. De partij verwerpt beschuldigingen van terrorisme. Partijleider Selahattin Demirtas zegt niet te zullen meewerken aan berechting, omdat de rechtbanken niet onafhankelijk zijn. „Je kunt ons arresteren, maar we zullen niet uit eigen beweging komen.”

Mensenrechtenorganisaties en een groot deel van de Europarlementariërs roepen Turkse parlementsleden op tegen de grondwetswijziging te stemmen. Uit de manier waarop regeringsvertegenwoordigers de wet presenteren blijkt hoe gepolitiseerd de vervolging is en dat leden van de HDP het doelwit zijn.

„Oppositie hoort integraal bij democratieën en is een kernwaarde van de EU”, staat in een verklaring van leden van het Europarlement, onder wie Turkije-rapporteur Kati Piri. Het debat over het opheffen van de immuniteit en het vervolgen van parlementariërs raakt zo de kern van de controverse die het vluchtelingenakkoord tussen de EU en Turkije doet wankelen.

Brussel eist dat Turkije zijn antiterreurwet aanpast. Het is een voorwaarde voor het opschorten van de visumplicht voor Turken die als toerist naar Europa willen. De Turkse regering weigert dit met een verwijzing naar de grote terreurdreiging. Er worden geregeld aanslagen gepleegd, zowel door leden van Islamitische Staat als door de PKK. Het probleem met de wet is echter niet zozeer het gebruik tegen terroristen, als wel de ruime mogelijkheden die de tekst biedt om ook anderen aan te pakken.

Geheime stemming

Het parlement is zeer verdeeld over de grondwetswijziging. In de eerste stemronde, dinsdag, waren 348 van de 550 parlementariërs voor het voorstel. Dat is genoeg om er een referendum over te organiseren, maar net niet om de wet meteen te wijzigen. De stemming was geheim.

Ook binnen de regerende AKP verschillen de meningen. Dat blijkt onder meer uit een Twitter-account dat sinds kort wordt gezien als een van de spreekbuizen van Erdogan en dat in een paar weken tijd 94.000 volgers heeft gekregen. De parlementariërs die dinsdag tegen zouden hebben gestemd, onder wie premier Davutoglu, worden er met naam en toenaam uitgemaakt voor verrader.